opinie

'Home grown' terrorisme versus democratie

De experts van het schaduwkabinet van De Tijd fileren de actualiteit en geven goede raad waar nodig. Ditmaal David Criekemans, de schaduwminister van Buitenlandse Zaken.

David Criekemans ©wim kempenaers (wkb)

Schokgolven zinderen nog na in Europa. De terroristische aanslag op het Franse satirische weekblad Charlie Hebdo raakte de kern van de westerse waarden: de vrijheid van meningsuiting.

Terrorisme is zo oud als de mensheid. Georganiseerde groepen wenden de dreiging van geweld aan om politieke doelen te bereiken. In essentie is terrorisme een vorm van psychologische oorlogsvoering, omdat zijn publiek ver voorbij de eigenlijke slachtoffers reikt. Terreur zaaien betekent dan via angst samenlevingen laten verkrampen. De vraag is of we vandaag met een nieuwe vorm van terrorisme te maken hebben. Heeft de oude gesel een nieuwe gedaante aangenomen?

Wie terrorisme wil doorgronden, moet op zoek gaan naar de oorzaken. Lang zagen we in het Westen deze oorzaken als louter externe factoren: (burger)oorlogen in verre buitenlanden, rebellenbewegingen, maatschappelijke strijd. De jongste tien tot vijftien jaar worden we evenwel steeds nadrukkelijker geconfronteerd met ‘homegrown’ terrorisme. Klassieke verklaringen als sociaal-economische achteruitstelling blijken niet doorslaggevend.

Vaak is de oorzaak eerder te zoeken bij de vervreemding en de identiteitscrisis van individuen in een globale wereld. Radicaal jihadistische projecten bieden hun inspiratie om uit die complexiteit en meerlagige identiteit te ontsnappen. Homegrown terroristen blijken soms erg beïnvloedbaar en onzeker, of ze voelen zich op een of andere manier mislukt of miskend.

Vandaag weten we dat een vermoedelijke dader van de aanslagen in Parijs al jaren gekend was als ronselaar voor de strijd in Irak. ‘Early warning’ is met andere woorden van groot belang, maar niet meteen om in de eerste fase een repressief beleid te voeren. Onderwijs en een gedegen sociaal weefsel kunnen een belangrijke rol spelen om sommige van die jongeren weer op het rechte spoor te brengen. Er zal evenwel altijd een harde kern overblijven, die enkel op een andere wijze effectief kan worden aangepakt. Nochtans vormen zij een kleine minderheid.

De mondialisering brengt een bijkomende dimensie. In een wereld waarin de internationale politiek een realtime gebeuren is, sijpelen die externe gebeurtenissen door tot in onze huiskamers. Er is opnieuw meer instabiliteit in verschillende delen van de wereld. Soms zijn westerse acties de oorzaak. Al Qaeda groeide uit de Amerikaanse strijd tegen de Sovjets in Afghanistan. De Amerikaanse inval in Irak in 2003 voedde een soennitische rebellie, waaruit uiteindelijk Islamitische Staat kon ontstaan. De daders in Parijs blijken een connectie met Jemen te hebben.

De instabiliteit die sinds 11 september 2001 om zich heen grijpt, infiltreert opnieuw in onze wereld. Grenzen kunnen Europa onvoldoende beschermen. Er moet worden gezocht naar een goede mix van maatregelen. In ons buitenlandbeleid moet het creëren van blijvende stabiliteit in de grensgebieden centraal staan. Binnenlands is een cruciale rol weggelegd voor onze inlichtingendiensten. Tegelijk is een nog meer doorgedreven Europese en internationale samenwerking van groot belang.

Toch moet een belangrijke kanttekening worden gemaakt. Het emotionele karakter dat rond terrorisme hangt, vormt vaak een barrière tot een rationelere analyse. In zo’n atmosfeer bestaat het gevaar voor ‘politieke exploitatie’. We moeten ons behoeden voor uitspraken als ‘het is oorlog’ of ‘een nieuw hoofdstuk is geopend’. Is dat wel zo? Zulke kwalificaties suggereren het bestaan van een nieuwe ‘mondiale geopolitieke strijd’. Hoe verschrikkelijk de aanslagen in Frankrijk ook waren, ook dit ‘nieuwe’ terrorisme dient objectief en in zijn eigen proporties te worden bekeken.

Veiligheidsmaatregelen zijn nodig. Maar de beste verdediging is de democratie zelf: open, relativerend en intelligent omgaan met andere meningen.

Het gevaar bestaat dat sommigen de vrees van het publiek voor terrorisme zouden manipuleren om een autoritaire politieke agenda te bevorderen. Veiligheidsmaatregelen zijn nodig. Maar de beste verdediging is de democratie zelf: open, relativerend en intelligent omgaan met andere meningen. Respect, dialoog en empathie blijven de kernwoorden.

David Criekemans doceert buitenlands beleid aan de Universiteit Antwerpen, internationale politiek en veiligheid aan het University College Roosevelt in Middelburg en geopolitiek aan het Geneva Institute of Geopolitical Studies.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud