Reynders trekt zwaard dat snijdt aan twee kanten

©Jef Boes

De uitlatingen van Didier Reynders over het ‘Noord-Koreaanse’ karakter van de media in Franstalig België lijken een remake van enkele jaren geleden, toen hij de RTBF ‘télévision socialiste’ noemde.

Door Pascal Delwit, politicoloog aan de Université Libre de Bruxelles

Gisteren vergeleek Didier Reynders (MR) de toestand van de media in Franstalig België met die in Noord-Korea. Met die vergelijking verwijst de minister van Buitenlandse Zaken naar de deelname van premier Elio Di Rupo (PS) aan ‘69 minutes sans chichis’, een amusementsprogramma van de Franstalige zender RTBF, en naar de aankondiging - later op de dag afgeblazen - dat Di Rupo ook zijn opwachting zou maken in ‘Top Chef’, op RTL-TVi. Je kan de oprisping van Reynders vanuit drie hoeken bekijken.

Laten we eerst de vergelijking op zich nemen. Die slaat kort gezegd nergens op, en ze is beledigend voor de twee zenders waarvan sprake. Noord-Korea is een autoritair regime, dat trouwens laatste gerangschikt staat in de democratiseringsindicatoren van The Economist Intelligence Unit. Van het groteske karakter van alles op een hoop gooien gesproken. Het is namelijk niet de eerste keer dat Noord-Korea van stal wordt gehaald om de PS of de vakbonden in Wallonië en Brussel te stigmatiseren.

Sterjournalisten

Voorts is er het feit dat Elio Di Rupo zich leent aan amusementsprogramma’s. Maar in tegenstelling tot wat Reynders laat uitschijnen, is hij zelf ook niet vies van amusementsprogramma’s in het Franstalige landsgedeelte. De waakhond Conseil Supérieur pour l’Audiovisuel, de Franstalige tegenhanger van de Vlaamse Regulator voor de Media, tikte hem (en cdH-politica Joëlle Milquet) er trouwens ooit voor op de vingers.

Bovendien zijn de sterjournalisten van de RTBF en RTL die hun omroep verlieten om in de politiek te stappen niet bij de PS gekomen, maar wel bij de MR (Frédérique Ries, Sabine Mathus en Florence Reuter) of het cdH (Anne Delvaux en Jean-Paul Procureur).

De kern van de zaak ligt daar niet. Minder dan vier en een halve maand voor de federale en regionale verkiezingen plaatsvinden, is alleen al de deelname van Di Rupo aan twee zeer populaire tv-programma’s een probleem. Het is zeer begrijpelijk dat de andere politieke formaties zich daaraan storen. Het maakt nu eenmaal deel uit van het politieke spel van alle partijen en alle politici dat ze willen ‘scoren’. Maar het is aan de media en de redacties om dat af te wegen. Het spreekt voor zich dat het tv-optreden van de premier veel aanvaardbaarder zou zijn geweest en minder problemen zou hebben gesteld in de loop van 2013 of na 25 mei 2014, dan begin 2014.

Toonzetting

De uitlatingen van Reynders onthullen ook de toonzetting van de campagne die hij - en misschien de MR - zullen voeren. Die toonzetting heeft veel weg van het verloop in 2007 en 2009. Bij die twee gelegenheden heeft de toenmalige voorzitter van MR de socialistische partij zwaar aangepakt en heeft hij de RTBF frontaal aangevallen: het was ‘télévision socialiste’.

Reynders was daar uitgekomen met een fors wapenfeit: voor de eerste keer sinds de invoering van het algemeen stemrecht haalde de MR de PS in in Wallonië. Maar die prestatie heeft zich niet politiek geconcretiseerd.

En in 2009 was de electorale sokkel 10 procentpunten gesmolten, waardoor de MR nog maar eens aan de kant bleef in het Waals en het Brussels Gewest.

Daar komt bij dat de perceptie die men zich in Vlaanderen vormt van Wallonië of de PS in stand houden populair kan zijn bij de N-VA en haar kiezers. Maar wat de N-VA gelukkig maakt, is daarentegen zelden populair in het Franstalige landsgedeelte. Didier Reynders heeft dus een tweesnijdend zwaard bovengehaald.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud