Duitsers zijn geen ‘euroslachtoffers'

De sterkste economie van de Europese Unie gedraagt zich raar de laatste tijd. Duitsland lijkt te geloven dat het ‘iets te goed heeft’ van de andere EU-lidstaten, en het wordt daar steeds kregeliger over.

Zo lijken veel Duitsers te denken dat hun land ‘recht heeft op’ het voorzitterschap van de Europese Centrale Bank, wanneer Jean-Claude Trichet, de huidige voorzitter, volgend jaar het veld ruimt.

Wat een onzin. Geen enkel land heeft ‘recht’ op de monetaire topjob in Europa. Ja, de Fransen hadden het voorzitterschap vóór de Duitsers. Maar de ECB lag in Frankfurt, niet in Parijs - tot chagrijn van niet weinigen. Europa staat terug bij nul.

Nochtans lijkt Bundesbankvoorzitter Axel Weber de boodschap niet te hebben begrepen. Hij blijft zich gedragen alsof hij al ECB-voorzitter is en Trichet hem alleen maar in de weg staat. Onlangs is Weber begonnen met het inpikken van Trichets maandelijkse persconferenties door geheime informatie vooraf aan te kondigen bij de media. Zelfbedieningslekken vanuit de Bundesbank naar geselecteerde media en consultants benadrukken dat er een geheim akkoord is tussen Frankrijk en Duitsland dat Weber de topjob in Frankfurt krijgt. Hoeft het gezegd dat de fratsen van Weber weinig doen om de Europese vrees rond het Duitse leiderschap te sussen?

Echt raar is dat veel Duitsers denken dat ze opgelicht worden door het Europese monetaire project, ook al haalt Duitsland hopen geld uit zijn lidmaatschap van de euro. De Duitsers wentelen zich vooral in de klaagzang dat zij de ‘betaalmeesters van Europa’ zijn. Eigenlijk klopt het meer dat de euro Duitsland heeft gered, dan omgekeerd. Door de Duitse wisselkoers laag te houden, is de euro een zegen geweest voor de Duitse export en het herstel. Zo heeft de euro gezorgd voor vaste wisselkoersen tussen Duitsland en zijn handelspartners in de eurozone. De toegenomen Duitse concurrentiekracht kan niet worden tenietgedaan door een appreciatie van de wisselkoers.

En de Duitse handel buiten de eurozone werd geholpen door het feit dat de euro de supersterke Deutsche Mark heeft gemixt met zwakkere munten. Had de euro niet bestaan, dan zou de stijgende D-mark zowel de Duitse export als het economisch herstel hebben verstikt.

De Duitsers vatten gewoon niet hoezeer hun superieure exportprestatie te danken is aan het invoeren van de euro, en niet alleen aan de Duitse concurrentiekracht. Ze gedragen zich alsof ze hun partners een gunst verlenen, gewoon door lid te zijn van de monetaire unie.

Vooral de bewering dat de Duitsers de ‘betaalmeesters van Europa’ zijn is wraakroepend. Want laten we wel wezen: bij de grote begunstigden van Duitse transfers naar de zuidelijke Europese landen zijn de Duitse banken die tot aan hun knieën in de zuidelijke overheidsschuld zitten. Wie houden ze eigenlijk voor de gek? De Duitsers zijn eerst en vooral ‘betaalmeesters’ van zichzelf. Het redden van de zuidelijke lidstaten is maar een indirecte manier om de Duitse banken te redden.

Merk op hoe sommigen het valse ‘betaalmeesters’-argument gebruiken om Axel Weber naar de topjob in Frankfurt te wrikken. De Duitse bevolking, luidt de redenering, zal niet gerust zijn over de euro tot een Duitser de centrale bank van Europa leidt. Er is natuurlijk geen reden waarom een Duitser de ECB niet zou mogen leiden, mocht er een geschikte kandidaat zijn. Er zouden dan ook geen trucs nodig zijn. Maar het argument dat de Duitsers ‘euroslachtoffers’ zijn en dat ze een Duitser nodig hebben als ECB-voorzitter om hen te beschermen, staat haaks op de realiteit.

Opiniepeilingen tonen dat een meerderheid van de Duitsers de mark terug wil. Het antwoord daarop is niet de verkeerde Duitser aan het hoofd plaatsen van de ECB, maar hun uitleggen waarom ze ongelijk hebben.

Melvyn KRAUSS is emeritus professor economie aan New York University en senior fellow aan Hoover Institution, een denktank van Stanford University.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud