opinie

Maak de dienstencheque duurder

Professor arbeidseconomie aan de UGent

De Vlaamse Regering maakt de dienstencheque beter duurder. Dat schept zuurstof voor ander noodzakelijk beleid, voor de sector én voor de poetshulpen.

Zoals uw krant eerder berichtte, wil de Vlaamse Regering echt iets maken van haar Septemberverklaring. Die moet haar herlanceren tot de betere - en liefst zelfs allerbeste - versie van zichzelf, via een beleid waarin de gevolgen van de coronacrisis daadkrachtig worden aangepakt. Sterke Jan en co. terug van officieel nooit weggeweest, zoiets.

©RV DOC

Nu weet u ook dat, zelfs als u Pascale Naessens’ potten en pannen niet koopt, koken geld kost. Wil de regering dus pakweg haar jobbonus uitrollen, dan heeft ze poen nodig.

Vandaar dat ik bij deze een ongewoon voorstel doe. Een dat geld vrijmaakt in plaats van geld te kosten. Namelijk het duurder maken van de dienstencheques.

1,4 miljard

Vlaanderen gaf in 2018 ongeveer 3 miljard euro uit aan actief arbeidsmarktbeleid. Bijna de helft, een kleine 1,4 miljard, ging naar de dienstencheques. Om te bereiken dat de poetshulpen een fatsoenlijk nettoloon verdienen via de dienstencheques, moet de overheid een behoorlijk bedrag boven op het chequebedrag leggen.

Laat ons eerlijk zijn. Als u, net als ik, zo’n tevreden dienstencheques-gebruiker bent, dan zult u samen met mij vastgesteld hebben dat deze haast absurd goedkoop zijn.

1,4 miljard euro, dat is veel meer dan wat pakweg de begeleiding (254 miljoen) en de opleiding (367 miljoen) van werkzoekenden in 2018 heeft gekost. En het is veel meer dan wat de jobbonus (350 miljoen) of het geven van een laptop aan elk kind dat er nu geen heeft (enkele tientallen miljoenen euro's), zoals we voorstelden met het Vlaamse relancecomité, zou kosten.

Daar staat tegenover dat de dienstencheque veel tevreden gebruikers heeft. Het systeem biedt ook een volwaardig statuut voor huishoudhulp én een mogelijkheid voor gezinnen om werken en leven te combineren.

Dumpingprijs

Maar laat ons eerlijk zijn. Als u, net als ik, zo’n tevreden dienstenchequesgebruiker bent, dan zult u samen met mij vastgesteld hebben dat die haast absurd goedkoop zijn. Vergelijk de 7,20 euro voor een uur huishoudhulp maar eens met wat u betaalt als u een andere stielman engageert tegen een regulier loon, bijvoorbeeld om aan uw sanitair te laten prutsen.

De geestelijke vader van het systeem, Frank Vandenbroucke, zei dat hij indertijd bewust voor een ‘dumpingprijs’ koos, om het systeem succesvol te lanceren, waarna de prijs tot een normaal niveau kon stijgen. Wat niet is gebeurd.

Terwijl het leven voor de rest volop duurder werd, is de prijs van de dienstencheque de afgelopen jaren amper gestegen. Opmerkelijk: de geestelijke vader van het systeem, Frank Vandenbroucke, zei recentelijk op een studiedag dat hij indertijd bewust voor een ‘dumpingprijs’ koos, om het systeem succesvol te lanceren, waarna de prijs tot een normaal niveau kon stijgen. Wat niet is gebeurd.

Als de Vlaamse Regering dus middelen zoekt om haar relancebeleid vorm te geven zonder de begroting te laten ontsporen, dan kunnen die dus gevonden worden bij de dienstencheques. Er zijn echter twee nuances.

Samen delen

Ten eerste lijkt er een noodzaak te zijn om de inkomsten uit een prijsverhoging niet zuiver voor de Vlaamse overheidskas te reserveren. Op de studiedag waarnaar ik daarnet verwees, bleek ook dat de sector die het systeem draaiende houdt - de poetsbureaus en familiehulpen van deze wereld - de afgelopen jaren zijn marges zag slinken doordat de uitgaven stegen maar de inkomsten vrijwel constant bleven. Gevolg: een aantal spelers hebben de markt verlaten.

Een deel van de prijsverhoging kan ook beter gedeeld worden met het poetspersoneel zelf. Momenteel zijn de arbeidsvoorwaarden te ongunstig opdat voldoende Vlamingen zich zouden aanbieden voor poetsarbeid. Gevolg: de populariteit van de dienstencheques leidde ertoe dat de sector werknemers uit het buitenland voor die banen aantrekt. Terwijl het systeem toch vooral de verlaging van de Vlaamse inactiviteit zou moeten dienen.

Een interessante piste kan zijn de prijs van de dienstencheque beperkt inkomensafhankelijk te maken, bijvoorbeeld door te werken met sociale cheques tegen een goedkoper tarief voor wie een lager inkomen heeft.

Ten tweede moeten we opletten dat een prijsverhoging van de dienstencheque niet leidt tot een afbraak van het systeem, doordat sommige gezinnen de huishoudhulp niet meer kunnen betalen of doordat betaling in het zwart interessanter wordt. Een interessante piste kan daarom zijn de prijs van de dienstencheque beperkt inkomensafhankelijk te maken, bijvoorbeeld door te werken met sociale cheques tegen een goedkoper tarief voor wie een lager inkomen heeft. Een andere piste is het drempelniveau waarop de cheque duurder wordt (nu is dat na 400 cheques per persoon per jaar) te verlagen. Daarnaast is het belangrijk dat de prijsverhoging geleidelijk gebeurt.

Concreet lijken twee zaken logisch om te doen voor de Vlaamse regering. Vooreerst de afschaffing van het belastingvoordeel, dat ertoe leidt dat je initieel 9 euro betaalt voor een cheque maar later 1,8 euro terugkrijgt. Mogelijk leeft een deel van de gebruikers nu al met het idee dat de echte prijs 9 euro is. Vervolgens kan men werken met automatische prijsverhogingen, pakweg om de twee jaar, die de levensduurte volgen.

Stijn Baert

Professor arbeidseconomie aan de UGent

Lees verder

Gesponsorde inhoud