Rik Van Cauwelaert: Het parlement als ornament

Wat Leo Tindemans vreesde, is vandaag een feit: het parlement heeft zich volledig laten ontkrachten. Het heeft een tijd geduurd, maar na ruim dertig jaar in verschillende parlementen kwam ook Eric Van Rompuy tot die pijnlijke vaststelling.

Aangezien de onduidelijkheid over kernuitstap en energiepact aanhoudt, heb ik alvast vraag ingediend aan premier voor donderdag. Tijd om knoop door te hakken #dekamer #villapolitica #hetkananders.

©rv

Zo gaat dat tegenwoordig. Een Twitterboodschap die Kristof Calvo, de fractieleider van Groen in de Kamer, eerder deze week doorstraalde naar zijn ruim 41.000 volgers. In de verwachting dat die de mededeling op hun beurt in veelvoud doorsturen naar hun Twitter-connecties.

De boodschap is duidelijk: Calvo zou dus donderdag in #dekamer een vraag stellen aan premier Charles Michel over het uitblijvende energiepact en de kernuitstap. Zijn optreden zou te zien zijn in het VRT-programma #villapolitica. De onderstreping #hetkananders benadrukt dat de premier alweer op onnavolgbare wijze zou worden getackeld door Calvo’s partij. Dat het antwoord van de premier op de vraag volstrekt voorspelbaar was en dat de meerderheid op geen enkel moment uit koers werd geslagen, was van minder belang. Iedereen weet dat het vragenuur in de Kamer een streng geregisseerde toneelvoorstelling is, een moment ook waarop de oppositie en de wat baloriger leden van de meerderheidspartijen eventjes van de leiband mogen.

Dat bleek nogmaals tijdens de jongste vragenstonde rond de uitgewezen Soedanezen, waar de oppositie geen nieuwe informatie aanreikte die de meerderheid in het nauw bracht. Waar het hier om draait, is niet het parlementaire debat. Het gaat om weinig meer dan om het vergroten van de zichtbaarheid, zeg maar de merkbekendheid van de vraagstellers, met het oog op de volgende politieke peiling. De vrees die de destijds ontslagnemende premier Leo Tindemans op het spreekgestoelte van de Kamer uitsprak, heeft zich hiermee voltrokken: het parlement is volkomen ontkracht tot een puur ornament. ‘Zoals in totalitaire regimes’, had Tindemans er voor alle duidelijkheid aan toegevoegd.

Gebrek aan respect

Na ruim dertig jaar zowel in het federale als in het Vlaamse parlement te hebben doorgebracht, kwam ook de CD&V’er Eric Van Rompuy tot die vaststelling. Van Rompuy plaatste vorig weekend een opgemerkte blogpost op zijn website, waarin hij het gebrek aan respect van de huidige federale regering voor het parlement aan de kaak stelde. Tegelijk reduceerde hij met één houw de liberale premier Charles Michel tot een handpop van de Vlaams-nationalistische N-VA, de grootste regeringspartij. Het is een beeld dat ook de Franstalige oppositie graag oproept. Dat hij met zijn bewering tegelijk de eigen CD&V-vicepremier Kris Peeters in een marionettenrol dwong, bleef buiten zijn betoog.

Maar de kern van Van Rompuys klacht was het gebrek aan respect van de regering voor het parlement. De hervorming van de vennootschapsbelasting en andere ontwerpen moesten, te nemen of te laten, worden goedgekeurd zonder voorafgaand debat, zelfs niet in de bevoegde commissie. Van Rompuy betreurt het dat de parlementsleden van de meerderheid - dus ook die van zijn eigen CD&V - zich onderdanig schikten naar de oekaze van de regering. ‘Nooit gezien in mijn 35-jarige loopbaan in het parlement’, blogde hij misnoegd.

Dat ‘nooit gezien’ is wat overdreven. Van Rompuy bewaart zeker herinneringen aan de volmachtentreinen die de rooms-blauwe coalitie van zijn partijgenoot Wilfried Martens in de jaren 80 door het parlement joeg. Dat was nodig volgens toenmalig CVP-voorzitter Frank Swaelen, omdat ‘het parlement zich in tijden van snelle en diepgaande veranderingen geen efficiënt instrument toont’. Volgens hem waren de bijzondere machten ‘een noodzakelijk kwaad’.

