Waar zijn al die bloeddiamanten?

©Inge van Mill/Hollandse Hoogte

Ik viel bijna van mijn stoel toen ik onlangs het ontwerp van resolutie van de zes federale regeringspartijen las, met de boude stelling dat de strijd tegen de bloeddiamanten heeft gefaald. Nu de resolutie is goedgekeurd, is mijn verbazing nog groter.

Door Peter Meeus, voorzitter van de Dubai Diamond Exchange en van 1999 tot 2006 CEO van het Antwerp World Diamond Centre, dat toen nog de
Hoge Raad voor de Diamant heette.

Ik was als voormalig directeur-generaal van het Antwerp World Diamond Centre erg nauw betrokken bij het op poten zetten van het Kimberley Process Certification Scheme (KPCS), het wereldwijd erkende controleorgaan voor diamanten. Eigenlijk zijn de principes daarvan geschreven in onze kantoren in Antwerpen.

Eenvoudig was het niet, want de Belgische regering vond dat we te weinig deden en de sector in Antwerpen was van mening dat het allemaal niet nodig was. Maar we hebben doorgezet omdat het een ‘juiste’ zaak was. We hebben toen zeer nauw samengewerkt met Global Witness, de meest betrokken ngo, om een rechtvaardig en eerlijk systeem uit te werken.

Diamant is anno 2014 de best gecontroleerde grondstof in de wereld. Met uitzondering van uranium wordt geen enkele andere grondstof zo streng gecontroleerd en opgevolgd als ruwe diamant. Meer dan 99,8 procent van alle geproduceerde diamanten wordt gecertificeerd door het Kimberley-proces. Probleemlanden als de Centraal Afrikaanse Republiek, Ivoorkust, Guinea en Venezuela staan voor nog geen 0,2 procent van de wereldproductie.

Al in april 2013, toen de problemen in de Centraal Afrikaanse Republiek begonnen, heeft het Kimberley-proces - waarvan ik namens de Verenigde Arabische Emiraten deel uitmaak - maatregelen getroffen opdat het land geen illegale diamanten meer zou kunnen uitvoeren. Het Kimberley-proces heeft er zo als eerste en enige, en dat op zeer korte tijd, voor gezorgd dat rebellen de kans niet krijgen om hun oorlog te financieren met de verkoop van ruwe diamanten.

Mensenrechten

Kan dat gezegd worden van enig ander mineraal, laat staan van enig ander diplomatiek inititatief? In tegenstelling tot wat wordt aangenomen en gesuggereerd in de resolutie is diamant een pionier en zou het als model moeten worden beschouwd voor andere grondstoffen.

De media en de politiek worden echter systematisch gevoed door berichten, al dan niet vals of politiek geïnspireerd, over constante mensenrechtenschendingen bij de exploitatie van diamant. Sinds de Hollywoodfilm ‘Blood Diamond’ (2006) blijkt iedereen dat zomaar aan te nemen.

Hoe komt het toch dat de relatie van de sector met de ngo’s zo verslechterd is? Ooit was die uitstekend. Waarom zijn de ngo’s zo ontevreden met wat het Kimberley-proces en de diamantsector gerealiseerd hebben?

Zeker niet omdat er meer conflict-diamanten zouden zijn dan twaalf jaar geleden. Waarom dan wel? Misschien omdat de ngo’s zelf kleine ondernemingen zijn geworden en dat de beschikbare fondsen kleiner zijn geworden, en de onderlinge concurrentie dus groter? Is daar hun behoefte om sterke verhalen te vertellen ontstaan? Kan het niet zijn dat diamant voor ngo’s tot hun core business is gaan behoren en bloeddiamanten dus moèten blijven bestaan ?

Kunnen we misschien ook eens stil staan bij de economische context? Het is een publiek geheim dat de ngo’s die werken rond mineralen vooral gesubsidieerd worden door westerse mogendheden. Heeft iemand al eens de link gelegd met het tanend economische belang van de grootmachten in Afrika ? Dat China in 2012 de eerste economische macht in de wereld is geworden met een handelsstroom van 3,82 milliard dollar. Dat er een soort Koude Oorlog bezig is in Afrika voor de controle over essentiële grondstoffen.

Non-probleem

Zelfs als dat niet de bedoeling zou zijn van de ngo’s wordt het wel zo gepercipieerd door al mijn collega’s in zuidelijk Afrika, waar ik al enkele jaren een derde van mijn tijd doorbreng. Neem daar bij dat Rusland, China, India, Zuid-Afrika, Namibië, Angola, Zimbabwe, Congo en de Verenigde Arabische Emiraten het zo stilletjesaan moe zijn dat een kleine minderheid van lidstaten zijn agenda ongegeneerd blijft opdringen aan de overgrote meerderheid in de besluitvorming van het Kimberley-proces. In naam van de mensenrechten, maar dat gelooft niemand meer.

De resolutie van de meerderheidspartijtoont alvast aan wiens kant België zich in dit debat schaart. En dat voor een non-probleem in een sector die het al heel moeilijk heeft om zich te handhaven en eens te meer bij het huisvuil wordt gezet.

Dat de mensenrechten nageleefd moeten worden, staat buiten kijf. Er zijn genoeg instanties die in alle objectiviteit oordelen over deze problematiek. Instanties die niet afhankelijk zijn van de financiering door buitenlandse regeringen die een economisch voordeel trachten te behalen en zeer succesvol de media bespelen.

Wordt het geen tijd om die reputatie van ‘dirty business’ aan de kant te schuiven? Wie is 100 procent perfect? Is 99,8 procent niet goed genoeg? Want vandaag zijn er nog amper conflictdiamanten.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect