opinie

Met steunwieltjes wint de NMBS nooit

Een premie voor wie sneeuw ruimt, tweetalig is of een ticket verkoopt. Het is alsof je bij de NMBS een premie krijgt als je gewoon je job uitoefent. Het is tekenend voor een bedrijf dat al jaren boven zijn stand leeft. Tijd om personeelsstatuut, aantal personeelsleden en efficiëntie in lijn te brengen met de Europese concurrenten.

Het was Sophie Dutordoir, de topvrouw van de NMBS, zelf die vorige week in het federaal parlement de kat de bel aanbond. ‘Het ontbreekt in ons land aan een duidelijke coherente mobiliteitsvisie.’

©rv

Ook de vakbonden kregen een duidelijk signaal. De bestaande 36-urenweek, de 60 dagen verlof per jaar, het rigide statuut en het amalgaan aan premies en de bijhorende administratieve rompslomp maken het onmogelijk om een modern personeelsbeleid te voeren. Dagelijks werken 50 personeelsleden enkel en alleen om premies en het kluwen van andere toelagen in te boeken.

De CEO weet heel goed waarom ze moet hervormen. De NMBS moet de concurrentie aangaan. In de toekomst waarschijnlijk met andere operatoren, maar in de eerste plaats met de auto en de bijbehorende files. Als we de NMBS competitiever willen maken, is dat niet vanuit een blinde neoliberale agenda, wel vanuit het besef dat je mensen niet uit de auto krijgt ‘omdat het beter is voor het milieu’. Het alternatief moet in de eerste plaats beter zijn voor de reiziger.

In een Europese, open en geliberaliseerde markt moet de reiziger centraal staan, anders stevent de NMBS af op een crash

Als de NMBS competitiever wil worden, heeft ze nood aan een gelijk speelveld. Aan dezelfde wapens als de concurrentie. Maar het tegendeel is waar. De NMBS moet vandaag opereren binnen een carcan van rigide regels. Als overheid moeien we ons met puur operationele zaken. Bijvoorbeeld burgemeesters die lobbyen voor het behoud van hun station, ook al stappen er maar 4 passagiers per dag op. Dat is niet bevorderlijk voor de wendbaarheid van het bedrijf.

Grote kader

Over het grote kader waarin de spoorwegen moeten opereren, blijft het stil. Zelfs de beste CEO met het beste management en personeel zou hiermee de strijd niet kunnen winnen. Het is alsof we bij Mathieu van der Poel aan de start van een veldrit een paar steunwieltjes aan zijn fiets zouden monteren. Ook al is dat gedaan met de beste bedoelingen - hij zou maar eens moeten vallen -, de koers zal hij er niet mee winnen.

Ik ondersteun de oproep van mevrouw Dutordoir dan ook volmondig. De volgende federale regering moet duidelijk het initiatief nemen om een toekomstvisie uit te werken op mobiliteit in ons land, en in het bijzonder de rol van de spoorwegen daarin. Laat ons een duidelijk kader uitwerken, met duidelijke strategische doelstellingen. En geef binnen dat kader de NMBS, maar ook andere operatoren, alle mogelijkheden om zelf het best mogelijke aanbod te bieden waarin de huidige en toekomstige reiziger centraal staat.

Wie loodst staatsbedrijven zoals de NMBS de 21ste eeuw binnen? In een Europese, open en geliberaliseerde markt moet de reiziger centraal staan, anders stevent de NMBS af op een crash. Een Sabena 2.0. Het wordt tijd dat het personeelsstatuut, het aantal personeelsleden en de efficiëntie van de NMBS in lijn wordt gebracht met de Europese concurrenten. Anders gaat ze kapot in een concurrerende markt. Weg met de bemoederende steunwieltjes voor de NMBS.

Lees verder

Tijd Connect