opinie

Schaf de provincies af en maak de gemeenten sterker

Oud-journalist van De Tijd

Vlaanderen wordt voor samenwerking tussen de gemeenten ingedeeld in 17 referentieregio’s. Laat die een opstap zijn naar 17 federaties, waar de gemeenten een grote autonomie hebben. Duitsland toont de voordelen van zo'n systeem.

Het was, om de socioloog Max Weber te citeren, boren in harde planken, maar de Vlaamse regering is het eens geraakt om Vlaanderen in te delen in zeventien referentieregio’s. Met het vaccin van de ‘regiovorming’ wil ze het virus van de ‘bestuurlijke verrommeling’ bestrijden. Nu werken de 300 Vlaamse gemeenten met elkaar samen - deels vrijwillig, deels verplicht - in ruim 2.200 verbanden. Doordat die samenwerkingsverbanden zelden uit dezelfde gemeenten bestaan, is de kaart van de intergemeentelijke samenwerking een bouillabaisse.

©rv

De referentieregio’s moeten daar komaf mee maken: vanaf 2031 kan intergemeentelijke samenwerking alleen nog in dezelfde regio - in principe toch. Dat op de regel uitzonderingen mogelijk zijn, is een weeffout in het regeringsbesluit. Een andere is dat bij de afbakening van de referentieregio’s rekening is gehouden met de historisch voorbijgestreefde en sociografisch irrelevante provinciegrenzen.

Minister van Binnenlands Bestuur Bart Somers (Open VLD) spreekt van de ‘grootste interne staatshervorming’. Nu een stap naar een doeltreffender intergemeentelijke samenwerking is gezet, kan de voorbereiding beginnen van de nog grotere interne staatshervorming die gewezen minister-president Luc Van den Brande onlangs bepleitte: een hervorming die op basis van subsidiariteit (het prin­ci­pe dat een cen­traal ge­zag zich niet met za­ken mag be­moei­en die be­ter op een la­ger ni­veau ge­re­geld wor­den, red.) de gemeenten versterkt.

Coronacrisis

We kunnen ons spiegelen aan Duitsland, waar gemeenten en steden een grote autonomie, ruime bevoegdheden en een volwaardige plaats in het op subsidiariteit gebaseerde federalisme hebben. Het is een van de redenen waarom de coronacrisis er beter is aangepakt dan hier.

In Duitsland hebben gemeenten en steden ruime bevoegdheden en een volwaardige plaats in het federalisme. Het is een van de redenen waarom de coronacrisis er beter is aangepakt dan hier.

Driekwart van onze gemeenten hebben minder dan 20.000 inwoners, zijn te klein en hebben te weinig bestuurskracht om meer autonomie en meer bevoegdheden te krijgen. Bereidheid om te fuseren is er niet of nauwelijks. Duitsland, met nog kleinere gemeenten, toont het alternatief. Van de 10.800 gemeenten oefenen er slechts 107 - de grootste, maar ook enkele kleinere steden - de gemeentelijke autonomie en alle bevoegdheden helemaal alleen uit. De andere doen dat in een Landkreis, een bestuursniveau tussen de gemeente en de deelstaat, waarvan er 294 zijn met gemiddeld 185.000 inwoners.

Ter wille van de burgerbetrokkenheid bij en de democratische controle op de bovengemeentelijke beleidsvoering heeft elke Landkreis een rechtstreeks verkozen raad, met aan het hoofd een rechtstreeks of door de raad verkozen Landrat. Voor de beleidsuitvoering staan ambtenaren en diensten ter beschikking. Zo hebben de Landkreise, net als de kreisfreie steden, een eigen gezondheidsdienst. Toen bij ons in mei vorig jaar nog een aanbesteding liep voor contactonderzoek, waren die Gesundheitsämter al twee maanden besmettingsketens aan het opsporen en de naleving van de quarantaineplicht aan het opvolgen.

De hervorming van de intergemeentelijke samenwerking kan - en zou moeten - een opstap zijn om van de gemeente een volwaardig, sterk bestuursniveau te maken. Vlaanderen kan het Duitse model transponeren door:

Toen bij ons in mei vorig jaar nog een aanbesteding liep voor contactonderzoek, waren de Gesundheitsämter in Duitsland al twee maanden besmettingsketens aan het opsporen en de naleving van de quarantaineplicht aan het opvolgen.

- de gemeenten nog meer autonomie en bevoegdheden (o.m. gezondheidszorg) te geven;

- Antwerpen, Gent en eventueel enkele andere ‘kreisfreie’ grote steden die bevoegdheden alleen te laten uitoefenen;

- elke andere gemeente onder te brengen in een federatie, met een democratisch verkozen raad en een uitvoerend college. Dat bovengemeentelijk beleidsniveau staat al vijftig jaar in de grondwet (artikel 165), de wet van 26 juli 1971 regelt zijn organisatie en werking. Alleen in de Brusselse rand is er kortstondig (1972-1976) gebruik van gemaakt. Vlaanderen is bevoegd om de zeventien referentieregio’s uit te bouwen tot zeventien federaties, die alle gemeentelijke bevoegdheden uitoefenen waarvoor elke gemeente op zich te klein en te weinig bestuurskrachtig is;

- de provincie als bestuursniveau op te heffen, want als bovenlokaal en/of subdeelstatelijk beleidsniveau is ze vervangen door de federatievrije steden en de federaties. Tegelijk worden honderden intergemeentelijke samenwerkingsverbanden overbodig.

Mark Deweerdt

Oud-journalist van De Tijd

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud