Zwitserland kan België gidsen

©RV DOC

België maakt zijn zoveelste ‘rien-ne-va-plus’-moment mee en lijkt politiek nu al meerdere jaren op een stuurloos schip. Het blijft verbazend dat er niet meer gekeken wordt naar het Zwitserse model.

Door Patrick Soetens, werkzaam bij Keytrade Bank in Genève.

Zwitserland heeft heel wat gemeen met België. Er zijn de verschillende taalgroepen, die net als in België de facto gescheiden naast elkaar leven, elkaars taal niet kunnen of willen spreken en elk hun aparte eigen media hebben. Er zijn vier officiële talen en negen officiële schrijfwijzen voor het land, waaronder zelfs een in het latijn (de CH van op de auto’s).

De socio-economische en politieke voorkeuren verschillen net als in België sterk tussen de twee grote taalregio’s. Zo is Duitstalig Zwitserland maatschappelijk en economisch veel conservatiever en eurosceptischer dan Franstalig Zwitserland. Net als in België zijn er redelijk grote verschillen in welvaart tussen de armere bergkantons en de rijke stedelijke kantons.

Er bestaat in Zwitserland met andere woorden een cocktail met dezelfde ingrediënten die kunnen leiden tot dezelfde impasse. Maar paradoxaal genoeg is Zwitserland een van de meest welvarende, politieke meest stabiele en best draaiende economieën ter wereld. Terwijl België verdrinkt onder een overheidsbeslag dat tot de hoogste ter wereld behoort, kan Zwitserland uitpakken met een van de laagste percentages belastingdruk in de OESO. Er gaat tegenwoordig ook geen maand voorbij of Zwitserland haalt een nieuwe gouden medaille in de internationale vergelijkingen tussen landen. De ene maand wordt Zwitserland door het Wereld Economisch Forum tot meest concurrentiële economie ter wereld uitgeroepen, de andere maand blijkt Zwitserland wereldwijd het nummer één op het vlak van innovatie.

DECENTRALISATIE

Hoe is het dan geregeld? Wat meteen opvalt in het federale Zwitserland, is de grote decentralisatie van bevoegdheden. De basis is het subsidiariteitsprincipe, waarbij een hoger niveau slechts bevoegdheden krijgt als die niet op een lager niveau kunnen worden geregeld. Bevoegdheden zijn ook altijd netjes afgebakend. Ofwel is iets federaal geregeld, ofwel is het kantonaal ofwel gemeentelijk. Maar niet van alles een beetje.

De meeste bevoegdheden en het belangrijkste deel van de uitgaven bevinden zich op het vlak van de kantons. Die hebben hun eigen grondwet en parlement, bepalen hun eigen directe belastingen, regelen het onderwijs en justitie en voeren hun sociaal en economisch beleid.

Elk kanton kan zijn eigen politieke voorkeuren dus volledig tot uiting brengen. En reken maar dat dat gebeurt. De vennootschaps- of personenbelastingen tussen de duurste en goedkoopste kantons verschilt een factor één tot drie. Een alleenstaande betaalt tot drie keer meer belastingen in bijvoorbeeld Genève dan in Zug. Er wordt een harde concurrentiestrijd gevoerd tussen de kantons, die maximaal proberen bedrijven naar zich toe te trekken met aantrekkelijke voorwaarden.

Maar ook de werkloosheidsduur of hoe het onderwijs geregeld is, verschilt sterk. Niemand heeft daar een probleem mee. Als het ene kanton veel meer sociale accenten wenst te leggen dan een ander kanton, kan het dat zonder probleem. Maar de rekening van het gekozen beleid dient wel steeds zelf te worden betaald.

TRANSFERS

Het mooie is echter dat fiscale concurrentie niet in de weg staat van een solidariteit tussen rijkere en armere regio’s. Zo wordt er door de bondsraad - de zevenkoppige federale regering - een bedrag bepaald aan solidariteit (momenteel 3 miljard Zwitserse frank per jaar tussen 2008 en 2011). Zo betalen de rijke kantons (Zug, Basel-Stad, Genève, Zürich, Vaud) een redelijk flink bedrag aan financiële transfers aan de armere kantons (Uri, Jura, Wallis). Het bedrag wordt zo bepaald dat de armere kantons na ontvangst van de transfers op een niveau komen van 85 procent van het Zwitserse gemiddelde. De verdeelsleutel houdt ook rekening met objectieve handicaps zoals geografische factoren (de bergregio’s) en sociodemografische (agglomeraties). Om de vier jaar worden de fondsen opnieuw bekeken. Alles wordt op een zakelijke manier becijferd en beslist.

Niemand tekent een blanco cheque. De Zwitsers houden van statistiek en duidelijke cijfers. Het eerste wat zij volgens mij zouden doen in België, is objectief de transfers berekenen, zodat daar al geen discussie meer over kan bestaan.

