opinie

Sleutelen aan loonnorm is heikele klus

De loonvorming in ons land is een complex kaartenhuis. Zelfs eenvoudige ingrepen zijn tricky.

Manou Doutrepont zaakvoerder van Social Dialogue Network en Paul Soete consultant industrial relations

In zijn geheel is het concurrentievermogen hersteld. Nog beter: dit jaar zouden de Belgische loonkosten 1 procent lager liggen dan het gemiddelde van de drie buurlanden. Dat becijferde het secretariaat van de Centrale Raad van het Bedrijfsleven, het discrete economisch kenniscentrum van de sociale partners.

Manou Doutrepont ©RV DOC

Prompt zien we drie reacties. De werkgeversorganisaties vestigen de aandacht op de absolute loonkostenhandicap, die nog altijd rond 10 procent schommelt. De vakbonden beweren al dat er ruimte is voor nieuwe loonsverhogingen en hekelen de loonnormwet, die de marge toch zou beperken. En sommige opiniemakers vinden de tijd aangebroken om komaf te maken met de centrale loonvorming en pleiten voor ondernemingsoverleg. Het is een voorbode, niet van de electorale campagne maar van de onderhandelingscampagne eind dit jaar.

Wij menen dat de tijd is aangebroken om het globale plaatje van de loonvorming weer in de schijnwerpers te plaatsen. De loonnormwet, die op centraal niveau de marge bepaalt om op sectoraal en op ondernemingsvlak over loonsverhogingen te onderhandelen, is een sluitstuk van een complex systeem.

Paul Soete ©Mich. Verbelen

De grondlaag van het systeem bestaat uit twee automatismen: een automatische indexering en uitgebreide barema’s, hoofdzakelijk voor bedienden. Beide technieken vinden hun oorsprong in sectorale cao’s, maar worden door de wet gewaarborgd. Het contrast met andere landen kan niet groter. De aanpassing van de lonen aan de levensduurte is er voorwerp van onderhandelingen.

Daar komt bij dat over de lonen op meer dan één niveau wordt onderhandeld. Eerst wordt de interprofessionele vrede betaald met nieuwe voordelen. Dan volgen sectorale akkoorden. In vele grotere ondernemingen sluit wordt de cirkel gesloten met bedrijfsakkoorden.

In 2013 kwam er nog een rigiditeit bij: de verplichte harmonisering van de aanvullende pensioenen voor arbeiders en bedienden.

Elk van die mechanismen neemt ruimte in, terwijl in andere landen over het geheel op één niveau wordt onderhandeld, zonder onderliggend automatisme.

Lasagnemodel

Noem het hele systeem gerust een lasagnemodel. Het leidde ertoe dat al veertig jaar wettelijke mechanismen nodig zijn om de loonkosten in bedwang gehouden. In de zeldzame periodes van onderhandelingsvrijheid - voor 1980 en van 1987 tot 1993 - ontspoorden de loonkosten vrij snel. De prijs was hoog. De tewerkstelling in de privésector veroorzaakte - en veroorzaakt - kopzorgen. Telkens moest de overheid tussenbeide komen met curatieve maatregelen. De inventaris is opmerkelijk: devaluatie, loonstop, indexeringsvertragingen, indexsprongen, forfaitaire indexering, gezondheidsindex en loonlastenverlaging.

Tot de regering-Dehaene I in 1996 de loonnormwet instelde om preventief de concurrentiekracht en ter afgeleide de tewerkstelling te vrijwaren. Het systeem bepaalt de ruimte voor onderhandelingen boven de indexering en de baremieke verhogingen. Het maximum wordt vastgelegd in functie van de verwachte loonkostenevolutie in Duitsland, Frankrijk en Nederland, onze belangrijkste concurrenten en handelspartners. Zo bekeken bepalen de drie buurlanden in onderaanneming de loonvorming in België. In de periode 1996-2005 heeft het systeem vrij goed gewerkt. Toen ontspoorden de loonkosten vijf tot zes jaar lang. Het kostte evenveel tijd om de situatie te normaliseren.

Wie over loons verhogingen wil onderhandelen, moet borg kunnen staan voor tewerkstelling in de bedrijven waar de lonen worden verhoogd.

De loonvorming is een complex kaartenhuis. Wie er één kaart uit wil trekken, moet waarborgen dat het niet instort. Wie over loonsverhogingen wil onderhandelen, moet borg kunnen staan voor tewerkstelling in de bedrijven waar de lonen worden verhoogd. Wie het interprofessioneel niveau wil uitschakelen, moet de verantwoordelijkheid nemen voor de stijgende werkloosheid. Wie de sectorale onderhandelingen ter discussie wil stellen, moet de confrontatie met de werkgevers aangaan en hen voorbereiden op meer conflicten op ondernemingsniveau.

In alle gevallen is de tewerkstelling de norm en zijn de afschaffing van de automatische indexering en de herziening van de barema’s de sleutels om een einde te stellen aan een debat dat al vijftig jaar oud is. Maar dan moet je ook het risico van zware sociale onvrede willen nemen.

Lees verder

Gesponsorde inhoud