Bert Kruismans | Vive Ben Weyts, notre sauveur!

Humor en de Bijzondere Financieringswet van 1989. Het lijkt een vreemd huwelijk, maar niet onmogelijk. Kijk naar het Nederlandstalig onderwijs in Brussel.

Als iemand op deze wereld nog begaan is met het nooddruftige Franstalig onderwijs, dan is het Ben Weyts. Dat is een boude stelling, maar dat betekent nog niet dat ze onwaar is. 

Volg mij vooreerst naar de diepste krochten van de Bijzondere Financieringswet, die de federale dotaties aan gewesten en gemeenschappen regelt. Er lopen in dit land meer mensen rond die weten hoe de vork aan de steel zat bij de Bende van Nijvel dan er kenners zijn die de finesse van de wet uit 1989 begrijpen. Rik Van Cauwelaert is waarschijnlijk dan nog de benjamin van die groep! De dag dat hij en Herman Van Rompuy - wat God moge verhoeden - samen in Hermans Porsche 911 fataal uit de bocht vliegen op de Nürburgring, verzandt dit land in chaos. 

Kort samengevat. De Vlaamse en de Franse Gemeenschap worden gefinancierd met een deel van de btw-inkomsten. Die pot, in 2023 toch zo’n 21 miljard, wordt vanaf 2000 tussen beide gemeenschappen verdeeld op basis van het aandeel van de leerlingen van 6 tot 17 jaar die in het onderwijs zijn ingeschreven. Dat geld alleen al zorgt voor 70 procent van de inkomsten van de Franse Gemeenschap.

Ja, er is ook zoiets als een Duitstalige Gemeenschap, maar die wordt anders gefinancierd en het is zo al ingewikkeld genoeg. En ja, sinds het Lambermontakkoord van 2001 zijn er extra centen, berekend op basis van de opbrengst van de personenbelasting in elke gemeenschap.

Het punt is dat afgelopen maandag het Franstalig onderwijs zijn leerlingen zeer secuur heeft geteld. Elk kind brengt immers zo’n 13.000 euro aan dotaties op. Het probleem is dat er almaar minder van die prijsbeesten rondlopen. De Walen vinden kinderen maken blijkbaar niet meer zo plezant als vroeger.  En ze betalen ook minder personenbelasting dan de Vlamingen. Dat heeft zijn gevolgen.

In 2006 kregen de Franstaligen 43,07 procent van het budget, gereserveerd voor de gemeenschappen. Dit jaar zouden ze slechts 41,77 procent incasseren. Dat betekent 50 miljoen minder voor hun begroting. Minister van Financiën Frédéric Daerden heeft het al uitgerekend. In 2030 zal het slinkende aantal Waalse kindjes 338 miljoen minder opbrengen voor de Franstalige schatkist. 

En in die kist zit al een serieus gat. De Franse Gemeenschap geeft dit jaar 1 miljard meer uit dan ze eigenlijk heeft. Voor 2026 voorspelt men een deficit van 12,5 procent.

Brusselse ouders sturen hun kinderen meer en meer naar het Nederlandstalig onderwijs. Die brengen dus niets op voor de begroting van de Franstaligen.

Uiteraard zijn er ook Brusselse kindjes, veel zelfs. Maar... Brusselse ouders sturen hun kinderen meer en meer naar het Nederlandstalig onderwijs, in Brussel en in de Vlaamse Rand. Die brengen dus niets op voor de begroting van de Franstaligen.

Gelukkig is daar Ben Weyts! Ben is een dromer, en dat mag. John Lennon en Martin Luther King waren dat ook, en kijk eens wat daarvan is terechtgekomen. Als we Ben volgen, wordt straks het kindergeld geschrapt van kindjes die thuis niet genoeg Nederlands spreken. Van hen heeft Brussel er genoeg. Slechts 5 procent van de ketten spreekt thuis alleen Nederlands. Drie vierde van de kleuters in het Nederlandstalig onderwijs spreekt de taal thuis niet.

En dus, als Big Ben al dat kindergeld afpakt, jaagt hij die kindjes naar het Franstalig onderwijs. Dan krijgt de Franstalige Gemeenschap bij de volgende leerlingentelling meer geld. En zo staan de Franstaligen bij het volgende rondje staatshervorming weer financieel wat sterker in hun schoenen. Allemaal dankzij Ben!

Akkoord, Ben kan in Brussel vooralsnog geen kindergeld afpakken, want Vlaanderen is daarvoor niet bevoegd. Maar weet: het is niet nodig te hopen om te ondernemen, noch te slagen om vol te houden. Dat zei Willem van Oranje ooit. Nu ja, misschien. En als hij het al deed, in elk geval in het Frans.

Gesponsorde inhoud
Tijd Connect
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.
Partnercontent
Partner Content biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.