opinie

Vleessector wil gecoördineerde aanpak van coronapandemie

Gedelegeerd bestuurder Febev

Sinds het begin van de coronacrisis wordt met argusogen naar de vleessector gekeken. Die nam een reeks maatregelen zonder duidelijke richtlijnen van de overheid.

Een van de opvallendste vaststellingen in de marge van de Covid-19 pandemie is hoe complex en versnipperd de bevoegdheden in ons land zijn. Het gebrek aan een volwaardige regering heeft een onmiskenbare invloed. Heel wat werkgevers en bedrijfsleiders hebben vandaag onvoldoende houvast om tot een eenduidig en helder plan van aanpak te komen. Terwijl veel bedrijfsleiders het water aan de lippen staat.

Doortastend handelen binnen een duidelijk kader levert resultaten op. Het lijkt vanzelfsprekend, maar tot nu krijgen de Belgische werkgevers - zeker in de vleessector - geen duidelijk kader. Meer nog: door het kluwen van maatregelen wordt met twee snelheden gewerkt. De meeste werkgevers investeren in verschillende maatregelen en worden voortdurend onder druk gezet om meer te doen, om hun processen bij te schaven. Toch stellen veel werkgevers vast dat hun personeelsleden buiten de werkvloer besmet worden. Vorige week nam het vleesverwerkend bedrijf Westvlees preventieve maatregelen door een volledige afdeling in quarantaine te plaatsen en alle personeelsleden te testen wegens initieel 16 bevestigde besmettingen in de afdeling. Die besmetting liepen ze niet op de werkvloer op. Allen kwamen onlangs terug van vakantie.

Draaiboek

De Covid-19 pandemie treft iedereen in alle lagen van de bevolking, maar het is een huzarenstuk om als werkgever door het bos de bomen te zien. Sinds de start van de pandemie wordt de vleessector - net als de volledige voedingssector - beschouwd als een essentiële sector. FEBEV anticipeerde al kort na de eerste berichten over de impact van het virus in China en ontwikkelde een draaiboek. Dat werd in de eerste dagen van de lockdown in allerijl overgemaakt aan de bedrijven in de vleessector zodat ze maatregelen en voorschriften op de werkvloer konden doorvoeren.

FEBEV anticipeerde al kort na de eerste berichten over de impact van het virus in China en ontwikkelde een draaiboek.

Dat had meteen een positieve impact: los van enkele geïsoleerde besmettingen vastgesteld door de betrokken controle-instanties is het duidelijk dat de sector zijn verantwoordelijk nam, zonder duidelijke richtlijnen vanuit de overheid. Natuurlijk hebben we dat draaiboek voortdurend uitgebreid op basis van het voortschrijdend inzicht. Onze opdracht was duidelijk: erover waken dat we ondanks de dreiging in staat bleven de voedselbevoorrading te garanderen. In die opdracht zijn we met glans geslaagd.

Argusogen

Er wordt voortdurend met argusogen naar de Belgische vleessector gekeken. Naarmate de crisis vorderde, doken in onze buurlanden - met Duitsland op kop - onheilspellende berichten op van grootschalige besmettingen in slachthuizen. De grootste boosdoener bleken de buitenlandse krachten te zijn, die wegens erbarmelijke leefomstandigheden een broeihaard vormden die de verspreiding van het virus in de hand werkte.

Meteen werden de ogen - en de pijlen - gericht op de Belgische slachthuizen. Maar grote problemen bleven uit. Samen met de sociale partners werkten we in 2012 al een protocol uit. Een werkgever in deze sector wordt hoofdelijk aansprakelijk gesteld als een onderaannemer zijn verplichtingen niet vervuld. Bijkomend organiseert de Sociale Inspectie en OpsporingsDienst (SIOD) jaarlijks minimaal 50 controles in de vleessector om sociale fraude aan te pakken. Die inspanningen maken dat onze sector in loonkost niet kan concurreren met de Duitse, maar ze hebben ook voordelen.

De crisis van de afgelopen maanden bracht veel ongeziene vragen met zich mee. Sommige hebben antwoorden nodig van de bevoegde overheid, maar in de praktijk moet nog uitgeklaard worden wat de correcte verdeling is tussen de regionale en federale bevoegdheden. Het resultaat is een vertraagde besluitvorming en slapeloze nachten voor de bedrijfsleider.

De vele voorwaardelijke handelingen die bedrijven vanuit de overheidsaanbevelingen kunnen halen, creëren een enorme onzekerheid en onduidelijkheid, terwijl de eindverantwoordelijkheid bij de werkgever rust. Het wordt hoog tijd dat onze beleidsmakers in samenwerking met de sectoren tot een modus operandi komen die maximaal de werknemers vrijwaart, de continuïteit in de voedselbevoorrading garandeert en besmettingen of werknemers uit vakantie in een eenduidige testsystematiek plaatst. Meer controles zijn geen oplossing omdat dat de kloof tussen de bedrijfswereld en de overheid vergroot. Er is meer behoefte aan een gecoördineerde aanpak waarbij beide partijen een gezamenlijk doel hebben, en dat is de bestrijding van het coronavirus.

Michael Gore, gedelegeerd bestuurder FEBEV (Federatie van het Belgisch Vlees)

Lees verder

Gesponsorde inhoud