opinie

STEM-onderwijs is veel meer dan een welvaartsmotor

STEM-onderwijs (wetenschap, technologie, engineering en wiskunde) gelijkschakelen met zijn economische waarde is te kort door de bocht. De achteruitgang van de wetenschappelijke geletterdheid van onze jongeren is een probleem, maar ook omdat een kennismaatschappij meer is dan een kenniseconomie en een cultuur van kritisch denken nu hard nodig is.

Door Vincent Ginis en Jan Danckaert, professor natuurkunde en wetenschapsdidactiek (VUB en Harvard University) en professor natuurkunde en vicerector studenten- en onderwijsbeleid (VUB)

Wie houdt van cijfers, lijstjes, internationale vergelijkingen en bovendien ook nog wat begaan is met het onderwijs, wordt deze week goed bediend. Onderwijsspecialisten buigen zich met het vergrootglas over de PISA-resultaten en vinden zo allerhande argumenten waarom het eigen systeem de juiste weg biedt.

Een samenleving waar populisme, pseudo-wetenschap en samenzweringsdenken in de lift zitten, heeft baat bij kritisch denkende burgers

Het Vlaamse maatschappelijke debat wordt voorlopig gedomineerd door taalachterstand en de naar ons inzien valse keuze tussen het inzetten op de laagpresteerders of het inzetten op de sterkere studenten, twee groepen die er in de recentste PISA-resultaten op achteruit gaan.

Iedereen is het er gelukkig over eens dat de achteruitgang van de wetenschappelijke geletterdheid van onze jongeren - zowel bij de best presterende als bij de laagpresteerders - echt problematisch is. Opvallend is echter dat hiervoor steevast economische argumenten worden gehanteerd.

Vincent Ginis ©rv

De maakindustrie, technologische welvaart, STEM-beroepen: een achteruitgaande wetenschappelijke geletterdheid is in ons maatschappelijk debat haast synoniem met een economische calamiteit. Daar valt zeker iets voor te zeggen en dat is deze week dan ook al uitvoerig gebeurd, maar beide begrippen koppelen is erg gevaarlijk in verschillende opzichten. Een kennismaatschappij is meer dan een kenniseconomie.

STEM-onderwijs gelijkschakelen met zijn economische waarde vertroebelt het veel grotere gevaar van wetenschappelijke ongeletterdheid. Wetenschapsonderwijs gaat immers over veel meer dan de wetten van Newton, de pH-waarde van zuren, de structuur van ons DNA of de vorm van een parabool.

Simpel buikgevoel

Kritisch denken en logisch redeneervermogen staan centraal in alle STEM-vakken. Vaardigheden die uiteraard van pas kunnen komen in het latere bedrijfsleven, maar die nog veel belangrijker zullen worden in onze snel veranderende samenleving. Een samenleving waar populisme, pseudo-wetenschap en samenzweringsdenken in de lift zitten, en waar wetenschappelijke onderbouwde feiten en simpel buikgevoel al te vaak op gelijke voet worden behandeld. Deze samenleving is gebaat bij kritisch denkende burgers.

Jan Danckaert ©rv

Vandaag leven we, meer dan ooit, in een maatschappij die steunt op wetenschappelijke en technologische vooruitgang. Vele grote maatschappelijke uitdagingen van de toekomst zullen enkel correct kunnen geïnterpreteerd worden als ook het wetenschappelijk-technologisch perspectief wordt meegenomen. Technologisch-wetenschappelijke revoluties als klimaatverandering, synthetische biologie, artificiële intelligentie en duurzame energie dringen zich één voor één naar de top van de politieke agenda. Ook geïnformeerde, politieke keuzes - het fundament van onze democratie - vergen dus steeds vaker een minimum aan wetenschappelijke geletterdheid.

Jongeren blijken zich af te keren van wetenschappelijke studies, net omdat ze een groter belang hechten aan persoonlijke ontwikkeling en voldoening boven de carrièremogelijkheden

De mantra van de economische opbrengsten uit STEM-onderwijs is ook gewoon contraproductief. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat jongeren zich afkeren van wetenschappelijke studies, net omdat ze een groter belang hechten aan persoonlijke ontwikkeling en voldoening boven de carrièremogelijkheden. Jongeren koppelen, mede door de maatschappelijke framing, enkel nog economische en dus geen culturele waarde aan exacte wetenschappen of technologie. Dit fenomeen speelt bovendien meer bij meisjes dan bij jongens. En we willen absoluut ook meer meisjes in onze STEM-richtingen.

Welke jobs er binnen pakweg tien, twintig of dertig jaar nog zullen zijn is tegenwoordig zelfs voor de meest profetische economen een gewaagde gok

Welke jobs er binnen pakweg tien, twintig of dertig jaar nog zullen zijn, is tegenwoordig zelfs voor de meest profetische economen een gewaagde gok. Dat alle toekomstige burgers gewapend moeten zijn met een stevige bagage kritisch denken en logisch redeneervermogen, daar zou niemand aan mogen twijfelen. Ook daarom is het belangrijk om segregatie tussen de natuurwetenschappen en technologie enerzijds en de talen en humane wetenschappen anderzijds in onze middelbare scholen en universiteiten tegen te gaan.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud