opinie

Loonplafond bij overheidsbedrijven is demagogisch

Met de overstap van Proximus-CEO Dominique Leroy naar het Nederlandse KPN steekt de discussie over het loonplafond weer de kop op. De overheid laat zich beter inspireren door gedegen onderzoek met betrekking tot motivatie en beloning van topmanagers dan door emotionaliteit en profilering.

Laat ik starten met een Jamberiaanse vraag: wat drijft hen, de CEO’s? We weten dit. Vlerick Business School voerde samen met het netwerk Business Leaders hierover onderzoek bij Belgische en Nederlandse CEO’s. Ze worden gedreven door 4 factoren: de uitdagingen in de job, het gevoel om vooruit te komen met het bedrijf, de trots om voor het bedrijf te werken, en de ethische standaarden van het bedrijf.

©RV DOC

Deze heilige viervuldigheid staat in schril contrast met het beeld dat nogal eens wordt opgehangen over CEO’s, dat het graaiers zouden zijn. Geld komt inderdaad niet voor in dit lijstje. We hebben trouwens een methodologie gebruikt die aan sociale wenselijkheid in de antwoorden geen kans heeft gegeven.

Uit ander internationaal Vlerick-onderzoek bleek bovendien dat de bedrijven die op lange termijn betere resultaten neerzetten, op het vlak van de beloning van hun topmanagement worden gekenmerkt door één woord: bescheidenheid. Een relatief lager salaris, een kleiner variabel gedeelte, en een kleinere hefboom in het variabel gedeelte.

Programmeren

Bedrijven die het beter doen, geloven er dus niet in dat je je CEO kan programmeren via een bonussysteem. Laat ons trouwens ook inspiratie opdoen bij onze nationale trots en motor: onze familiebedrijven en kmo’s. Ook daar zie ik als belangrijkste beloningsfilosofie: niet te gek doen.

Stel de 2.250.000 euro die de vorige CEO van KPN heeft verdiend even tegenover de 748.000 euro van Leroy en u beseft dat het water heel diep is

Je zou dus nog gaan denken dat de overheid groot gelijk heeft als ze een loonplafond instelt voor de CEO’s van Proximus en Bpost. Zo eenvoudig zit de wereld nu ook weer niet in mekaar. CEO’s hebben immers, net als iedereen, een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Om zich ervan te vergewissen dat ze rechtvaardig beloond worden, gaan ze zich vergelijken met wat andere CEO’s verdienen (die drang tot vergelijking geldt trouwens voor elk van ons).

Stel dat Leroy even de remuneratierapporten van haar eigen Proximus en het ‘nabije’ KPN ter hand zou nemen, wat ziet ze dan? In 2018 heeft ze bij Proximus een vast salaris verdiend van 523.000 euro, en een bonus van 225.000 euro, die gespreid in de tijd wordt uitbetaald. Haar tegenhanger bij (het iets grotere) KPN is naar huis gegaan met 657.000 euro vast salaris, een bonus van 704.000 euro, en ook nog een aandelenpakket ter waarde van 135% van het vast salaris, weliswaar onderworpen aan bijkomende prestatievereisten.

Opbod

Stel nu even de 2.250.000 euro die de vorige CEO van KPN dus heeft verdiend tegenover de 748.000 euro van Leroy en u beseft dat het water heel diep is. Ik wil daarmee zeker niet gezegd hebben dat er een opbod moet komen, wel dat CEO’s willen worden betaald in lijn met hun (markt)waarde, zoals eenieder. Maar daarnaast volg ik wel de redenering dat er vandaag een veel te sterk verband bestaat tussen het salaris van de CEO en de grootte van het bedrijf. Dat moet worden bekeken, maar verlangen dat Proximus en zijn raad van bestuur dit solo gaan oplossen, staat gelijk met hen als Don Quichotte de wereld insturen. Dat heeft geen zin.

Het loonpakket moet maatschappelijk verantwoord zijn, maar het moet ook motiverend en marktconform zijn en het moet voldoende de lange termijn in het vooruitzicht stellen

Hoog tijd voor wat (belonings)advies. Dat de overheid de topsalarissen van de bedrijven waarin zij een belang heeft in de hand wil houden, moedig ik absoluut aan. Dit doen met een loonplafond grenst evenwel aan het demagogische. Ik pleit voor een meer doordachte benadering waarbij koppen worden bijeengestoken om te komen tot een beloningspakket voor zowel de nieuwe CEO van Proximus als Bpost waarover grondig is nagedacht vanuit verschillende perspectieven.

Het pakket moet maatschappelijk verantwoord zijn, maar het moet ook motiverend en marktconform zijn en het moet voldoende de lange termijn in het vooruitzicht stellen. Aan dit laatste koppelen ik meteen een volgend advies: laat de CEO (en bij uitbreiding de ganse groep medewerkers) meedelen in de waardecreatie door bijvoorbeeld een beloning over een termijn van 3 à 4 jaar in het vooruitzicht te stellen in functie van de werkelijk gecreëerde waarde. Daarvoor kunnen systemen bedacht worden, en dit is toch wat elke aandeelhouder (met een langetermijnvisie) wil? Waarom werd dit niet mogelijk gemaakt voor Leroy? En nog een heel belangrijke vaststelling: een beloning waarrond veel heisa bestaat, daar schort iets mee.

Fier

Tot slot: waarom niet eens fier zijn dat alweer een Belg(ische) bij onze noorderburen een topfunctie gaat bekleden, eerder dan aan Dominique Leroy meteen al duidelijk te maken dat KPN ook geen topbetaler is, op basis van een arbitraire vergelijking? En waarom ook niet eens de raad van bestuur van Proximus feliciteren met de transparante rapportering in het remuneratieverslag?

Ze zijn nog zeldzaam op vandaag, de Belgische bedrijven die in alle openheid meedelen welke de prestatiecriteria zijn waarop hun topmanagement wordt beoordeeld, die informatie verstrekken over de groep die gebruikt wordt om zich mee te vergelijken, en die ook over de evolutie in de salarissen rapporteren. Proximus behoort tot die liga.

Lees verder

Tijd Connect