Advertentie

Justitie is een bois sauvage

©Photo News

In een rechtstaat moet er een transparant beleid zijn voor de afkoopregeling.

Door Michel Maus

Deze week was het weer zover. Justitie liet zich weer van zijn beste kant zien door in de zaak rond de vermeende handel in voorkennis van de beursgenoteerde holding Compagnie du Bois Sauvage een afkoopdeal van 9 miljoen euro te sluiten. In ruil voor dat bedrag vervalt de strafvordering, wat betekent dat het doek valt in dit strafdossier en de verdachten in wezen zonder strafrechtelijk stigma door het leven kunnen gaan. Topman François Blondel van Bois Sauvage was er dan ook als de kippen bij om te verklaren dat die minnelijke schikking geen schuldbekentenis inhoudt, alsook dat 9 miljoen euro voor de holding niet het einde van de wereld betekent. Het ‘goede nieuws’ van de minnelijke schikking miste zijn effect niet, met als gevolg dat de beurskoers van Bois Sauvage na de bekendmaking van de deal meteen met 6,5 procent de hoogte inschoot.

Op de sociale media regende het kritieken en werd er volop “#klassenjustitie” getweet. Justitie en regering deden dan weer hun uiterste best om de deal te verdedigen alsof het een grandioos succes was in de fraudebestrijding.

Ex-magistraat Renzo Ottoy liet weten dat hij de verontwaardiging niet begrijpt omdat justitie in dit dossier wel degelijk resultaat heeft geboekt en dat 9 miljoen euro geen klein bedrag is. Ook liet hij verstaan dat dergelijke zaken bij een effectieve vervolging zeer lang duren en ook kunnen uitdraaien op een vrijspraak. Ook Staatssecretaris voor Fraudebestrijding John Crombez verdedigde het akkoord als het beste van de slechte oplossingen. Hij liet weten een koele minnaar te zijn van de afkoopwet, en stelde dat alles beter is dan een vrijspraak of een verjaring. Ook minister van Justitie Annemie Turtelboom liet van zich horen en stelde dat zonder minnelijke schikking, de zaak misschien zou zijn verjaard of de voorkennis misschien niet zou kunnen worden bewezen en dan had de staat nul euro geïnd.

Ik wil helemaal niet de spelbreker zijn van de goed-nieuws-show van de regering maar wie zo wat aanleg heeft om tussen de regels te lezen kan eigenlijk enkel maar vaststellen dat het traditionele verweer over de afkoopwet eigenlijk niet meer is dan een schaamlapje voor een falende justitie. In feite stellen de magistratuur en de regering dat justitie eigenlijk niet in staat is om grote fraudezaken efficiënt en op korte termijn af te handelen en dat men dan liever zijn toevlucht neemt tot de minnelijke schikking ‘om toch maar iets binnen te halen’. Dat is natuurlijk de wereld op zijn kop. Het is voor elk redelijk denkend individu toch een vrij logische gedachtegang dat het middel van de minnelijke schikking een valabel middel is om kleinere fraudezaken af te handelen, maar dat grote fraudezaken altijd correctioneel vervolgd moeten worden. En dat is louter een kwestie van prioriteiten stellen en dat gebeurt momenteel niet. Er kan immers enkel maar worden vastgesteld dat de grootste fraudezaken van de afgelopen jaren steevast met een minnelijke schikking werden beëindigd, daar waar vaak heel kleine fraudezaken wel effectief door het parket worden vervolgd voor de strafrechter. Dat is natuurlijk onaanvaardbaar en catastrofaal voor het maatschappelijk vertrouwen in justitie.

Als verweer op de kritiek dat de huidige situatie neigt naar klassenjustitie lieten politici van de meerderheid in het debat in de Kamer horen dat iedereen, klein of groot, een minnelijke schikking kan vragen. Wel ja, vragen staat vrij, maar het is wel de parketmagistraat die beslist of hij al dan niet een minnelijke schikking toekent. In een zichzelf respecterende rechtstaat zou men dan verwachten dat justitie een transparant beleid uittekent voor de toepassing van de minnelijke schikking, maar dat is niet het geval.

De vraag is dan ook hoe lang dit nog kan doorgaan vooraleer de politiek eindelijk eens ingrijpt. Waar gaan we als maatschappij de grens leggen voor de toepassing van de minnelijke schikking? Tot welk niveau van fraude is dat aanvaardbaar? Dat zijn vragen waar een antwoord op moet komen. Het systeem van de minnelijke schikking kan enkel maar worden verdedigd op voorwaarde dat dit systeem oordeelkundig wordt toegepast binnen het kader van een rechtlijnig en genuanceerd fiscaal fraudebeleid. Een dergelijke fraudebeleid is er momenteel niet, en het wordt hoog tijd dat daar iets aan wordt gedaan.

Michel Maus is advocaat en vennoot van Everst Law en doceert fiscaliteit aan de VUB, Ugent en UA.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud