Bert Kruismans | Pfas van eigen kweek

In het drinkwater van Halle blijkt Waalse smeerlapperij te zitten. En nu mag Vlaams minister Zuhal Demir het gaan uitleggen aan de Walen.

'Uw Belgische minister van Cultuur moet die problemen maar eens aanpakken.’ De deftige Franse meneer die ik op een gezellige avond in het Centre Wallonie-Bruxelles in Parijs ontmoette, wond zich flink op over enige aspecten van de Belgische politiek. Ik kon de man meedelen dat de Belgische minister van Cultuur niet bestaat, maar dat wij cultuur zo belangrijk vinden dat we er maar meteen drie ministers op gezet hebben. De Parisien had dringend een drankje nodig.  

U kent het officiële credo: Vlamingen en Walen hebben niets meer gemeen, of het moeten een pak schulden en het koningshuis zijn. En die zijn allebei dan nog de schuld van de Walen! Blijkt dat in die gemeenschappelijke pot toch nog een derde probleem zit: ons drinkwater. 

Advertentie

Neem Halle. Dat is een plek waar Vlamingen overduidelijk thuis zijn, maar die worden wel in leven gehouden door een Brusselse watermaatschappij die hun stiekem water uit Wallonië levert.

Dat is alsof de populairste politicus van Wallonië een Vlaming zou zijn die in Brussel werd verkozen. Dat is toevallig ook zo. Sophie Wilmès woont in Sint-Genesius-Rode. Dat lag de laatste keer dat we gingen kijken nog altijd in Vlaanderen. Sophie is dus per definitie een Vlaamse, of hebt u nog nooit van inclusief nationalisme gehoord? Assita Kanko zal ons alvast niet tegenspreken. Toegegeven, het Nederlands van Wilmès is niet perfect. Maar wie andere Vlaamse toppolitici hoort oreren, kan moeilijk zeggen dat Sophie zich in deze van het pak onderscheidt. 

Een Vlaamse minister voor een Waalse parlementaire commissie, dat kan gezellig worden.

Maar er zou dus ook nog eens Waalse smeerlapperij in zitten, in dat drinkwater van Halle dan. De Vlaamse minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) liet de Waalse en Brusselse collega’s eind januari per brief weten dat haar gouwgenoten daar niet van gediend zijn. Gelijk heeft ze. Alsof Vlaanderen niet voldoende pfas van eigen bodem heeft om alle Vlamingen ruimschoots te bevoorraden. 

De Waalse en Brusselse ministers hulden zich vervolgens in stilzwijgen. Dat risico loop je met officiële brieven uit Vlaanderen, die waarschijnlijk in het Nederlands zijn opgesteld. Demir stuurde dan maar een rappel, die vreemd genoeg werd opgepikt, niet door de Franstalige collega’s, maar wel door de media. Blijkbaar is de communicatie tussen Belgische ministers onderling nogal makkelijk te kraken. Dat blijft toch een werkpuntje.

Vervolgens werd in het zuiden van het land krak hetzelfde theaterstuk opgevoerd als wat we ook weleens in het noorden mogen aanschouwen. De openbare omroep komt met een reportage. Parlementsleden van de oppositie schreeuwen moord en brand, om te bewijzen dat ze ook wel eens naar een televisiejournaal kijken. Er wordt snel een commissie bijeengeroepen waar de minister, in dit geval de Waalse minister Céline Tellier (Ecolo) haar hachje weet te redden door te zeggen: ‘I know nothing, I’m from Barcelona.’ En de zwartepiet wordt integraal doorgeschoven naar een medewerker. Dat kan een verbindingsofficier in Turkije zijn, of zoals in deze een kabinetsmedewerker die prompt wordt bedankt voor bewezen diensten.

En toch wil het stof niet gaan liggen. Jean-Luc Crucke, tot vorig jaar Waals minister voor de MR en dus collega van Tellier, vraagt nu als parlementslid voor de oppositiepartij Les Engagés een bijzondere parlementscommissie om de zaak uit te klaren. De man is niet toevallig actief in het kiesarrondissement Doornik-Moeskroen-Aat, waar de hoge pfas-concentratie werd ontdekt.

Crucke wil in die commissie ook graag Demir als getuige laten opdraven. Een Vlaamse minister voor een Waalse parlementaire commissie, dat kan gezellig worden. Zijn de tolken Nederlands-Frans al besteld?

Gesponsorde inhoud
Tijd Connect
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.
Partnercontent
Partner Content biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.