DEMOCRATIE

Wat democratisch karakter en respect voor de kiezer betreft, kan de Belgische politiek ook iets opsteken van het uniek Zwitserse systeem van absolute democratie. Elders is dit moeilijk voor te stellen, maar echt elk onderwerp wordt beslist door de Zwitser zelf. Dat gaat van de openingsuren van winkels of een nieuwe tramlijn op lokaal niveau over roken op café of meer Engels leren op kantonaal niveau tot en met of de btw dient verhoogd op het federale niveau. Uiteindelijk heeft de Zwitser het laatste woord. Als het volk weigert, moet de regering haar huiswerk opnieuw maken.

Die democratische vrijheid en het recht om te worden gehoord beschouwen de Zwitsers als een grondrecht en de basis van de stabiliteit en welvaart. Het is een geweldig complex en traag systeem, maar het maakt wel dat een grote verbondenheid heerst met het land. De staat heeft maar de macht die het volk hem toekent. Na de verkiezingen iets anders uitvoeren dan wat je voordien gezegd hebt, kan niet.

Daarbij dient opgemerkt dat je wel Zwitser moet zijn om te mogen stemmen op kantonaal of federaal vlak. De Zwitserse nationaliteit verwerven is een privilege dat slechts onder erg strenge voorwaarden en na een lange en dure procedure kan worden bekomen, als sluitstuk van een geslaagde integratie.

Het Zwitsers model is ook bij uitstek een consensusmodel. Elk probleem wordt vanuit elke mogelijke invalshoek geanalyseerd en opnieuw bediscussiërd, todat uiteindelijk een meerderheid akkoord kan gaan met een voorstel. Voor zaken die het kantonaal niveau overstijgen, probeert men allianties te vormen met andere kantons. Dat kan over de taalgrenzen heen, bijvoorbeeld de grote steden die gelijkaardige belangen hebben, of de bergkantons voor agrarische zaken.

CONFLICTUEEL

Het Belgische model is daarentegen per definitie conflictueel, doordat het één tegen één is, en wat de ene wint, lijkt de ander te verliezen. Het zou in België bijvoorbeeld een ander beeld geven als het de provincies zouden zijn die de macht hebben in plaats van de deelstaten. Misschien zou bijvoorbeeld het rijkere Waals-Brabant zich dan meer verbonden voelen met de sociaal-economische belangen van de Vlaamse provincies.

Taalkwesties zijn er ook nauwelijks. Er zijn vier tweetalige kantons. De taal van het kanton is ingeschreven in de lokale grondwet en daar valt dus niet over te praten. Zo vermeldt Genève in zijn grondwet dat Frans de bestuurstaal is. Daarmee weten de 50 procent buitenlanders, die vaak een andere moedertaal hebben, waar ze aan toe zijn. Je kan gerust bellen in het Engels (iemand vinden die Duits spreekt zal wat moeilijker zijn) en men zal je proberen te helpen, maar je moet geen rechten opeisen.

De verschillen in politieke voorkeur tussen de kantons zijn groot maar niet zo extreem als in België. De etiketten hebben bovendien een andere betekenis. Politiek situeert alles zich een stuk meer naar rechts. Het programma van de Zwitserse socialische partij zit eerder op het vlak van de CD&V. Zo werd de stad Genève de jongste jaren door socialisten bestuurd, maar dat belet niet dat zij zich voluit inspant in het verdedigen van het financiële centrum en werkt aan belastingverlagingen voor bedrijven om concurrentieel te blijven.

Het beleid is hier veel pragmatischer en veel minder doctrinair. Zeker de partijprogramma’s van de Parti Socialiste of cdH zouden bijna als extreemlinks worden beschouwd en gevaarlijk voor de welvaart.

BESCHEIDENHEID

Inspiratie voor het Belgische politieke bestel zit er zeker ook in de bescheidenheid van de politiek en de politieke partijen. De regering telt slechts zeven leden en het bondspresidentschap is een jaarlijkse beurtrol. Niemand voelt zich benadeeld, de nadruk ligt veel meer op beleid dan op persoonlijkheden, die nauwelijks bekend zijn.

Politiek bedrijven gebeurt veel meer low profile. Parlementslid zijn in de nationale raad en de kantonsraad is bijvoorbeeld een parttime bezigheid. Het parlement heeft maar vier sessies van drie weken per jaar en de leden krijgen enkel een bescheiden dagvergoeding voor effectief gepresteerde zitdagen en een beperkte onkostenvergoeding. Behalve de zeven leden van de bondsraad zijn er weinig fulltime politici en de meesten hebben een job als advocaat, leraar, arts. Ze staan met twee voeten in de dagelijkse praktijk, wat het parlementaire werk ten goede komt. In vergelijking met Zwitserland is het aantal fulltime politici in België redelijk hallucinant.

Voor mij is duidelijk dat het Zwitserse model de juiste weg kan tonen naar een nieuw elan voor België.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n