Bert Kruismans | Sabena, l’oiseau de ciel

Al in het eerste jaar van Sabena groef de firma al een put waarbij zelfs de Marianentrog zich ongemakkelijk voelt. En daar bleef het niet bij.

Die reeks op Canvas, over Sabena, onze nationale trots van toen, zou Elio Di Rupo daarnaar kijken? Ik mag hopen dat een Waalse minister-president een laptop van het werk krijgt waarop hij Canvas kan ontvangen. De gedachte beving me tijdens het uitoefenen van mijn favoriete tijdverdrijf: het lezen van oude kranten. Niets zo leutig en relativerend als dat. Afgelopen dinsdag vond ik dit in de Nederlandse krant Trouw van 24 juni 1994: ‘De Belgische minister van transport, E. di Rupo (sic), heeft deze week tegenover het parlement verklaard dat Sabena verscheidene plannen heeft ontwikkeld om zijn toekomst veilig te stellen. Een van die plannen behelst een breuk met Air France, aldus Di Rupo.’

Dat zijn eigen partijvoorzitter indertijd Sabena in de handen van de Fransen had gedreven, werd niet vermeld. Boven het artikel stond wel te lezen: ‘Swissair aast op Frans belang in Sabena.’ En dat hebben we geweten ook. Zwitsers pakken je geld altijd binnen, of je dat nu wil of niet. Tussen 1995 en 2001 hebben ze bij onze tricolore flagcarrier zo’n 839 miljoen euro scheefgeslagen. Le vol betekent in het Frans dan ook zowel de vlucht als de diefstal.

Niets heeft Sabena ons ooit opgebracht, of het zou Inge Vervotte moeten zijn.

Niet dat het bedrijf er zo florissant bij liep toen Swissair aan zijn rooftocht begon. Dat heeft het eigenlijk nooit gedaan. De Société Anonyme Belge d’Exploitation enzovoort werd opgericht in 1923. Vraag me niet wie erachter zat, maar ik snap best dat die kapoenen anoniem bleven. Dat eerste jaar groef de firma al een put waarbij zelfs de Marianentrog zich ongemakkelijk voelt. En daar bleef het niet bij.

Na de oorlog pakte Sabena uit met de hypermoderne Douglas DC-4. Probleem: ons nationale vliegplein in Haren was te klein voor dat toestel. De DC-4 kon er wel landen, maar niet opstijgen. Dat is een niet te onderschatten handicap voor een maatschappij die met enige sérieux een lijnvlucht wil exploiteren. Maar moeilijk gaat ook. De passagiers mochten instappen in Haren en het vliegtuig reed over de openbare weg naar de militaire luchthaven van Melsbroek, waar ze een langere piste hadden. Multimodaal transport, ook op dat vlak was Sabena zijn tijd ver vooruit. In 1953 kwam er zelfs passagiersvervoer met helikopters! Klein detail: de toestellen hadden geen toilet aan boord.

Smijten met sacochen

Alles welbeschouwd is het enige wat de maatschappij ooit met succes heeft geëxploiteerd de zwarte medemens in Congo. Laat de factcheckers er maar op los. Ja, Sabena heeft ooit winst gemaakt, ergens in de jaren vijftig. Maar in 1961 was het uit met de pret. Wij de Congo kwijt, Sabena zijn winstmarge.

In de jaren zestig kostte een vliegtuigticket naar Amerika evenveel als een Citroën DS. Wie toen vloog, had geld te veel of was een witte pater met een zwarte kas.

Vanaf dan was de firma vooral bekend dankzij de kokette blauw-witte tasjes die gratis aan de reizigers werden uitgedeeld. Gratis! In de jaren zestig kostte een vliegtuigticket naar Amerika evenveel als een Citroën DS. Wie toen vloog, had geld te veel of was een witte pater met een zwarte kas. Toch vond onze luchtvaartmaatschappij het nodig om op onze kosten met sacochen te smijten. De laatste 25 jaar van zijn bestaan heeft Sabena aan de Belgische belastingbetaler minstens 1 miljard 750 miljoen euro gekost. Niets heeft dat kreng ons ooit opgebracht, of het zou Inge Vervotte moeten zijn.

Maar er is ook goed nieuws. Sabena bestaat nog. Sterker nog: curator Christian Van Buggenhout kon in maart van dit jaar trots meedelen dat de maatschappij voor 4 procent aandeelhouder wordt bij Burundi Airlines. Dat moet toch ook Di Rupo een groot plezier doen.

Er is maar één minpuntje. In maart beschikte Burundi Airlines over welgeteld nul vliegtuigen. Sindsdien is van dit grootse project niets meer vernomen.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud