Voorzichtige banken moeten niet meebetalen voor avonturiers

©wim kempenaers (wkb)

In het streven naar bankhervormingen wordt ook de idee van een onbeperkte depositogarantie naar voor geschoven. Dat wij straks de risico’s van andere banken mee zouden moeten dekken, is de absurditeit ten top.

Door Carlo Henriksen, voorzitter van het directiecomité van Bank J.Van Breda & C°

Vandaag buigt het kernkabinet zich nog eens over het ontwerp van bankenwet van minister van Financiën Koen Geens. In de discussie over de splitsing tussen retailbanken en zakenbanken gaan er stemmen op dat zo’n splitsing niet werkbaar zou zijn. Het scheiden van de cliëntgerichte bankactiviteiten en de speculatieve activiteiten voor eigen rekening zou niet kunnen. Waarom niet, is mij een raadsel. Een bank zoals Bank J. Van Breda heeft alleen cliëntgerichte activiteiten. Ze heeft dus geen eigen tradingactiviteiten of marktenzaal, is rendabel en kwam nooit in de problemen.

In de zoektocht om toch iets te doen, worden dan maar creatieve ideeën naar voor geschoven, zoals de onbeperkte garantie voor deposito’s. Hoe zou dit werken? De consument zet zijn geld bij een bank, liefst één die de hoogste intrest biedt. De risicograad van deze bank speelt geen enkele rol, want als het fout gaat, passen alle andere banken wel bij.

Eenvoudig

Het klinkt zo eenvoudig: het spaargeld is gewaarborgd en als er nog eens een bank kapseist, moet de belastingbetaler er niet langer voor opdraaien. Maar is het realistisch dat de cliënten en de aandeelhouders van een voorzichtige bank mee moeten betalen voor de bankiers-avonturiers? Door blootgesteld te worden aan dit risico - dat uiteraard niemand kan becijferen - heeft de voorzichtige bank twee opties. Ze kan haar blootstelling aan dit bijkomende risico compenseren door nog voorzichtiger te worden in haar kernactiviteit, waardoor ze nog minder rendement kan geven aan spaarders en aandeelhouders. Of ze hervormt zich tot cowboy om in deze nieuwe ratrace te overleven.

Het idee is zo absurd dat het moeilijk is een vergelijking te maken. Toch een schuchtere poging: als een farmabedrijf een schadelijk medicijn op de markt brengt, moeten alle sectorgenoten dan mee betalen? Als een medeleerling van uw kind vandalisme pleegt, moeten alle ouders van de klas dan bijleggen? Moet een windenergiebedrijf mee opdraaien voor de nucleaire risico’s die andere energiebedrijven nemen, enkel en alleen omdat het deel uitmaakt van de energiesector?

Bank J.Van Breda & C° heeft nooit belegd in complexe producten zoals CDO’s. Wij gebruiken de deposito’s van onze cliënten voor kredieten aan door de bank gekende ondernemers en vrije beroepen, aangevuld met een liquiditeitsbuffer van overheidsobligaties. Als management zien wij het als onze plicht om de tegoeden van onze spaarders en aandeelhouders niet bloot te stellen aan risico’s die we onvoldoende kunnen inschatten. ‘Logisch’, zal u zeggen. Maar wat als de wet ons straks verplicht om de risico’s van andere banken mee te dekken? Risico’s die wij niet kennen en die wij onmogelijk kunnen kennen.

Bad banks

De enige partij die deze risico’s zou moeten kunnen inschatten is de staat zelf. De overheid organiseert het toezicht op deze banken. Als zij zich zeker genoeg voelt om alle bedragen van alle spaarders te beschermen, heeft zij die vrijheid. Maar zelfs dan raad ik dat niet aan.

Een volledige deresponsabilisering van de spaarder heeft marktverstorende effecten. De spaarder zal zich nog meer richten naar banken met de hoogste rentevoeten, waaronder banken die meer risico nemen om deze rentevoeten te kunnen betalen en hun winstgevendheid te waarborgen. Andere banken zullen moeten volgen. Bad banks will drive out good banks.

Het huidige depositogarantiestelsel tot 100.000 euro, waarvoor elke bank jaarlijks een forse premie betaalt, stellen wij niet in vraag. Maar men mag toch wel verwachten dat consumenten met meer dan 100.000 euro op hun rekening bij een bank even nadenken en hun huiswerk maken.

Aan alle spelers uit de banksector opleggen dat zij alle ongelukken moeten dekken is een brug te ver. Goed huisvaderschap wordt zo vroeg of laat bestraft, waardoor voorbeeldig gedrag op termijn geen optie meer blijft. En wanneer uiteindelijk geen enkele aandeelhouder van een bank de risico’s van de sectorgenoten nog wil schragen met een blanco cheque, is een nationalisering van de sector niet veraf.

Men moet zich trouwens vragen stellen bij de banken die dergelijk voorstel wel zouden aanvaarden. Beschouwen zij zichzelf dan als behorend tot de zwakkeren, die als eerste geholpen moeten worden?

Ik ga ervan uit dat het idee van een onbeperkte garantie op het spaargeld goedbedoeld is. Het klinkt op het eerste gezicht geruststellend voor de spaarders en belastingbetalers. Maar als je doordenkt over alle gevolgen, werkt dit mechanisme pervers. Het zal de veiligheid van onze financiën schaden in plaats van ze ten goede te komen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud