opinie

Amerikaanse centrale bank ondermijnt Europa's oorlog tegen deflatie

Melvyn Krauss

Dat de Amerikaanse centrale bank treuzelt met een renteverhoging ondermijnt Europa’s oorlog tegen deflatie. Hoe langer de Fed wacht, hoe hoger de euro stijgt tegenover de dollar. En hoe hoger de euro, hoe meer die deflatiebestrijding uiteenrafelt.

Door Melvyn Krauss, emeritus professor economie New York University

Laat u niet misleiden door het gemekker over de ‘stijgende dollar’. Dat is een belegen verhaal, een ding uit het verleden. De voorbije zes maanden is de greenback eigenlijk verzwakt tegenover de euro. En een belangrijke oorzaak is het duivengedrag van de Fed.

De ECB kan bijvoorbeeld haar huidige QE-programma over september 2016, de voorziene afloopdatum, tillen

De Amerikaanse centrale bank heeft in de markt sterke verwachtingen gecreëerd dat ze op het punt stond de rente te verhogen. Het uitstel doet de dollar dalen en de euro stijgen naarmate die verwachtingen niet beantwoord worden. Het lijkt er nu op dat die verhoging er niet van komt voor volgend jaar.

Hoe slim en verantwoordelijk was het van de Fed, met zo’n fluïde en onzekere wereldeconomie, om verwachtingen te scheppen over een renteverhoging als er steeds een goede kans was dat die zou moeten worden uitgesteld? Dat is slecht leiderschap. Vooral Europa betaalt een zware prijs voor dat aan-uitgedoe van de Amerikaanse centrale bank.

Wachten op een zet van de Fed die maar niet komt heeft de resultaten van de EU met haar QE-programma (kwantitatieve versoepeling) uitgehold. In plaats van een expliciete verstrakking door de Fed, is Europa een al met al ongewilde impliciete verstrakking van zijn eigen monetair beleid aan het importeren, omdat het uitstel van de Fed de euro naar omhoog stuwt tegenover de dollar. Mogelijk moet de Europese Centrale Bank (ECB) dat neutraliseren met nieuwe monetaire stimulerende maatregelen, tenzij ze verder terrein wil verliezen in haar oorlog tegen deflatie.

De druk door die impliciete verstrakking is zodanig dat Europa misschien wel in actie moet schieten met meer monetaire stimulering vooraleer de Fed de rente verhoogt.

De ECB kan bijvoorbeeld haar huidige QE-programma over september 2016, de voorziene afloopdatum, tillen. Een verlenging zou de markten een duidelijk signaal sturen dat meer monetaire stimulus onderweg is mocht de deflatoire druk op de economie van de eurozone aanhouden.

De ECB moet vooral de euro in het oog blijven houden om ervoor te zorgen dat ze op koers blijft in haar gevecht tegen deflatie.

Dankzij meneer Schaüble en zijn collega’s in Berlijn moet Europa vechten tegen deflatie met één hand achter de rug gebonden.

Daar moeten de Bundesbank en andere Europese critici van QE natuurlijk niet van weten. Maar dat ze dan klagen bij Fed-voorzitter Janet Yellen, niet bij Mario Draghi. Met het uitstelgedrag van de Fed heeft hij niets te maken.

QE-critici kunnen misschien ook eens aankloppen bij de Duitse minister van Financiën Wolfgang Schaüble, en hem vragen wat minder oppositie te voeren tegen belastingverlagingen en begrotingstekorten. Als Berlijn wat budgettaire stimuli zou invoeren, zou dat bij de ECB de druk weghalen om haar QE op te voeren.

En dankzij meneer Schaüble en zijn collega’s in Berlijn moet Europa vechten tegen deflatie met één hand achter de rug gebonden. Rechtvaardig is dat niet, en slim al zeker niet.

Lees verder

Tijd Connect