Advertentie

Laat die lastenverlaging er nu eindelijk eens komen

©RV DOC

Het roerend vermogen van de Belgen is de jongste jaren een gewillige fiscale melkkoe gebleken. Mag daar dan geen lastenverlaging tegenover staan?

Door Anton van Zantbeek, advocaat bij Rivus en professor Hogeschool Universiteit Brussel. Twitter @Anton_Rivus

De recente cijfers van de federale over financiën bewijzen het zwart op wit. De opbrengst van de roerende voorheffing over 2013 breekt alle records. In vijf jaar tijd is de opbrengst aan roerende voorheffing bijna verdubbeld. Die bedraagt nu om en bij 4,5 miljard euro.

Maar niemand krijgt het blijkbaar warm of koud van die verrassende cijfers. De miljardenvangst is niet meer dan een fait divers. Kabouters, tegenstrijdige fiscale verkiezingsbeloftes en het loon van een overheidsmanager kleuren het nieuws.

In de huidige beleggingscontext is de piekende opbrengst van de roerende voorheffing verrassend. Bij het aantreden van Di Rupo I piekte de Belgische rente tot ongekende hoogte. Sindsdien tuimelden de rendementen naar beneden. Vraag het maar aan elke Belg die kijkt naar het rendement op zijn spaarboekje. Ondanks dat de belastbare basis verdween als sneeuw voor de zon, leverde de fiscale jacht op de belegger toch een recordvangst op. Dat is paradoxaal.

Zoals iedere paradox, is dit slechts een ogenschijnlijk tegenstrijdige situatie. Een deel van de verklaring ligt in de belastingwoede die vermogen heeft ondergaan. Ondernemers werden geconfronteerd met een belastingverhoging op dividenden (15 naar 25%) en op inkoop- en liquidatieboni (10 naar 25%). Beleggers zagen de VVPR-aandelen (die recht geven op een lagere roerende voorheffing op dividenden) verdwijnen. Beveks ondergingen vijf opeenvolgende belastingverhogingen. Verder werden de beurstaksen tweemaal verhoogd en worden intresten voortaan aan 25 procent belast.

Velen aanvaardden die extra belastingdruk met frisse tegenzin: de extra druk werd immers gemotiveerd door een lastenverlaging op arbeid. Willen we ons landje competitief houden en koopkracht en tewerkstelling behouden, dan moeten die lasten omlaag.

Maar we zijn een rad voor de ogen gedraaid. Werken is voor de meesten fiscaal niet lonender geworden. Het is zoeken met een vergrootglas naar lastenverlagingen. De belastingverhogingen zijn wel lineair doorgevoerd. Zelfs met bodemrendementen leveren die recordbedragen op.

Om de belofte van lastenverschuiving waar te maken moeten de lasten op arbeid evenredig dalen. Sommigen zeggen dit pas te zullen doen naar aanleiding van de grote fiscale hervorming. Maar die hervorming is niet voor morgen. Maar wil de politieke klasse haar geloofwaardigheid behouden, dan moeten die recordopbrengsten aan roerende voorheffing nu onmiddellijk ingezet worden om de lasten op arbeid te verlagen. Zo niet is het tax shift-discours niet meer dan een eufemisme voor een platte belastingverhoging.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud