opinie

Mark Eyskens: 'Een voorstel voor meer samenwerkingsfederalisme en minder gekissebis'

Minister van Staat

'Het confederalisme is een tegenwerkingsfederalisme, terwijl een vlotte werking van de federale staat net nood heeft aan samenwerkingsfederalisme', schrijft minister van staat Mark Eyskens. Hij heeft een voorstel om 'de enorme uitdagingen aan te pakken zonder te verzanden in communautaire steekspelen'.

Het efficiënter laten functioneren van de Belgische staatsstructuren is een permanente zorg. Terwijl kolossale uitdagingen zich opstapelen, worden regeringsformaties almaar moeilijker en kissebissen federale en regionale regeringen.

Door de toenemende verlamming en de interne verdeeldheid is België ook almaar minder een volwaardige gesprekspartner van de Europese Unie bij belangrijke beslissingen. De Belgische deelstaten slaagden er niet in een gemeenschappelijk standpunt in te nemen over het klimaatbeleid en de Green Deal.

Advertentie
  • De auteur
    Mark Eyskens (CD&V) is minister van staat. In de jaren 80 en de vroege jaren 90 was hij minister in meerdere regeringen. In 1981 was hij enkele maanden premier.
  • De kwestie
    Ons land kampt met toenemende verlamming en interne verdeeldheid, waardoor het almaar minder een volwaardige gesprekspartner van de Europese Unie is.
  • De conclusie
    Een nieuwe instelling, die de Senaat vervangt en ook niet-verkozen leden telt, kan belangenconflicten beslechten en optreden als communautaire denktank.
Advertentie

Ongeveer 70 procent van alle beslissingen die de diverse parlementen en regeringen in België nemen, wordt bepaald, voorgeschreven en beïnvloed door Europa. Hoe meer bevoegdheden naar de gewesten en de gemeenschappen worden overgeheveld, hoe meer die vervolgens samengesmeed moeten worden tot unitaire Belgische standpunten, om op Europese ministerraden te worden verdedigd. Het is dan ook niet verwonderlijk dat echte nationalisten bijzonder kritisch staan tegenover het Europese federalisme en een verdere Europese integratie.

Communautair virus

Het virus van de verlammingsverschijnselen is vaak van communautaire aard en kan eindigen in een institutionele dood. Tot groot jolijt van de separatistische grafdelvers, die niet beseffen dat het uitroepen van de Vlaamse onafhankelijkheid een waanzinnig avontuur is.

Het confederalisme is geen redelijk alternatief. België wordt dan een verdragsgemeenschap, waarschijnlijk bestaande uit vier deelstaten: Vlaanderen, Brussel, Wallonië en de Duitstalige kantons. Elke samenwerking vereist eenparigheid, wat betekent dat elke deelstaat beschikt over een vetorecht. Het innemen van een gemeenschappelijk Belgisch standpunt in Europese ministerraden wordt zo nog veel onwaarschijnlijker.

Het confederalisme is op allerlei gebieden zeer nadelig voor de Vlamingen. Het is een tegenwerkingsfederalisme, terwijl een vlotte werking van de federale staat net nood heeft aan samenwerkingsfederalisme.

Nieuwe instelling

Daarom stel ik voor in de volgende legislatuur werk te maken van een nieuwe instelling, die de federale en de gewestregeringen en hun bevoegde parlementen in staat stelt de enorme uitdagingen aan te pakken zonder te verzanden in communautaire steekspelen. Die instelling voor communautair overleg, die ik bij gebrek aan beter de Inter-Federale Hoge Raad (IFHR) noem, kan de huidige Senaat, die uitgewoond is, vervangen.

De Raad zou worden samengesteld uit leden van de deelstaatparlementen en de Kamer - bijvoorbeeld een derde -, maar ook leden van de burgerlijke samenleving en het middenveld - ook een derde - en als sluitstuk uit experts - andermaal een derde. Voor specifieke kwesties kan hij ook een beroep doen op bijkomende adviseurs (juristen, economen, sociologen, financiële experts...). Hun standpunten kunnen bijdragen aan de depolitisering van de politiek, wat paradoxaal genoeg de politieke geloofwaardigheid kan helpen te herstellen. Het is ook niet onredelijk te overwegen een deel van de leden te laten verkiezen in de federale kieskring.

De standpunten van experts kunnen bijdragen aan de depolitisering van de politiek, wat paradoxaal genoeg de politieke geloofwaardigheid kan helpen te herstellen.

De eerste bevoegdheid van de Raad is belangenconflicten tussen deelstaten en/of het federale bevoegdheidsniveau te beslechten. Vandaag gebeurt dat niet echt. Bevoegdheidsconflicten worden wel efficiënt behandeld door het Grondwettelijk Hof. Maar het Overlegcomité, met vertegenwoordigers van de federale regering en van de deelstaatregeringen, functioneert mank en komt zelden of onvoldoende tot coherente beslissingen. In de Raad kan dat op bindende wijze geschieden, met een gekwalificeerde tweederdemeerderheid.

Daarnaast kan de Raad optreden als een actieve communautaire denktank en initiatiefnemer, die voorstellen aan de Kamer bezorgt. Als advies, als ze goedgekeurd zijn bij gewone meerderheid, en als aanbeveling, bij een gekwalificeerde meerderheid. Het is dan aan de Kamer om ze te zetten in concrete maatregelen en de uitvoeringsmodaliteiten te bepalen. Zo kan de Raad een belangrijke hefboom van het samenwerkingsfederalisme worden. Hij kan ook voorstellen uitwerken om het aantal verkozen politici op alle niveaus te verminderen.

De grondwetsartikelen die voor herziening zijn verklaard maken de oprichting van een Inter-Federale Hoge Raad mogelijk. Bij de aanvang van de volgende legislatuur kan al informeel worden geëxperimenteerd met een paar elementen uit de werking ervan. In dit land van al te veel tegenstellingen is het de hoogste tijd dat we inspiratie zoeken bij de dialectiek van de filosoof Georg Wilhelm Friedrich Hegel, die zegt dat uit de tegenstellingen tussen thesis en antithesis een heilzame synthese kan groeien.

Gesponsorde inhoud
Tijd Connect
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.
Partnercontent
Partner Content biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.