opinie

Opgekropte woede barst los in Catalonië

De Catalanen voerden jaren een vreedzame strijd om meer onafhankelijkheid. Sympathiek, maar niet efficiënt. Sinds maandag is die strijd grimmiger. De actievoerders hebben hun burgerlijke comfortzone verlaten. En de basismilitanten rekenen al lang niet meer op hun politici

‘Ach die dwaze Catalanen toch’, moeten de Spaanse premier Mariano Rajoy en nadien Pedro Sánchez vaak gedacht hebben toen ze de beelden zagen van de vreedzame separatistische massamanifestaties in Barcelona. Net zoals de Europese leiders het Catalaanse separatisme wegwuifden als een fait divers. Met hoeveel honderdduizenden de Catalanen ook op straat kwamen, de machthebbers in Spanje en Europa gaven geen kik. Het separatisme in Catalonië was altijd een ‘low intensity conflict’. Beetje vervelend voor de Spaanse regering, dat wel. Maar ook niet veel meer dan dat.

Met klassieke vreedzame actiemiddelen kom je niet zo ver. Zeker niet als je ingaat tegen de gevestigde orde. Hoe immens ook de massa die de Catalanen op de been konden brengen de voorbije jaren, onverschilligheid was hun deel. In de media ontstond gaandeweg een gewenningseffect. 1 miljoen separatisten op straat in Barcelona? Niets nieuws onder de zon voor de journalisten. Als de Spaanse media er al melding van maakten, dan was het om de actievoerders te ridiculiseren.

Het is juist dat de separatistische evenementen van de jongste jaren een haast ritueel karakter begonnen te krijgen. Liedjes zingen, slogans roepen, immense vlaggen over de massa laten glijden. Dat alles leek op den duur louter een emotionele uitlaatklep. Wij willen een ‘revolutie van de glimlach’ heb ik de Catalaanse minister Raül Romeva ooit horen zeggen. Laat ze maar glimlachen, dachten de machthebbers in Madrid. Ondertussen zit Romeva al bijna twee jaar achter de tralies, met nog tien jaar te gaan.

De separatistische leiders zijn er zich al een tijd van bewust dat ze met glimlachen en braaf demonstreren niet ver komen. De plannen om de luchthaven en andere strategische plaatsen te blokkeren circuleerden al voor het referendum van 2017, en dus ook voor het oproer in Hongkong. Maar ze botsten altijd op het nogal burgerlijke karakter van de onafhankelijkheidsbeweging. Maar een kleine minderheid was bereid persoonlijke risico’s te nemen.

Daarbij komt het intimiderende effect van de repressie. Het proces tegen de ministers is het topje van de ijsberg. Tegen talloze Catalanen die op een of andere manier hebben meegewerkt aan het referendum lopen juridische procedures. Een collega van mij in Barcelona hangt een gevangenisstraf van bijna drie jaar boven het hoofd. Haar misdaad? Ze maakte als politicologe deel uit van een commissie die moest toezien op het goede verloop van het referendum. Ook wie wordt opgepakt voor het blokkeren van wegen komt er in Spanje niet van af met een GAS-boete.

Dat afschrikkingseffect leek te werken, tot vorige maandag. Want wat blijkt? De Catalanen worden ineens stouter. De onafhankelijkheidsstrijd wordt grimmiger. Daar zijn meerdere redenen voor. Er is natuurlijk de verontwaardiging over de disproportionele straffen voor de politici die in 2017 het referendum organiseerden. Zolang het proces liep, hebben de Catalanen zich bewust ingehouden. Daardoor komt nu veel opgekropte woede tot uitbarsting.

Bedrogen

Belangrijker nog is de groeiende aversie tegenover de politiek. Zelfs de separatistische politici hebben het verkorven bij veel Catalaanse nationalisten. Ze voelen zich bedrogen door hun leiders.

Bij de regionale verkiezingen van 2015 was er een separatistisch politiek front dat met een helder stappenplan naar de kiezers stapte, de zogenaamde ‘hoja de ruta’. De politici maakten zich sterk dat ze Catalonië konden loskoppelen van Spanje. Ze spiegelden de mensen voor dat achter de schermen een eigen Catalaanse staat werd gecreëerd.

Spanje zal nooit vrijwillig instemmen met een officieel onafhankelijkheids referendum.

Maar na het referendum en de harde Spaanse reactie klonk het plots heel anders. Het uitroepen van de onafhankelijkheid was maar symbolisch, zeiden ze. Het had geen juridische gevolgen. Het was alleen een aanzet tot dialoog met Madrid. Terwijl iedereen zeer goed weet dat die dialoog een doodlopende straat is. Want Spanje zal nooit vrijwillig instemmen met een officieel onafhankelijkheidsreferendum.

Vandaag lijken de separatistische politici de trappers helemaal kwijt. De regering in Barcelona roept op tot burgerlijke ongehoorzaamheid. Terwijl haar eigen Catalaanse politie gewelddadig optreedt daartegen. Minister-president Quim Torra deed donderdag in het parlement nog een vaag en onbezonnen voorstel om een nieuw referendum te organiseren. Het werd meteen afgeschoten door zijn coalitiepartners.

De basismilitanten rekenen al lang niet meer op hun politici. Ze beseffen dat ze het zelf moeten doen. Ze hebben geleerd dat het bloed, zweet en tranen kost om zich af te scheuren van een repressieve en semi-autoritaire staat. Onafhankelijkheid heeft een prijs. Steeds meer Catalanen blijken bereid die te betalen en hun burgerlijke comfortzone te verlaten.

Door over te stappen naar hardere actiemiddelen zullen de Catalanen misschien wat sympathie verliezen in de wereld. Alleen heeft die sympathie tot nu toe niet veel opgeleverd. Madrid en de Europese Unie zullen de onafhankelijkheidseis maar ernstig nemen als het conflict verder escaleert. Dat is geen opbeurende gedachte. Maar het is de harde realiteit.

Lees verder

Tijd Connect