Maar liefst vierhonderd bijzondere machtsbesluiten nam de regering-Martens in die periode. Dat ontlokte luidruchtig protest op de oppositiebanken, vooral bij de socialisten, die prompt hetzelfde deden zodra ze in de regering zaten met Jean-Luc Dehaene. Dehaene was wel zo elegant om de volmachten een andere benaming te geven: kaderwetten. Die waren nodig om de overheidsfinanciën in sneltreinvaart op de eurolijn te krijgen. Het instemmen met de kaderwetten maakte het voor premier Dehaene mogelijk om bij simpel Koninklijk Besluit ‘de wil van het parlement te concretiseren’.

Ooit was de regering het sluitstuk tussen de wetgevende en de uitvoerende macht. Maar allengs werden wetgevende en uitvoerende macht samengebald in de regering. Terwijl een gedwee parlement, dat nauwelijks nog wetgevende initiatieven neemt, de toestand van permanente bijzondere machten onderging. Zelfs Eric Van Rompuy moet toegeven dat uitgerekend zijn generatie dit liet gebeuren.

Democratische radicalisering

Vandaag heeft de regering via de meerderheidspartijen de werking van het parlement steviger dan ooit in de klauw. De volgzaamheid van het parlement is gegarandeerd, omdat de regeringspartijen hun verkozenen via de financiering volledig controleren. De parlementsleden zijn beroepspolitici, van wie de carrière en het inkomen rechtstreeks afhangen van hun partij. Elke dissidentie wordt afgestraft bij de lijstvorming. Volksvertegenwoordigers vertegenwoordigen niet langer de natie, zoals het in de Grondwet staat, maar hun partij.

Die evolutie naar een parlement dat niet langer in staat is de regering te controleren, werd lang geleden al voorspeld. Arthur Gilson, de PSC-minister van Binnenlandse Zaken in de regering Lefèvre-Spaak, schreef hierover in 1968 al een nog altijd lezenswaardig opstel in het liber amicorum voor minister van staat August de Schryver.

Het parlement tolereerde dat elk parlementair onderzoek wordt gevoerd op maat van de meerderheid die toevallig aan de macht is.

Als de jongste jaren al sprake is van een democratische radicalisering, waarbij burgers of hun organisaties rechtstreeks de confrontatie met de overheid aangaan, zoals in de Antwerpse Oosterweelkwestie, dan speelt die zich helemaal buiten de parlementen af.

Het parlement, zowel federaal als regionaal, heeft alle macht die de Grondwet niet verbiedt of aan een andere overheid toekent. Maar op geen enkel moment heeft het die gebruikt om zijn macht te verbreden of te vergroten. Een belangrijk deel van de huidige wetgeving is een omzetting van Europese beslissingen. Dat de uitoefening van bepaalde machten door een verdrag of door een wet kan worden overgedragen aan volkenrechtelijke instellingen zoals de Europese Unie zette Gaston Eyskens bijna een halve eeuw geleden al in de Belgische Grondwet. Het parlement hield nooit rekening met de consequenties hiervan. Met als gevolg dat het uiteindelijk zelfs zijn ultieme wapen tegen de regering, het al dan niet goedkeuren van de begroting, uit handen gaf en aan Europa liet.

Ook Van Rompuy, aan het einde van zijn politieke loopbaan, zal bekennen: het parlement heeft de voorbije decennia heel gewillig meegewerkt aan zijn eigen aftakeling. Het liet het parlementaire debat verengen tot een zielloos vragenuurtje. Het tolereerde dat elk parlementair onderzoek wordt gevoerd op maat van de meerderheid die toevallig aan de macht is. Een beetje parlement had het noodzakelijke onderzoek naar de uitgewezen Soedanezen zelf al gevoerd en zelfs een missie ter plekke gestuurd, om het bij dit voorbeeld te houden.

Het parlement is een schaapskudde. Die wordt niet geleid door de herder, ze doolt gewoon achter het schaap met de bel om de nek.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content