opinie

De nieuwe Europese orde: met of zonder Griekenland?

Een grexit zal de anti-Europese gevoelens alleen maar aanwakkeren.

Stavros Papagianneas is managing director van StP Communications, een Brussels communicatiebureau gespecialiseerd in Europese zaken

©rv

Op 4 april 2012 joeg Dimitris Christoulas zich een kogel door het hoofd in het midden van het Syntagmaplein vlak voor het parlement in Athene. In zijn afscheidsbrief liet de gepensioneerde apotheker weten dat hij liever zo waardig aan zijn einde kwam dan zich te moeten verlagen tot het zoeken naar eten in vuilnisbakken en zijn kinderen, die het zelf al niet breed hadden, lastig te moeten vallen.

De 77-jarige man vergeleek de Griekse regering van 2012 met de collaborerende regering tijdens de Duitse bezetting in de Tweede Wereldoorlog, een mening die veel Grieken delen. De trojka (Europese Commissie, Internationaal Monetair Fonds en Europese Centrale Bank) is voor de meeste Grieken een bezettingsmacht. Christoulas had zijn hele professionele leven lang al zijn sociale bijdragen en belastingen voorbeeldig betaald. De crisis had zijn pensioen tot een aalmoes gereduceerd.

In deze crisis worden de Griekse politici terecht ter verantwoording geroepen. Griekse burgers worden als dieven, profiteurs en oplichters beschreven. Maar ook andere politici in Europa hebben boter op het hoofd. Sinds het midden van de 20ste eeuw is geen Europees volk zo schaamteloos en met zoveel vooroordelen beladen als de Grieken in dit tweede decennium van de 21ste eeuw.

Door de verkiezing van Alexis Tsipras - in combinatie met zijn politieke identiteit - is het anti- Grieks delirium, vooral in landen als Nederland en Duitsland, maar ook elders, aanzienlijk verergerd. Elsevier koos voor zijn voorpagina deze weinig respectvolle slogan: ‘Aan de nieuwe premier van Griekenland. Geachte heer Tsipras, terugbetalen of wegwezen!’

Een voormalige Brusselcorrespondent van Elsevier schreef me: ‘Wat die Elsevier-cover betreft, kan ik wel met je meevoelen. In mijn tijd zouden we dat niet gedaan hebben. Maar mijn tijd is voorbij, ik ben met pensioen.’

Het enthousiasme van de eenmaking van Europa was bijzonder groot onder mijn generatiegenoten, maar is sinds het begin van de jaren 2000 sterk verminderd. De onvrede over de stijgende prijzen door de invoering van de euro en de snelle uitbreiding van de EU hebben daarbij een grote rol gespeeld.

Kroon

Het is geen geheim dat de gemeenschappelijke Europese munt de kroon op het werk van Europa’s politieke eenmaking moest worden. Die moest een herhaling vermijden van de tragedies die zich in het Europa van de voorbije eeuw hadden afgespeeld. Een gemeenschappelijke munt was nodig om de mensen nog dichter bij elkaar te brengen. Vanaf het begin speelden ook culturele verschillen in de eurozone een betekenisvolle rol. Ze kwamen echter pas aan de oppervlakte toen de wereldeconomie tot stilstand kwam.

Gescheiden van een bredere strategie van politieke integratie was de euro gedoemd om de inherente onevenwichten tussen de verschillende lidstaten van de eurozone verder aan te wakkeren. Het deficit van een lidstaat kon niet meer worden rechtgetrokken door de nationale munt te devalueren.

Zo zijn we in een vicieuze cirkel van buitenlandse schulden beland. Uiteindelijk ontaardde de monetaire unie in een soort overdrachtunie, waar de minder sterke economieën van Europa hun concurrentiepositie overdroegen naar de sterkste lidstaten. In ruil kregen ze goedkope leningen, helaas meestal niet gericht op investeringen, maar op consumptie.

Griekenland was het eerste slachtoffer van dat zakgeldsysteem. Dat is te wijten aan een combinatie van interne fouten en inefficiëntie, zowel op nationaal als op Europees niveau. Niet alleen Griekenland, maar ook Portugal, Spanje en Italië staken zich tot over de oren in de schulden.

Duitsland daarentegen, was de eerste onder ongelijke partners die in staat was zijn politiek-economische dogma als enig mogelijke oplossing voor Europa door te duwen .

Op basis van de huidige economische situatie en met het eigenbelang voor ogen probeert Berlijn Europa in nieuwe invloedssferen te herverdelen.

Op basis van de huidige economische situatie en met het eigenbelang voor ogen probeert Berlijn Europa in nieuwe invloedssferen te herverdelen. De Duitse aanpak kan ultiem leiden tot een herziening van de machtsverhoudingen zoals ze bij het einde van de Tweede Wereldoorlog tot stand kwamen en geconsolideerd werden bij de val van de Berlijnse Muur.

Feit is dat de euro een groot probleem heeft. De Europese burgers zijn tegen de euro in zijn huidige vorm en zeker tegen een verdere politieke integratie. Volgens mij is een doorgedreven politieke integratie van Europa evenwel de beste oplossing voor de eurocrisis. Als de integratie er komt, zullen de problemen met de euro ook verdwijnen.

Vandaag is de zoveelste dag van de waarheid voor Athene. Griekenland moet 300 miljoen euro betalen aan het IMF. Vraag is hoelang het land nog aan zijn financiële verplichtingen kan voldoen. Komt er een akkoord of hebben we ‘the point of no return’ bereikt ?’ We staan in elk geval veel dichter bij een grexit, het vertrek van Griekenland uit de eurozone.

Het is onduidelijk of een grexit de Europese economie ernstig zou destabiliseren. Maar het is voor mij zonneklaar dat een grexit leidt tot een verdere radicalisering en het versterken van de anti-Europese gevoelens in Spanje en het Verenigd Koninkrijk. Hoe kunnen we tenslotte nog spreken van een Unie als we een volwaardig lid van de gemeenschap wegens zijn geldproblemen afstoten?

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud