opinie

Het r-woord komt steeds dichterbij

Maanden met een r brengen het r-woord dichterbij. De vraag is of de monetaire munitie volstaat om een recessie af te wenden.

Als er een r in de maand zat, konden mensen vroeger lastig aan vers fruit en groenten komen en hadden ze een verminderde weerstand. De vatbaarheid voor infecties en ziektes werd daardoor groter. We zitten in de herfst en winter meer binnen en verblijven dicht op elkaar. Virussen zoals een verkoudheid en de griep kunnen zich zo gemakkelijker verspreiden. Vitaminepillen werden als een antwoord gepresenteerd om toch gezond te blijven.

De Verenigde Staten, de agent van de wereld, is niet langer in control of wil dat niet meer zijn

De wereldeconomie ligt al jaren aan een infuus van monetaire vitamines en schuldenmineralen met soms een flinke portie fiscale supplementen. De vraag is of dat infuus er al niet veel te lang is en of het opvoeren van de dosis de mondiale economie nog helpt. Het aantal rondwarende politieke en economische ziektekiemen is in elk geval dusdanig toegenomen dat zij resistent aan het worden zijn voor fiscale en monetaire pillen, poedertjes en prikken.

Nu die r in de maand snel dichterbij komt, doemt ook een gevreesd ander r-woord vaker op: recessie. De wereldhandel zit in het slop, de industriële productie krijgt klappen, schulden staan op recordniveaus en de groei zwakt op de meeste plekken af.

Voldoende knipperende en zwaaiende economische lichten. Daarbij is de politieke achtergrond ook weinig behulpzaam. De vraagtekens worden almaar groter bij de positie van de Verenigde Staten als onmisbare supermacht die - weliswaar soms dom, soms opportunistisch en soms allebei - toch de wereldeconomie en de onderliggende structuren in stand houdt en bijspringt waar nodig. De agent van de wereld is niet langer in control of wil dat niet meer zijn. Tegelijk maken andere, autoritaire grootmachten van dat vacuüm gebruik om hun positie te versterken. Kleinere spelers denken - regelmatig terecht - dat ze weg kunnen komen met dingen waarmee ze zich in het verleden Amerikaanse problemen op de hals hadden gehaald.

Het geopolitieke krachtenspel is duidelijk op drift, de democratie delft het onderspit ten faveure van autocratie en de regels voor het nieuwe of overgangstijdperk zijn nog verre van uitgekristalliseerd. Door de veelheid aan crises is de kans aanzienlijk dat we in elk geval op de middellange termijn een of meer conflicten en problemen zien escaleren.

Azië is erg kwetsbaar. Velen spraken de afgelopen jaren van de Aziatische eeuw, maar nu is de regio in de greep van instabiliteit en grensoverschrijdende clashes en spanningen waarbij alle grote spelers in de regio betrokken zijn, waaronder China, India, Japan en Zuid-Korea.

Tegelijk zitten de drie grote Latijns-Amerikaanse landen in de problemen, waarbij Argentinië laat zien hoe gevoelig zenuwachtige markten kunnen zijn voor politieke tegenslag. Azië en Latijns-Amerika mogen dan in het verdomhoekje zitten, de westerse markten kampen vrijwel allemaal met hun eigen politieke en economische tegenwinden.

De politiek moet van zich laten horen nu het economische klimaat verslechtert en de paraplu’s van de centraal bankiers niet sterk genoeg blijken

Die politieke onzekerheid is des te zorgelijker nu de effectiviteit van meer monetaire stimulering daalt. Aandelenmarkten leken dat recentelijk al aan te geven met hun erg lauwe ontvangst van het ruimer monetair beleid van de Fed en de Europese Centrale Bank. Voorheen hanteerden de markten het adagium ‘slecht nieuws is goed nieuws’ in die zin dat beleggers handelden met de overtuiging dat tegenvallende economische cijfers meer dan gecompenseerd zouden worden door gas gevende centrale banken. Dat mechanisme is nog niet helemaal verdwenen, maar we zitten wel in een omslagfase.

Dat is voor politici van groot belang, omdat centrale banken regelmatig tegen wil en dank politici in de gelegenheid stelden om pijnlijke hervormingen uit te stellen. Waarom electoraal gevaar lopen als centrale banken structurele economische zwaktes verbloemen door aandelenmarkten te stutten en overheden in staat stellen om te lenen tegen een habbekrats of zelfs met geld erbovenop? De politiek moet van zich laten horen nu het economische klimaat verslechtert en centraal bankiers onvoldoende sterke paraplu’s tevoorschijn kunnen toveren om fikse hagelbuien het hoofd te bieden.

Zo moet het TINA-adagium (‘There Is No Alternative’) dat financiële markten al lang domineert en beleggers naar aandelen drijft steeds letterlijker genomen worden. Ook aandelen worden een almaar minder aantrekkelijke optie.

Dat is nog onvoldoend ingeprijsd op de aandelenmarkten. Het monetaire kruit dat nog voorhanden is, is nat geworden en de fiscale slagkracht van veel landen is door grote schuldenbergen beperkt. Onder andere goud en de obligatiemarkten sorteren al voor op minder vette jaren. Aandelen weten het nog niet zeker. In elk geval is de wereldeconomie, met de r in de maand in aantocht, duidelijk vatbaarder voor ziektes terwijl de monetaire apotheker en fiscale dokter hoogstwaarschijnlijk onvoldoende in huis hebben om de patiënt op de been te houden.

Lees verder

Gesponsorde inhoud