Het debat over de spaarfiscaliteit is behoorlijk schizofreen

Stijgende verkiezingskoorts of een beredeneerde politieke strategie in de aanloop naar een compromis? Ik weet het niet. Maar wat ik wel weet, is dat de discussie over de hervorming van de spaarfiscaliteit vrij schizofrene proporties heeft aangenomen.

Door Michel Maus, advocaat-vennoot bij Everest Law en docent fiscaal recht aan de VUB en de UA

Het fiscale spel zit weer op de politieke wagen. Dit keer gaat de discussie over de plannen van minister Geens om de spaarfiscaliteit te hervormen.

Momenteel geldt er in de personenbelasting een fiscale vrijstelling voor intresten op spaarboekjes tot 1.880 euro. Als dit bedrag wordt overschreden is een roerende voorheffing van 15 procent verschuldigd. Om meerdere keren van de vrijstelling te kunnen genieten, spreiden belastingplichtigen hun spaargeld wel eens over meerdere banken. Dat is uiteraard fraude, maar de overheid heeft tot op heden geen aanstalten gemaakt om die techniek aan te pakken. We kunnen dat rustig schuldig verzuim noemen.

Minister van Financiën Geens wil de fiscale vrijstelling van de intresten uitbreiden naar andere financiële producten, zoals kasbons, termijnrekeningen, en zelfs aandelen. De achterliggende gedachte is om het pure spaargeld te activeren in de richting van andere financiële producten, om zo de economie te stimuleren.

Terzelfdertijd wil Geens ook de ‘gelegaliseerde’ fraude aanpakken door de vrijstelling afhankelijk te maken van een vrijwillige aangifteplicht. De aangifte is dus geen verplichting, maar wie zijn roerende inkomsten niet aangeeft zal niet van de vrijstelling kunnen genieten. Het voorstel kreeg meteen felle kritiek, zowel uit liberale als uit socialistische hoek. De liberalen hebben problemen met de meldingsplicht van de inkomsten en zien in het voorstel een belangrijke stap naar een vermogenskadaster. De socialistische partijen van hun kant vinden dan weer dat het verwerven van risicodragende financiële producten niet fiscaal mag worden aangemoedigd.

En zo belanden we dus in een behoorlijk schizofrene toestand.

Vooreerst is er het voorstel tot uitbreiding van de fiscale vrijstelling van minister Geens zelf. In mei van dit jaar stelde Geens nog voor om het fiscale voordeel op spaarboekjes geleidelijk af te bouwen, om meer spaargeld naar de economie te laten vloeien. Een half jaar later luidt het voorstel om het fiscale voordeel niet af te schaffen, maar met dezelfde motivering juist uit te breiden naar andere spaarproducten. Wat is het nu eigenlijk?

Hallucinant

Ook vrij hallucinant is de redenering dat de fiscale vrijstelling op spaarboekjes de belastingplichtigen verhindert om te investeren in andere financiële producten zoals obligaties en aandelen, wat nodig is om de economie te stimuleren. Bizar, want dankzij de regering-Di Rupo is de roerende voorheffing op dividenden van aandelen en op intresten van obligaties verhoogd van 15 naar 25 procent. Puur fiscaal heeft men hier de boodschap gegeven om braaf zijn centen op spaarboekjes te houden, want daar geldt een fiscale vrijstelling en lage RV van 15 procent. Goed doordacht was dat dus blijkbaar allemaal niet.

Ook het idee van de vrijwillige aangifteplicht om van de vrijstelling te kunnen genieten is bedenkelijk. Dat werkt niet, en het is een ongelofelijke administratieve rompslomp voor de banken. De regering-Di Rupo heeft nochtans met de fameuze ‘rijkentaks’ al een vrij negatieve ervaring achter de rug met een vrijwillige aangifteplicht van roerende inkomsten. Blijkbaar is men die commotie al vergeten.

Dezelfde bedenkelijkheid geldt overigens ook voor het verzet tegen de fiscale transparantie die voortspruit uit de koppeling van de vrijstelling en de aangifte van roerend vermogen. Ook dat is vrij hypocriet. De regering-Di Rupo heeft immers met het invoeren van de aangifteplicht voor buitenlandse levensverzekeringen en juridische constructies en de oprichting van een databank van Belgische en buitenlandse bankrekeningen al ferme stappen gezet richting een vermogenskadaster. Nu plots in verzet gaan tegen een facultatieve aangifte van roerend inkomen om fraudetechnieken tegen te gaan, gaat regelrecht in tegen het eerdere beleid van de regering, dat wel door alle regeringspartijen werd ondersteund.

De regeringspartijen weten dus niet meer goed van welk hout pijlen maken. Van een rechtlijnige fiscale visie is al helemaal geen sprake meer. En uiteindelijk is de vraag ook of de voorgestelde hervorming van de spaarfiscaliteit wel wenselijk is. Het is voor iedereen inmiddels toch duidelijk dat de klemtoon van de reeds lang aangekondigde grootschalige fiscale hervorming op de arbeidsfiscaliteit ligt. De belastingdruk op arbeid moet naar omlaag, en dat doe je niet door budgettair cadeaus uit te delen op het niveau van de spaarfiscaliteit.

Vandaar, schaf de vrijstelling van intresten op spaarboekjes af in plaats van ze uit te breiden en gebruik de budgettaire ruimte om de arbeidsfiscaliteit te verlagen. Daarmee creëer je koopkracht en laat je belastingplichtigen toe om vermogen op te bouwen. Daar is de economie op langere termijn veel meer mee gebaat.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud