column

Afnemende armoede

Hoofdeconoom Voka en auteur van 'Terug naar de feiten'

Corona deed de armoede niet stijgen in België. Ze nam vorig jaar zelfs af.

De coronacrisis leidde het voorbije jaar tot allerlei overhaaste conclusies. Zo zou de crisis een catastrofe zijn voor onze arbeidsmarkt en tot een dramatische stijging van de armoede leiden. Op basis van de recentste cijfers blijkt geen van beide het geval. In de eerste helft van 2020 gingen netto wel meer dan 50.000 jobs verloren, maar die klap is ondertussen verwerkt. In de eerste maanden van 2021 was het netto jobverlies teruggebracht tot nog een kleine 5.000 jobs. Vandaag zitten we qua aantal werkenden zo goed als zeker weer boven het precrisisniveau. Sommigen verwachten nog altijd een klap op de arbeidsmarkt, maar meerdere enquêtes geven aan dat de bedrijven vooral bezig zijn met aanwerven, niet met ontslaan.

Ook de jongste armoedecijfers weerleggen de al te snelle conclusies tijdens de crisis. In 2020 is de armoede in België zelfs afgenomen. De ernstige materiële deprivatie (die aangeeft hoeveel mensen niet in staat zijn te huren, onverwachte uitgaven op te vangen of op reis te gaan) is in 2020 afgenomen tot 3,9 procent. Dat betekent niet dat er geen probleem is met de armoede in België. Het cijfer blijft te hoog in vergelijking met de toplanden in Europa, maar van de door sommigen voorspelde forse stijging lijkt geen sprake. Achter die Belgische cijfers schuilen wel opmerkelijke regionale verschillen, waarbij Vlaanderen met 1,5 procent aanleunt bij de Europese top, terwijl de cijfers in Wallonië (6,8%) en Brussel (8,8%) veel slechter zijn.

Het armoedecijfer in België blijft te hoog in vergelijking met de toplanden in Europa, maar van de door sommigen voorspelde forse stijging lijkt geen sprake.

Een goede beleidsaanpak van onze zeer reële problemen op de arbeidsmarkt en qua armoede vereist een correcte analyse van die problemen. Het ziet er meer en meer naar uit dat de coronacrisis geen grote veranderingen veroorzaakte. Het beleid moet daarom vooral focussen op de al langer gekende structurele problemen. Die aanpak moet nog altijd vertrekken van een beter werkende arbeidsmarkt die meer kansen biedt aan kwetsbare groepen. De doelstelling van een werkzaamheidsgraad van 80 procent is de juiste, maar vergt belangrijke structurele hervormingen. Op dat vlak blijft het voorlopig oorverdovend stil. Er wordt gemikt op de werkgelegenheidsconferentie van september, maar de eerste signalen zijn niet geruststellend.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud