Nu Junckers kansen torpederen, getuigt van weinig respect voor de procedure

©rv

Twee weken na de Europese verkiezingen is Brussel nog steeds in de ban van de ‘tweede ronde’: wie wordt de nieuwe voorzitter van de Commissie? Zoals bij ons blijft de inzet groot - wie krijgt de stuurknuppel en wie is vijf lange jaren veroordeeld tot een tweederangsrol in de oppositie - en is de uitkomst onzeker: verkiezingen gewonnen, formatie verloren? De stembusgang van 2019, jawel, werpt al zijn schaduw vooruit.

Door Steven Van Hecke, docent Europese en vergelijkende politiek aan de KU Leuven

Tot nader order houdt de Europese Volkspartij (EVP) vast aan Jean-Claude Juncker als kandidaat-voorzitter van de Europese Commissie. Dat is ze aan haar status van grootste fractie in het Europees Parlement verplicht. Veel minder evident is de steun van de tweede grootste politieke familie, de socialisten. Ze lopen allesbehalve warm voor Juncker, maar steunen hem uit principe - zijn partij is nu eenmaal de grootste - en om strategische redenen.

Haalt Juncker het nu niet, dan mag ook de socialistische kandidaat om in 2019 voorzitter te worden van de Commissie er nu al een kruis over maken. Vind trouwens maar eens valabele kandidaten voor een job die wellicht toch aan iemand anders wordt toebedeeld. En omgekeerd, als Juncker het haalt, valt te verwachten dat over vijf jaar ook topfiguren zich geroepen zullen voelen om een gooi te doen naar het hoogste ambt in het Berlaymontgebouw.

Lidstaten

De sleutel tot succes of mislukking is in handen van de lidstaten. Conform het Verdrag van Lissabon nomineert de Europese Raad een kandidaat-voorzitter, rekening houdend met de uitslag van de verkiezingen én na consultaties met het Europees Parlement. Dat belet uiteraard niet dat er zich een ware machtsstrijd afspeelt op en rond het Schumanplein. Het begint de staatshoofden en regeringsleiders stilaan te dagen dat die zogenaamde Spitzenkandidaten een nieuwe, inherente dynamiek op gang hebben gebracht die je niet zomaar stopt.

De lidstaten kunnen dus niet meer eender wie voordragen als nieuwe Commissievoorzitter. Herman Van Rompuy is aangesteld als informateur om toch greep te krijgen op de situatie. Hij moet de weg bereiden voor een kandidaat die op voldoende steun kan rekenen bij de lidstaten en het Europees Parlement. Tegelijk gaat hij de prioriteiten voor de komende vijf jaar na. Daarover zegt het Verdrag echter niets, en de ergernis daarover in het Parlement - die oefening komt de nieuwe kandidaat-voorzitter van de Commissie toe - is dus terecht.

Merkel

Veel critici van vandaag stonden gisteren nog te applaudisseren voor politici die ze nu liever niet piloteren naar de voorzittersstoel van de Commissie. En dat lijkt zich nu tegen hen te keren. Kijk maar naar Merkel. Elke dag dat ze weigert Juncker onverkort te steunen wordt ze eraan herinnerd dat ze voor de verkiezingen geen bezwaar had tegen deze EVP-kandidaat, integendeel. Op het EVP-congres in maart was het zonneklaar dat ze haar steun gaf aan de Luxemburgse ex-premier en niet aan de Franse Eurocommissaris Barnier. Maar elke dag dat ze voluit de kant van Juncker kiest, staat er ergens wel een Cameron klaar om haar eraan te herinneren dat het uiteindelijk de lidstaten zijn die een kandidaat voordragen én dat de uitslag van de Europese verkiezingen niet kan worden genegeerd.

Versta: met zo’n overwinning van allerlei eurosceptische partijen kan men moeilijk overgaan tot de orde van de dag en een Europa-veteraan tot het gezicht van de EU maken. Bovendien spreekt hij slecht Engels, straalt hij weinig enthousiasme uit en staat hij symbool voor een oude, veeleer cynische manier om aan politiek te doen. Moet zo’n B-kandidaat Europa de komende vijf jaar uit het slop helpen en het vertrouwen met de burgers herstellen?

Consequent

Aan redenen om Juncker niet te kiezen, is geen gebrek. Maar feitelijk doet dat niet ter zake. Of toch niet meer. Men moet een beetje consequent zijn. Alle voorbehoud bij de Spitzenkandidaten was ruimschoots bekend, lang voor de verkiezingen. Tegenkandidaten met betere adelbrieven vonden het blijkbaar niet nodig zich in de kiesstrijd te werpen. Nu de kansen van Juncker proberen te torpederen, getuigt van weinig respect voor de procedure en voor zijn kandidatuur. Wie nu zuur kijkt bij de gedachte dat Juncker de komende vijf jaar Europa zal besturen, had beter moeten opletten en vroeger moeten komen met een alternatief scenario.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud