Paars begrotingsbeleid helpt vandaag vergrijzing betalen

Andreas Tirez

De woorden ‘paars’ en ‘begroting’ werken bij critici van de paarse regeringen als een rode lap op een stier. Nochtans hadden de sale-and-lease-backconstructies en andere eenmalige ingrepen maar een matige impact op de al met al sterke schuldvermindering onder paars.

De sale-and-lease-backoperaties van de paarse regeringen (1999-2007) zijn terug in het nieuws. Met die operaties verkocht de overheid haar gebouwen om ze onmiddellijk terug te huren. Er kan terecht kritiek gegeven worden op deze en andere eenmalige maatregelen. Ze hadden echter maar een marginale impact op de sterke schuldreductie onder paars. Tussen 1999 en 2007 daalde de schuld met 27 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Mijn stelling is dan ook dat het begrotingsparcours van paars goed tot zeer goed was, ondanks de eenmalige maatregelen.

Sommigen lijken een carrière opgebouwd te hebben op het discours hoe verschrikkelijk onverantwoord de paarse begrotingen wel waren. De harde cijfers én het oordeel van de Europese Commissie zeggen echter iets anders.

Telkens ik die stelling verdedig, werkt ze als een rode lap op een stier bij de critici van de paarse regeringen. Sommigen lijken een carrière opgebouwd te hebben op het discours hoe verschrikkelijk onverantwoord de paarse begrotingen wel waren. De harde cijfers én het oordeel van de Europese Commissie zeggen echter iets anders. Ja, het kon beter, maar globaal gezien geldt de Belgische prestatie tussen 1993 en 2007 als een voorbeeld van forse schuldreductie.

Door die forse schuldvermindering onder paars, die begon onder Jean-Luc Dehaene, daalden de rentelasten van de overheid van 6,7 procent in 2000 naar 4 procent in 2007. Door de verdere daling van de interest zullen de rentelasten verder dalen naar 2,2 procent in 2019, in totaal een daling met 4,5 procent. Dat is te zien op de bijgaande figuur.

©Twitter

Op de figuur prijken ook de sociale uitgaven, waarbij de uitgaven voor de gezondheidszorg en de pensioenen apart getoond worden. De cijfers komen van de Vergrijzingscommissie. Tussen 2000 en 2019 is er een forse stijging van de sociale uitgaven met 5 procent. Die stijging wordt gedreven door de economische crisis en de lagere economische groei nadien, door de groeinorm in de gezondheidszorg en door de hogere pensioenuitgaven.

Rentelasten

Maar het is dankzij de dalende rentelasten dat de houdbaarheid van de overheidsfinanciën nauwelijks is aangetast door die stijgende sociale uitgaven. De som van de sociale uitgaven en de rentelasten zal in 2019 nagenoeg gelijk zijn aan die in 2000. Het paarse begrotingsbeleid heeft onmiskenbaar een belangrijke bijdrage geleverd aan de betaalbaarheid van de vergrijzing.

©Mediafin

Nochtans hebben de paarse regeringen hier maar half werk geleverd. Ze hadden immers niet enkel de begroting op orde moeten zetten - wat dus goed gelukt is - maar ook de pensioenen. Daar heeft paars maar een minieme impact gehad. Tussen 2000 en 2019 zullen de pensioenuitgaven met ruim 2 procent van het bbp gestegen zijn. De Vergrijzingscommissie verwacht dat ze tegen 2040 met nog eens 2 procent zullen stijgen.

In die 2 procent zit trouwens al de verhoging van de pensioenleeftijd meegerekend die deze regering beslist heeft en die ingaat in 2025 en 2030. Dat had al veel eerder moeten gebeuren. En daar zijn alle vorige regeringen, ook de paarse, schuldig aan.

Groeinorm

De stijging van de pensioenuitgaven is moeilijker te beheersen dan vele andere uitgaven. Voor de gezondheidsuitgaven kan de regering eenvoudigweg de reële groeinorm verlagen, wat de huidige regering ook gedaan heeft. Volgens de Vergrijzingscommissie stijgen de gezondheidskosten na 2019 nog eens met 2 procent van het bbp. Impliciet rekent de Vergrijzingscommissie dan volgens mijn berekeningen met een groeinorm van 2,4 procent. Als die teruggebracht wordt tot 1,5 procent - de huidige groeinorm - blijven de gezondheidsuitgaven nagenoeg constant op 8 procent van het bbp.

De groeinorm in de gezondheidszorg laag houden is dus een gemakkelijkheidsoplossing om de begroting te doen kloppen. Veel moeilijker is het om de werkzaamheidsgraad te verhogen en mensen langer aan het werk te houden. Maar een hogere werkzaamheidsgraad is duidelijk te verkiezen boven het stabiliseren van de gezondheidsuitgaven. Dan komt de toegankelijkheid van de gezondheidszorg in het gedrang. Dat zou pas onverantwoord zijn.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content