Brusselse illusies

De Griekse crisis heeft het democratische deficit in de Europese Unie en vooral in de eurozone onverbiddelijk blootgelegd. Het is maar de vraag of de monetaire unie, met al haar sociale breuklijnen, kan functioneren met een echt democratisch toezicht.

©Saskia Vanderstichele

Wie had dat kunnen denken? De oplossing voor de problemen die de Europese monetaire unie doormaakt, is nog meer integratie, nog meer Europa. Zo staat het in het rapport dat de voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker begin deze week aan de bevolking voorlegde.

Een drietal jaren geleden kwam toenmalig Europees president Herman Van Rompuy in zijn eentje tot dezelfde conclusie. Dit keer waren ze met vijf om het prangende vraagstuk aan te pakken. Juncker werd bij zijn denkwerk geassisteerd door Mario Draghi van de Europese Centrale Bank (ECB), Europees president Donald Tusk, de voorzitter van de Eurogroep Jeroen Dijsselbloem en de voorzitter van het Europees Parlement Martin Schulz.

Dat parlementsvoorzitter Schulz, niet meteen een groot denker, mee brainstormde, is vreemd. De instelling die hij voorzit, wordt geacht zijn vier mededenkers te controleren en zo nodig tot de orde te roepen. Schulz’ medewerking aan het rapport van Juncker wekt de indruk dat de kwestie voor het Europees Parlement nog slechts een formaliteit is.

De integratie die de opstellers van het rapport voorstaan, gaat gepaard met een verregaande overdracht van soevereiniteit. Er is ook sprake van de voltooiing van de bankenunie en een eengemaakte kapitaalmarkt. De voorgestelde Europese depositogarantie vormt een onderdeel van die bankenunie.

Volgens Juncker en zijn denkgroep moet een onafhankelijke adviesraad streng toekijken op de begrotingen van de lidstaten. Het investeringsfonds dat Juncker eerder al in het vooruitzicht stelde, en dat eigenlijk weinig voorstelt, zou dienen om economische en financiële schokken op te vangen, maar dan wel alleen voor lidstaten die netjes de Brusselse begrotingsoekazes naleven.

Als bij toeval verscheen net voordat Juncker het resultaat van zijn denkwerk vrijgaf een open brief van Europese academici met een oproep voor - u raadt het - meer integratie, meer Europa. ‘De Europeanen rekenen op uw leiderschap, verantwoordelijkheidszin en visie om hen en de Unie uit deze crisis te halen’, zo eindigt de dramatische oproep.

Deze Europese propagandatruc is wat doorzichtig. De open brief was van de hand van de Italiaanse prof Roberto Castaldi, wiens internationaal Centre for European and Global Governance door de Europese Commissie, de Europese Raad en het Europees Parlement wordt gefinancierd.

Dat voorzitter Juncker net nu met zijn rapport uitpakt, heeft uiteraard alles te maken met de aanslepende Griekse crisis. Toch is Griekenland met al zijn schulden en zijn compleet ingezakte economie slechts een deel van een veel groter probleem: het gapende democratische deficit waar Europa geen weg mee weet.

Schuldengevangenis

Griekenland heeft zich failliet geleend. Het land moet zich nu te pletter besparen en belasten om zich aan de euroboei te kunnen vastklampen. Daar gaat het om in de schier eindeloze onderhandeling tussen de Griekse regering en de schuldeisers. Als de regering van Alexis Tsipras daarin meestapt en plooit voor de eisen die het Internationaal Monetair Fonds op tafel legde, dan gaat de Griekse bevolking voor onbepaalde duur de schuldengevangenis in. Let wel, niet alle Grieken. Want er zijn ook Grieken die ondanks alles schandalig rijk zijn, zei Juncker in een gesprek met Der Spiegel. Misschien dacht de Commissievoorzitter aan scheepsmagnaat Spiros Latsis, op wiens luxueuze plezierjacht zijn voorganger José Manuel Barroso al eens ging verpozen. Juncker was in elk geval ontgoocheld toen Tsipras afwijzend reageerde op zijn voorstel om een vermogensbelasting in te voeren. Bijgevolg betaalt de gemiddelde Griek de prijs van het debacle.

Aan die Griek noch aan de burgers van de overige eurolanden wordt gevraagd of ze het eens zijn met de conclusies van Junckers rapport. De soevereiniteitsoverdracht is voorzien na 2017, voorzichtigheidshalve na het referendum over een mogelijke brexit in het Verenigd Koninkrijk. Op 1 juli wordt al begonnen met de praktische uitwerking van de overige conclusies.

Dat doet dan weer vragen rijzen bij de voorstellen die de rapporteurs formuleren over aandacht voor sociale consequenties van een en ander. Over arbeidsvoorwaarden, het uitroeien van sociale dumping, het gelijkschakelen van de systemen van sociale zekerheid, het minimumloon, daarover staat niets in het rapport van Juncker.

De prioriteiten van Juncker en zijn mederapporteurs liggen duidelijk elders. Ze beseffen dat, zelfs al wordt een voorlopig compromis met de Grieken uitgewerkt, de problemen van de eurozone niet van de baan zijn. De Grieken moeten de komende maanden opnieuw miljarden terugbetalen en leningen herfinancieren. In Brussel en in Washington weten ze dat dit onmogelijk is en dat een deel van de Griekse schuld vroeg of laat moet worden kwijtgescholden. En dat de Europese belastingbetaler hiervoor willens nillens opdraait. Dat is de prijs voor de roekeloze rush naar de euro en voor het Griekse wanbeheer, zegt Ashoka Mody, econoom aan Princeton.

Juncker wil de Europese integratie opleggen, zonder enige democratische inspraak. En dat allemaal in de illusoire hoop dat de eenheidsmunt de achtergestelde economieën opkrikt.

De integratieplannen van Juncker zullen daaraan niets veranderen. Toenmalig Commissievoorzitter Jacques Delors lanceerde destijds de illusie dat de eenheidsmunt een nieuwe dynamiek zou ontwikkelen en als vanzelf naar Europese integratie zou leiden. Dat bleek een politieke farce van formaat. Er is niet alleen Griekenland. Heel Zuid-Europa blijft met problemen kampen. Spanje staat met Griekenland aan de top van de ranglijst van eurolanden met de hoogste werkloosheid. Italië en Frankrijk zitten met structurele problemen. En de overheidsschuld van de eurolanden bedraagt meer dan 90 procent van het bbp, dat is een fors stuk boven de beoogde 60 procent.

Oude Europese tegenstellingen

Toch willen Juncker en de andere rapporteurs de integratie opleggen, zonder enige democratische inspraak. En dat allemaal in de illusoire hoop dat de eenheidsmunt de achtergestelde economieën opkrikt, zoals voormalig ECB-voorzitter Jean-Claude Trichet ooit beweerde. Die voegde er nog aan toe dat de eenheidsmunt de rente zou gelijkschakelen. De internationale geldmarkt heeft de bewering van Trichet voor de goede munt opgenomen en gaandeweg Griekenland en andere Zuid-Europese eurolanden behandeld alsof ze met Duitsland te maken hadden. Vandaag zitten die crediteuren opgescheept met de Griekse en andere schuldenbergen. En dat net op een moment dat de Federale Reserve en de Europese Centrale Bank de internationale obligatiemarkten hebben ontwricht met hun spectaculaire kwantitatieve versoepeling. Draghi’s massale opkoop van obligaties blaast voorlopig alleen beursbubbels aan en stimuleert een golf van goedkoop gefinancierde overnames. Van een heropleving van de arbeidsmarkt is lang geen sprake.

In een commentaar op de website van de denktank Bruegel, waarvan Trichet voorzitter is, werd onlangs de vraag gesteld of het niet beter zou zijn de integratie terug te schroeven. Daar valt iets voor te zeggen.

De waarheid is dat Europa, en zeker de monetaire unie, niet bestand is tegen een gelijkschakeling van de sociale systemen. En nog minder bestand tegen een echt parlement, waar meerderheid en oppositie tegenover elkaar staan en waar de behandeling van Griekenland en snel bij elkaar geklutste rapporten als dat van Juncker onverbiddelijk worden gefileerd. In zo’n parlement, dat niet door eigendunk en propagandafondsen wordt verdoofd, zouden de oude Europese tegenstellingen snel weer de kop opsteken.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud