column

Strategie tegen IS faalt

Docent buitenlands beleid Universiteit Antwerpen

De experts van het schaduwkabinet van De Tijd fileren de politieke actualiteit en geven goede raad waar nodig. Deze week is David Criekemans schaduwminister van Buitenlandse Zaken.

Door David Criekemans, docent buitenlands beleid aan de Universiteit Antwerpen.

Palmyra is in handen gevallen van Islamitische Staat (IS). De Syrische ‘stad van duizend zuilen’ was een van de parels van werelderfgoed uit de antieke tijd. Maar dat was niet de enige nederlaag die de internationale coalitie tegen IS te verwerken kreeg. Vorige zondag viel Ramadi, de grootste stad in de westelijke provincie Anbar in Irak. Twee dagen voordien beweerde de Amerikaanse generaal Weidley, de commandant van Operation Inherent Resolve, dat IS in Syrië en Irak aan het verliezen is en in het defensief zit. Maar maken we onszelf niet wat wijs? Waarom faalt de strategie en wat moet er gebeuren?

©wim kempenaers (wkb)

In februari vroeg president Barack Obama een nieuw mandaat aan het Amerikaanse Congres om IS te bestrijden. De kern van de strategie bestond uit een luchtoffensief. Vandaag hebben de Verenigde Staten samen met coalitiepartners zo’n 4.000 luchtaanvallen uitgevoerd in Syrië en Irak. De hoofdmoot van het werk diende evenwel te worden verricht door het Iraakse leger, dat werd circa 2.600 Amerikaanse militaire adviseurs werd versterkt. In Syrië steunt de coalitie nog steeds een groep van ‘gematigde’ soennitische rebellen, die verder getraind worden door de Golfstaten en Saudi-Arabië. Behalve militaire macht kunnen ook diplomatieke, economische en andere middelen worden ingezet om ‘IS te verzwakken en uiteindelijk te vernietigen’. Er kwam in Syrië een de facto samenwerking met de inlichtingendiensten van de sjiitisch-alevitische president Bashar al-Assad, en Washington wijzigde zijn beleid door te stellen dat hij ‘betrokken moest worden in toekomstige gesprekken over een machtstransitie’.

Een soldaat op wacht in het theater van Palmyra. ©BELGAIMAGE
Een archiefbeeld van 2010. Heel wat toeristen bezoeken Palmyra. ©AFP
Het fort van Palmyra ©AFP
Een standbeeld van Athene in het museum van Palmyra. ©REUTERS
De graftomben van Palmyra. ©REUTERS
Rookpluimen stijgen op uit het stadscentrum van Palmyra. ©REUTERS
Ook het museum van Palmyra wordt bedreigd. ©AFP
Nu zijn er zo goed als geen toeristen meer. Enkele dagen voor de aanval van IS probeerden deze jongens toch nog postkaarten te verkopen. ©Photo News
Vlak voor de inval van IS zag de stad er verlaten uit. ©Photo News

In Irak steunden de VS de nieuwe premier Al-Abadi, zoals zijn voorganger Al-Maliki nog steeds een sjiiet, maar iemand die een ‘inclusief beleid’ moest voeren. Abadi sloot een olieakkoord met de Koerden en probeerde een groep soenni- rebellen te trainen om het westen van Irak te verdedigen tegen IS. Met de val van Ramadi komt zijn positie onder druk. De oude garde rond Maliki stelt dat enkel Iran hen nog kan helpen. De Koerden zijn niet geneigd verder te gaan dan hun eigen grondgebied. Wat blijft er dan nog over van het Iraakse leger? Het dreigt opnieuw in sectarische delen te splijten. Nu moeten sjiitische troepen soennigebieden verdedigen, wat tot zware interne spanningen zal leiden. In Syrië zijn de soennitische rebellen onderling hopeloos verdeeld, en bestrijden ze soms zelfs elkaar. IS maakt gebruik van dat strategische vacuüm.

Een herziening van de militaire campagne mag niet beperkt blijven tot het operationele.
David Criekemans
Docent buitenlands beleid

Washington wil Bagdad nu versneld duizend antitankraketten geven als verweer tegen de gepantserde bomauto’s die onder andere onlangs door IS in Ramadi gebruikt werden. Rusland kondigde donderdag aan dat het zijn wapenleveringen zal opvoeren. Moskou stelt dat zijn nationale veiligheid bedreigd wordt, zeker als het conflict uitdijt naar de Kaukasus. Vorige week bezocht de Amerikaans minister van Buitenlandse Zaken John Kerry nog Vladimir Poetin in Moskou. Is er eindelijk een ontdooiing in de maak tussen de grootmachten? Alleen zij kunnen samen met andere regionale partners als Iran en Saudi-Arabië enige stabiliteit brengen. Dat wordt wel een haast onmogelijke klus, want die twee laatste strijden ondertussen onderling verder om het regionale leiderschap in het Midden-Oosten.

Een herziening van de militaire campagne mag niet beperkt blijven tot het operationele. Ze moet ingebed zijn in een politiek-strategische visie over wat voor een soort Syrië en Irak nadien moeten worden opgebouwd. Er moet nu al een economisch plan voor wederopbouw onderhandeld worden.

Biedt men vandaag geen perspectief aan de religieuze en etnische groepen voor een toekomstige plaats, dan zijn alle inspanningen bij voorbaat tevergeefs. Dan rest enkel een brute machtsstrijd tot de sterkste wint. En voorlopig lijkt dat IS te zijn. De IS-strategie is er een waarbij bewust die groepen tegen elkaar worden opgezet. Angst, terreur en media worden daarbij schrikwekkend efficiënt ingezet. Net als in 1941 is er nood aan een onwaarschijnlijke tegencoalitie, voor het te laat is.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud