Europa en zijn relatie met Rusland is vooral slecht toneel

©BELGA

De Europese Unie moet zich richten op haar economische relaties met Rusland. Het slechte toneel rond een ‘strategisch partnerschap’ dat niet bestaat, laten Europa en Rusland beter achterwege. Daarvoor worden de mensenrechten in Rusland te veel en te flagrant geschonden.

Door Guy Verhofstadt, fractieleider in het Europees Parlement en kandidaat-Commissievoorzitter voor de Europese liberalen

De ‘Ter zake’-kijker kreeg maandag een erg zelfverzekerde Konstantin Dolgov te zien. Dolgov is de opsteller van het Russische rapport over mensenrechtenschendingen in de Europese Unie. Met de glimlach lijstte hij zaken op die volgens Rusland fout lopen in de EU: overbevolkte gevangenissen, xenofobie en racisme tieren welig, honderdduizenden Russen hebben geen rechten in Europa.

Na enkele minuten kwam de aap echter uit de mouw, de werkelijke beweegreden voor het rapport: ‘De EU houdt ervan anderen de les te spellen en daarin grenzen af te tasten.’ Versta: we worden niet graag op onze fouten gewezen en nog liever dan te veranderen, schrijven we vuistdikke rapporten over jullie gebreken.

Hoewel de Europese Unie verre van een perfecte samenleving is, klinkt de Russische kritiek erg cynisch in de oren. Als er ergens moorden met racistische motieven schering en inslag zijn, neonazisme een populaire ideologie is en holebi’s moeten vrezen voor hun veiligheid, dan is het wel in Rusland. Gevangenen, maar evengoed rekruten in het leger leven er vaak in mensonterende omstandigheden.

Geen wedstrijd

Dit is echter geen wedstrijd ‘waar zijn mensen er het slechtst aan toe?’ Problematisch is dat Rusland moeite heeft met een echt open en vrije discussie over mensenrechten, zowel bij hen als bij ons. Want wentelen wij, Europeanen, ons werkelijk in morele superioriteit? Maken wij er een sport van Rusland te hekelen? Eerlijk gezegd, ik heb de indruk van het tegendeel. Wegens de grote energiebelangen denken Europese politici twee keer na vooraleer ze tegen Rusland ingaan. Liever zwijgen dan het risico te lopen dat de gaskraan dichtgaat. Slavisten en Oost-Europaspecialisten wikken en wegen hun woorden, want één te veel of te weinig kan je de toegang tot het land kosten.

Rusland heeft opnieuw de smaak te pakken. Het land maakt volop werk van zijn terugkeer op het wereldtoneel, zoveel is duidelijk. In 2008 was er de invasie van Georgië. In Syrië zijn ze de cruciale bondgenoot van het Assad-regime en de Oekraïners mogen elke dag in de vrieskou ervaren wat het betekent als je regering in Russische handen is. Georgië, Oekraïne, Syrië: de Russische voortuin, onze achtertuin. Hoe moeten we omgaan met dit wel erg assertieve Rusland?

Misschien kunnen we beginnen niet langer de lof te zingen van het ‘strategisch partnerschap’ tussen de EU en Rusland. Dat partnerschap bestaat niet, en het zal er ook niet komen door het op elke persconferentie te vermelden. Rusland laat daarvoor iets te graag weten dat onze Europese waarden niet universeel zijn, maar typisch voor de ‘decadente, westerse maatschappij’.

Belangen

De EU doet er beter aan te focussen op haar economische relaties met Rusland. We moeten duidelijk maken dat Europa zijn grenzen niet wil verleggen, maar dat we wel onze economische belangen scherp en eensgezind zullen verdedigen.

Zo moet Rusland zijn vrijhandelsengagementen bij de Wereldhandelsorganisatie nakomen. Bovendien moet het begrijpen dat we aan onze grenzen geen verpauperde landen willen, maar stabiliteit en welvaart. Oekraïne dwingen om zijn associatieverdrag met de EU niet te tekenen, is aberrant. Het verdrag zal zorgen voor nauwere economische banden tussen Europa en zijn op een na grootste buurland. Het zal leiden tot meer handel en vooral ook tot een meer welvarend Oekraïne. Rusland onthaalde het associatieverdrag echter door te dreigen met economische sancties tegen Oekraïne.

Wil dat dan zeggen dat Europa niet meer aan politiek mag doen in zijn ‘achtertuin’? Neen, we moeten net een meer proactieve rol spelen in bijvoorbeeld het oplossen van bevroren conflicten in de Kaukasus. Als we willen dat die landen wel- varend worden, is de opbouw van sterke democratische instellingen essentieel.

We moeten stoppen met het ‘slechte toneel’ dat Rusland en de EU momenteel opvoeren en eerlijk zeggen waar het op staat. Europa en Rusland hebben sterke, wederzijdse economische belangen. Laat ons die aan beide kanten zo optimaal mogelijk benutten. Maar van een ‘strategisch partnerschap’ is geen sprake. Daarvoor zijn de mensenrechtenschendingen in Rusland te veelvuldig en te flagrant. We mogen dat niet langer verbloemen. Om te beginnen kunnen onze Europese politici best thuisblijven van de Winterspelen in Sotchi.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud