opinie

Pools arrest zet de hele EU op losse schroeven

Dat Warschau de voorrang van het Europees recht verwerpt, blijft de gemoederen verhitten. En terecht, want het conflict met Polen gaat naar de kern van hoe de Europese Unie vandaag functioneert.

De traditionele familiefoto tijdens de Europese Raad donderdag in Brussel leverde geen flatterend beeld op. De staatshoofden en regeringsleiders van de EU-lidstaten stonden er beteuterd bij. Wie op een feeststemming naar aanleiding van Angela Merkels afscheid hoopte, was eraan voor de moeite. De Duitse bondskanselier probeerde de sfeer erin te houden door te pleiten voor een politieke oplossing in het conflict met Warschau over de voorrang van de Poolse grondwet. De vraag is natuurlijk waaruit zo’n compromis dan zou bestaan.

  • De auteurs
    Steven Van Hecke is hoofddocent Europese en vergelijkende politiek aan de KU Leuven. Merijn Chamon is docent Europees recht aan de Universiteit Maastricht.
  • De kwestie
    Het Poolse arrest dat de Poolse grondwet boven het Europees recht plaatst, blijft de gemoederen verhitten.
  • Het besluit
    De commotie is gerechtvaardigd, omdat het arrest aan de fundamenten van de EU raakt.

De kwestie is fundamenteel. En ze dateert niet van gisteren. Sinds 1964 is duidelijk dat het Europees recht voorrang geniet op nationale wetgeving. Lidstaten hebben zich daar nooit tegen verzet. Sterker nog, in een - weliswaar niet-bindende - verklaring gehecht aan het Verdrag van Lissabon onderschrijven ze die voorrang en de rol van het Europees Hof van Justitie. ‘Het feit dat het beginsel van voorrang niet in het nieuwe Verdrag wordt opgenomen, verandert hoegenaamd niets aan het bestaan van dit beginsel of aan de rechtspraak van het Hof van Justitie’, staat er. Getekend: de lidstaten.

Uiteraard geldt de voorrang van het EU-recht alleen voor de domeinen die onder het EU-recht vallen. En vanzelfsprekend zijn er grijze zones waarin niet meteen duidelijk is wie aan het langste eind trekt. Bevoegdheidsconflicten maken deel uit van het politiek-juridische systeem waarop de Europese Unie is gebaseerd. En hoe die worden beslecht, is eveneens zonneklaar: de ultieme scheidsrechter is het Hof van Justitie van de EU.

Tegen die Kompetenz-Kompetenz van het Hof in Luxemburg, de bevoegdheid om over bevoegdheden te beslissen, hebben de lidstaten zich evenmin verzet. Dat belet niet dat de hoogste rechtscolleges van die lidstaten geregeld met de door de lidstaten aangewezen EU-rechters in de clinch gaan. De Poolse kwestie is dus geen unicum, zoals De Tijd-columnist Rik Van Cauwelaert (De Tijd, 16 oktober) en De Tijd-redacteur Bart Haeck terecht opmerken.

Toch is de huidige commotie gerechtvaardigd. Maar de vergelijking met eerdere conflicten gaat geenszins op. Dat komt omdat het vage arrest van het Poolse Grondwettelijk Hof - dat niet meer onafhankelijk is en bevolkt wordt met stromannen van de regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid - de regering in Warschau een vrijgeleide biedt, nota bene op verzoek van die regering in een procedure zonder tegenpartij. En het legt de bevoegdheid om conflicten te beslechten finaal in Polen, en niet bij het Europees Hof van Justitie.

Daardoor kunnen de politieke machthebbers voortaan naar goeddunken de Poolse grondwet inroepen om eender welke EU-wetgeving die hen niet zint naast zich neer te leggen. Feitelijk wordt daarmee de hiërarchie omgekeerd. Dat is ongezien in bijna zeventig jaar integratiegeschiedenis en zet de hele EU op losse schroeven.

Warschau heeft zich in een conflict gemanoeuvreerd dat het niet kan winnen, toch als het een 'polexit' uitsluit.

Van Cauwelaert schrijft dat het Hof van Justitie uit de grond zou zijn gestampt door een stelletje fascisten, laat voorts het cruciale ‘as such’ weg uit een citaat van Koen Lenaerts over de vermeende onmacht van de lidstaten, en stelt dat ‘door de EU gesponsorde Jean Monnet-leerstoelen maken dat aan de Europese universiteiten keurig over Europa wordt gedacht’. Dat levert smeuïge lectuur op, maar is in feite te gek voor woorden. Bovendien, mochten de verdachtmakingen, verdraaiingen en insinuaties allemaal waar zijn, wat verandert dat eigenlijk aan de grond van de zaak?

Warschau heeft zich in een conflict gemanoeuvreerd dat het niet kan winnen, toch als het een 'polexit' uitsluit. Want dat moeten we de Britten, of toch minstens de brexiteers, nageven: ze waren het fundamenteel oneens met de rechtshiërarchie. Daarnaast was de rol van het Hof van Justitie in Luxemburg een permanente doorn in het oog. De andere lidstaten hebben ze niet van die visie kunnen overtuigen. En daar hebben ze hun conclusies uit getrokken. Klaar.

Per slot van rekening is het laatste woord altijd aan de verkozen politici, niet aan de rechters. De politieke besluitvorming kan de wetgeving altijd bijsturen.

Of het nu binnen of buiten de EU is: politieke meningsverschillen zijn wenselijk in een liberale democratie. En arresten van hoven hebben altijd voor- en tegenstanders. Dat is het probleem niet. Per slot van rekening is het laatste woord altijd aan de verkozen politici, niet aan de rechters. De politieke besluitvorming kan de wetgeving altijd bijsturen, waarna de rechtspraak volgt. En dat is al gebeurd. In de Unie is dit geen politieke fictie maar juridische realiteit.

Wie de verdediging van de Poolse machthebbers toch op zich neemt, is onvoldoende geïnformeerd of houdt er een andere agenda op na. Wellicht net zoals de regering in Warschau.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud