Neen, ik aarzel niet meer om het woord ‘Gazacaust' in de mond te nemen

©rv

Vorige week aarzelde ik in een interview naar aanleiding van een opiniestuk nog om het woord ‘Gazacaust’ te gebruiken voor wat in Israël gebeurt. Wel, nu aarzel ik niet meer.

Door Marc Van Ranst, hoogleraar virologie, KU Leuven

Dit kan je met een rein geweten Bibi Netanyahu’s Gazacaust noemen: het moedwillig en systematisch vervolgen en doden van een bevolkingsgroep in het Gaza-concentratiekamp. Weliswaar in stukjes, want dan valt het misschien minder op: in 2008-2009, in 2012 en nu, waarbij uiteindelijk zelfs bombardementen van ziekenhuizen, ambulances, appartementen, scholen, parken en speelplaatsen niet geschuwd worden.

De Palestijnse teller stond gisteren, op de 22ste dag van de militaire agressie, op 1.363 doden, 7.700 gewonden en 7.466 vernielde huizen door meer dan 11.000 Israëlische bommen (weliswaar grotendeels van Amerikaanse makelij). Er stierven in dit conflict ook 55 IDF-militairen en drie Israëlische burgers. Wanneer 96 procent van de slachtoffers aan één kant valt, kan men niet anders dan dit een slachting en een strafexpeditie te noemen: Gazacaust.

Intentie

En net zoals vorige week zullen er wel mensen mij komen vertellen dat het suffix -caust enkel gebruikt mag worden voor miljoenen doden. Grote onzin. De intentie telt, niet het absolute aantal doden, alsof 1.300 doden en 7.700 gewonden een verwaarloosbaar fait divers zouden zijn. Wanneer je erin slaagt om met ‘precisiebombardementen’ op scholen, speelplaatsen en stranden meer dan 250 onschuldige kinderen te doden, is de intentie voor mij meer dan voldoende bewezen.

En net als vorige week zullen er wel mensen mij komen vertellen dat het ten strengste verboden is om een term zoals Gazacaust te gebruiken, omdat ik daarmee de Shoah zou minimaliseren of ontkennen. Integendeel, dat doe ik allerminst. Maar geen enkel volk heeft het patent op lijden. De geschiedenis zal een bikkelhard oordeel vellen over de huidige leiders van Israël. We zijn getuige van het falen van een staat die in 1948 opgebouwd werd na een onmetelijk onrecht, de Joden aangedaan door een ander volk dat verkeerdelijk dacht dat het superieur was.

Moreel failliet

Maar gaandeweg ging de jonge staat Israël zelf moreel failliet, nadat de Joden op hun beurt een ander volk hadden onderworpen aan een onmetelijk onrecht, omdat Israël op zijn beurt verkeerdelijk dacht dat het superieur was. Een tragisch verhaal waarin de verdrukten de oppressor werden, en met alleen verliezers...

En net als vorige week zullen er wel mensen zijn die me zullen bedenken met enkele scheldwoorden. Want kritiek op Israël blijft zeer gevoelig liggen.

Een kleine bloemlezing van het scheldproza dat ik te horen kreeg omdat ik ook maar een klein beetje mijn nek uitstak: ik ben uitgemaakt voor een racist, een fascist, een nazi, een stuk crapuul, een antisemiet, een antizionist, een onmens, een jodenhater, een extremist, een intellectuele idioot, een narcist, een hersenverlamde wereldverbeteraar.

De Vereniging van Joodse Artsen in Antwerpen en de Israel Medical Association World Fellowship Belgium dienden een klacht in bij de Orde van Geneesheren. En enkele helden beloofden mij een paar klappen te komen uitdelen. Ik kan daar allemaal goed tegen. Je weet op voorhand dat je kritiek op Israël steeds cash betaalt.

Kan er alstublieft een gerespecteerde Belgische en Europese politicus opstaan die eindelijk duidelijk zijn of haar stem verheft en zegt ‘Genoeg is genoeg. Dit accepteren we als geciviliseerde maatschappij niet meer. Ook niet van Israël.’?

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud