opinie

Lage lonen houden te weinig over van opslag

Wim Coumans

Dat de overheid loonsverhogingen voor lagelonentrekkers afroomt, is ethisch, economisch en politiek uit den boze.

De werkgeversorganisatie Voka pleit voor een maandelijkse Vlaamse loonkostensubsidie van 100 euro netto voor wie een brutomaandloon onder 2.500 euro heeft. Dat vergroot het verschil tussen een werkloosheidsuitkering en het netto-inkomen uit arbeid. Het pakt de werkloosheidsval aan. Ook onder meer UGent-arbeidseconoom Stijn Baert bepleit zo’n maatregel.

©Dominic Verhulst / Dotch.be

De jongste decennia werden al heel wat verminderingen van personenbelasting (fiscaliteit) en socialezekerheidsbijdragen (parafiscaliteit) selectief toegekend aan lagelonentrekkers en hun werkgevers. Die verminderingen dalen naarmate het loon van de begunstigden stijgt, anders zouden het geen selectieve verminderingen zijn. Die afbouw maakt dat van wat een werkgever aan opslag voor zijn medewerkers met lage lonen spendeert, slechts een heel beperkt deel bij de begunstigde werknemer terechtkomt. Om het technisch uit te drukken: de selectieve lastenverminderingen leiden tot een verhoging van de fiscale en parafiscale druk op die lage lonen. Dat zou ook zo zijn bij realisatie van het Voka-voorstel. De werkloosheidsval maakt dan plaats voor een ‘promotieval’.

Als een werkgever 100 euro voor een loonsverhoging op tafel legt, gaat in ons land een derde naar zijn werk- nemer en twee derde naar de overheid.

Uit OESO-cijfers blijkt dat België de wereldrecordhouder fiscale en parafiscale druk op lonen is. Voor nagenoeg alle loonniveaus die de OESO bekijkt, bedraagt die druk in ons land ongeveer 66 procent. Als een werkgever 100 euro op tafel legt voor een loonsverhoging, dan gaat een derde naar zijn werknemer en twee derde naar de overheid.

Taxshift

Recentelijk berekende de studiedienst van Financiën hoe hoog de fiscale en parafiscale druk op loonsverhogingen zal zijn na de integrale uitvoering van de taxshift. Voor werknemers met een minimumloon - 1.650 euro per maand - zal die druk ongeveer 80 procent bedragen. Van 100 euro werkgeverskosten bij een opslag voor een minimumloner gaat slechts 20 euro naar de begunstigde werknemer, en 80 euro naar de overheid. De implementatie van het Voka-voorstel zou onvermijdelijk ook voor werknemers met een loon net boven 2.500 euro de fiscale en parafiscale druk op opslag fors verhogen.

De verlaging van de fiscale en parafiscale druk op de minimumlonen lijkt me een prioriteit van de eerste orde

Werknemers die in een sociale huurwoning wonen of studerende kinderen ten laste hebben, verliezen nog meer van hun loonsverhoging wegens de stijgende sociale huurgelden, de hogere inschrijvingsgelden en de lagere studietoelagen. En met straks het nieuwe Vlaamse kinderbijslagstelsel op kruissnelheid verliezen ze misschien ook nog de sociale toeslag van dat stelsel.

De rechtstreekse en onrechtstreekse afroming door de overheid van loonsverhogingen voor lagelonentrekkers vind ik om ethische, economische en politieke redenen niet kunnen. De verlaging van de fiscale en parafiscale druk op de minimumlonen lijkt me een prioriteit van de eerste orde. In veel gevallen is een loonsverhoging een beloning voor een kwantitatief of kwalitatief grotere inspanning van een werknemer. Die heeft er recht op dat een billijk deel van die loonsverhoging in zijn loonzakje belandt.

Lees verder

Tijd Connect