opinie

Griekse tijdbom onmantelen

Er staat veel op het spel bij de Griekse verkiezingen zondag. De uitslag kan bepalen of het land in de eurozone blijft.

Door Yannos Papantoniou

©RV

Er staat veel op het spel bij de Griekse verkiezingen zondag. De uitslag kan bepalen of het land in de eurozone blijft.

Syriza, de radicaal linkse partij die haar populariteit omhoog zag schieten tijdens de economische crisis, is de grote favoriet. Wellicht haalt ze onvoldoende stemmen om alleen te regeren. Maar het is niet duidelijk wie de coalitiepartner wordt.

Het economische programma van Syriza is ontworpen om de impact van de excessieve besparingen tegen te gaan. De besparingen zijn 4,5 jaar lang opgelegd door de trojka - de Europese Centrale Bank (ECB), het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Europese Commissie - in ruil voor de financiële redding van Griekenland. De pensioenen werden gemiddeld met 40 procent gereduceerd, terwijl de middenklasse onder het gewicht van de hoge vastgoedbelastingen leed.

Het resultaat is dat Griekenland in een diepe en aanhoudende recessie terechtkwam, waarna het bruto binnenlands product (bbp) 25 procent lager stond dan voor de crisis. Bovendien bedraagt de werkloosheid 26 procent, en meer dan 50 procent onder de jongeren. De meeste werkloosheidsuitkeringen worden na twaalf maanden gestopt en bij langdurige werkloosheid verliest men ook de toegang tot het gezondheidssysteem. Bovendien stegen de prijzen voor medicijnen met 30 procent. Het is dus duidelijk waarom de Griekse samenleving uit elkaar valt.

Natuurlijk zouden die opofferingen lonend zijn geweest als de Griekse schuld tot aanvaardbare proporties was teruggebracht. Maar eind 2014 stond de schuld op 176 procent van het bbp, tegenover 127 procent in 2009. Om die schuld terug te betalen moet het jaarlijkse begrotingsoverschot minstens 4 procent van het bbp bedragen en dat tot 2022 - en dat zou een enorme economische groei vragen. Onder het gewicht van de eindeloze besparingen is dergelijke groei echter uitgesloten.

Daarom heeft Syriza beloofd een nieuw uitgavenprogramma op te zetten - inclusief gratis elektriciteit en voedselbonnen voor de armen en een verhoging van de ambtenarenpensioenen tot het niveau van voor de crisis - wat neerkomt op 6,5 procent van het bbp. Belastingverhogingen voor hoge inkomens en grote vastgoedeigenaren zouden de kosten moeten financieren, terwijl een stijging van het minimuminkomen de ongelijkheid zou moeten verzachten.

Syriza heeft ook beloofd de arbeidsmarkt te liberaliseren en de privatiseringen op te schorten. Ten slotte wil het onderhandelen over de Griekse schuld met de kredietverstrekkers, in de hoop een belangrijke schuldherschikking te bekomen.

Het economische programma van Syriza gaat voorbij aan het feit dat een belangrijk deel van de inspanningen van de overheidsbegroting en structurele hervormingen niet alleen een onderdeel van de Griekse verplichtingen vormen, maar evenzeer het land ten goede komen op lange termijn . Daarom kunnen en mogen ze niet afgeschaft worden. Wél moeten het ontwerp en de toepassing van deze maatregelen worden aangepakt, om hun effectiviteit te verbeteren in de huidige economische omstandigheden.

Vertrouwensbreuk

Zo’n aanpak zou de positie van Syriza in de onderhandelingen over een schuldherschikking verbeteren. Niettemin is het duidelijk dat de trojka niet genegen is om het onderhandelingskader van Syriza te aanvaarden, maar de gesprekken gewoon wil voortzetten die ze met de huidige centrumrechtse regering voerde, met nog meer besparingen, arbeidsmarkthervormingen en pensioenhervormingen. Kortom, de trojka wil dat Griekenland de eerdere verplichtingen nakomt.

Als de onderhandelingen stilvallen, resulteert dat in een financiële en liquiditeitscrisis waarbij Griekenland niet kan leven tegen de huidige rente. Met als gevolg dat de begroting ontspoort en de bankencrisis verergert. Dat kan leiden tot een vertrouwensbreuk die uitmondt in een regelrechte crisis, wat op zijn beurt het land zal verplichten een derde reddingsplan aan te vragen - een reddingsplan dat Griekenland uit de eurozone zet en verplicht een nieuwe, gedevalueerde munt te aanvaarden.

In dat geval wordt de Griekse geopolitieke positie voort verzwakt, zal de economie dieper wegzinken in een recessie en zullen de sociale spanningen stijgen. Bovendien zal de instabiliteit chronisch worden omdat de eurozone niet langer een buffer vormt tegen financiële laksheid.

Als één lid de eurozone verlaat, is de integriteit van de eurozone niet langer gegarandeerd. Dat is een boodschap die de markten niet zullen negeren.

Overheden in de eurozone stellen dat Griekenland niet langer een systeemrisico vormt omdat verschillende instrumenten tegen de financiële crisis inmiddels zijn ingevoerd, met inbegrip van reddingsfondsen die door de overheid gesteund zijn, een gedeeltelijke bankenunie, strengere begrotingscontroles en de nieuwe rol van de ECB als ultieme kredietverstrekker. Maar als één lid de eurozone verlaat, is de integriteit van de eurozone niet langer gegarandeerd - een boodschap die de markten niet zullen negeren.

Een Griekse uitstap kan dienen als waarschuwing voor landen als Spanje, Italië en Frankrijk, waar er een sterke opkomst is van anti-Europese en anti-establishmentpartijen. Maar het doet niets aan het echte probleem: de toenemende economische divergentie tussen de landen in de eurozone. Zolang de kloof blijft toenemen, zullen de kiezers de Europese integratie blijven uitdagen. Alleen een verdere eenmaking, gestoeld op een groeigeoriënteerd beleid in de zwakkere landen, kan die trend ombuigen.

Dat kan, maar alleen als de belangrijkste actoren in de eurozone het gevaar van een grexit onderkennen. Een door Syriza geleide regering moet haar standpunten verzachten en beloven de hervormingen door te voeren in ruil voor een substantiële schuldherschikking, een herschikking die de trojka moet toestaan.

Yannos Papantoniou is gewezen Grieks minister van Economie en Financiën en voorzitter van het Center for Progressive Research

 

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud