opinie

Tijd om ondernemingen te democratiseren

Hoogleraar management UCD Dublin. Doceert over industrie en samenleving.

Als werknemers ‘het belangrijkste kapitaal’ van de onderneming zijn, waarom worden ze dan niet uitgenodigd om mee strategische beslissingen te nemen?

De vakbonden vragen een algemene loonsverhoging. Volgens Stefaan Michielsen is het een slecht moment om die kaart te trekken. Meer faillissementen, meer banen die op de tocht staan, een slechter internationaal concurrentievermogen. Dat zijn dingen die onze economie, die enkele jaren nodig zal hebben om te herstellen van de zware coronaklap, nu echt wel kan missen, schrijft hij.  Hij heeft een punt. Maar daar stopt het niet. Is het geen tijd dat de discussie wordt gevoerd om ondernemingen te democratiseren?

©RV DOC

Er was een tijd dat het bezwaar tegen de democratisering van de samenleving stoelde op het goddelijk recht, een doctrine die maakt dat vorsten geen verantwoording verschuldigd zijn aan burgers omdat hun recht om te besturen afgeleid is van een goddelijk gezag. Het volk was volgens die doctrine trouwens niet in staat om te regeren, omdat het de expertise mist. Dat duurde tot democraten de heerschappij van het volk vestigden. Incompetente burgers konden in dat zelfbestuur hun eigen fouten maken en er de gevolgen van dragen. Die fouten werden gemaakt. Maar de democratisering van samenlevingen maakte die gemiddeld rijker dan niet-democratieën, leidde tot minder oorlogen en minder corruptie.

Deelnemen aan het bestuur gaat verder dan een ondernemingsraad of sociale verkiezingen.

Mensen hebben niet alleen het recht om gehoord te worden in de politiek, maar ook op de werkvloer en om mee aan het stuur van de onderneming te staan. Het is al te gemakkelijk te opperen dat werknemers niet in staat zijn een onderneming mee te besturen omdat ze onvoldoende geïnformeerd zijn over de economische werkelijkheid. Waren de burgers bij de ontluikende democratieën dat dan wel?

De kennis en de bestuurskundige ratio van managers is ook beperkt en gekleurd door consultants, door persoonlijke ervaringen, door hun opleiding, door hun netwerk. Hun tunnelvisie en beperkte rationaliteit gaan voorbij aan de echte wereld die onder hun voeten beweegt en ze is blind voor irreversibele langetermijnnatuurschade of het maatschappelijke welzijn. Ondernemingen die democratisch door werknemers worden bestuurd doen het trouwens even goed als ondernemingen die geleid worden door een oligarchie van ‘knappe koppen’.  

Pronken

Het betrekken van werknemers bij het bestuur van ondernemingen kan die ondersteunen om hun sociale verantwoordelijkheid ernstiger te nemen. Ondernemingen zetten graag hun schouders onder de doelstellingen van duurzame ontwikkeling. Die staan te pronken in hun jaarrapporten.

Zo ook in die van Rio Tinto, waarvan de CEO in april 2019 op CNBC pochte over het belang van duurzame ontwikkeling, maar een jaar later een historische site in Australië de lucht in blies om naar ertsen te graven.

Inspraak van werknemers bij het bestuur moet er komen als men de waardigheid van de werknemer wil erkennen, zoals men door politieke revoluties de rechten en vrijheden van burgers heeft erkend.

Dat kon gebeuren omdat ondernemingen niet worden geleid, noch gemotiveerd of gemachtigd zijn om maatschappelijke doelstellingen te realiseren. Dat heeft niets te maken met de Friedmaniaanse stelling dat bedrijven slechts werken voor aandeelhouders, maar met de balans tussen maatschappelijke doelstellingen en de belangen van de aandeelhouder. Zoals hoogleraar Harry Hummels van de universiteit van Utrecht en ondernemer Tom van der Lubbe onlangs opperden: ‘De sociale verantwoordelijkheid van ondernemingen is meestal niet meer dan het verschuiven van de dekstoelen op de Titanic’.

Nooit zal een aandeelhouder opgeofferd worden aan een maatschappelijk doel. Daarom, stelt de VN, is een steeds grotere afhankelijkheid van de particuliere sector om de wereld op het juiste spoor te krijgen een doodlopende weg. Als Rio Tinto democratisch was geleid, dan was de historische site van de aboriginals bewaard gebleven.

Verantwoordelijkheid

Vakbonden spelen een belangrijke rol bij de vrijwaring van de rechten van werknemers. Werknemers willen geen ‘flexibele’ of ‘gig’-jobs maar vragen in de eerste plaats ondubbelzinnig en compromisloos respect voor de waardigheid van hun gezin en hun geliefden en hun natuurlijke omgeving. En ze hebben voldoende verantwoordelijkheid om geen loonsverhogingen te eisen als de omstandigheden navenant zijn, op voorwaarde dat ze kunnen deelnemen aan het bestuur van de onderneming.

Deelnemen aan het bestuur gaat verder dan een ondernemingsraad of sociale verkiezingen. Als werknemers ‘het belangrijkste kapitaal’ van de onderneming zijn, waarom worden ze dan niet uitgenodigd om mee strategische beslissingen te nemen? Die inspraak van werknemers bij het bestuur moet er dus komen als men de waardigheid van de werknemer wil erkennen, zoals men door politieke revoluties de rechten en vrijheden van burgers heeft erkend.

Jan Rosier

Gewoon hoogleraar management aan UCD Dublin. Hij doceert over industrie en samenleving.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud