Boterhammen met hespenworst

Onderzoeksjournaliste en auteur

Een goedbedoeld voorstel van gratis schoolmaaltijden komt met een angel: die van stigmatisering.

Vooruit eist dat snel werk wordt gemaakt van gratis en gezonde maaltijden op de lagere school voor alle kinderen. Alleen dan overweegt de partij in een Vlaamse regering te stappen, verkondigt ze ferm. Daarvoor verwijst ze naar recente studies die aantonen dat een toenemend aantal leerlingen met een lege brooddoos naar school gaat. Met de gevulde brooddozen schort ook het een en ander. Die blijken te veel vetten en suikers, kortom te veel ongezonde zaken, te bevatten.

Bij tegenstanders en commentatoren doemt bij het horen van zulke plannen de beruchte gratispolitiek van Steve Stevaert op. Die voormalige rode coryfee maakte zich sterk dat je een maatschappelijk of sociaal probleem kon oplossen door er, zij het gericht, geld tegenaan te gooien. Veel geld. En het mocht de burger niets kosten. Of het nu gaat om busritjes in Hasselt of om schoolmaaltijden. ‘Maar gratis bestaat niet. Op een gegeven moment moet iemand de facturen betalen’, luidt de kritiek. En die facturen zijn gepeperd. Het Planbureau becijfert de kostprijs van gratis maaltijden op school op zo’n 260 miljoen euro per jaar.

Advertentie

Het zou zo’n mooie catch-all-oplossing kunnen zijn: gezond, gratis en lekker eten in de refters waardoor kinderen gezonder, vrolijker en beter presterend door het schoolleven gaan. Maar wat met de ouders in dit idyllische plaatje? Opvoeden is in de eerste plaats hun taak. Kinderen spenderen jaarlijks 160 à 170 dagen op school. De rest van de tijd vallen ze onder de verantwoordelijkheid van hun ouders. Al die ontbijten, lunches en avondmaaltijden zijn het moeders, vaders, meeouders, plusouders... die eten op tafel te zetten.

Stigmatisering

Daar zit de angel van het goedbedoelde voorstel van gratis schoolmaaltijden: stigmatisering. Wie in armoede leeft, heeft blijkbaar hulp nodig bij de opvoeding van kroostlief. Alsof rijkere ouders probleemloos opvoeden.

Ouders, ook die met heel wat financiële hobbels op hun levenspad, verdienen wat meer vertrouwen en minder clichés.

‘Arme stakkers maken verkeerde keuzes!’ We kennen de clichés van ‘doppers die hun kinderen niet deftig te eten geven, maar wel de nieuwste smartphone hebben’. Ze gaan al mee van de tijd dat ik zelf nog een kind in armoede was. Een ‘bruin’ kind dan nog, dubbel gesjareld. Al kochten de armen toen nog breedbeeldtelevisies in plaats van voeding. Dergelijke clichés blijken in een enkel geval waar te zijn, maar worden voor het gemak toegeschreven aan hele bevolkingsgroepen.

Tijd voor een tegencliché. Als kind in armoede heb ik nooit honger geleden, noch op school, noch thuis. Ook al moest mijn moeder tegen het einde van de maand soms elke dag een andere bereidingswijze van aardappelen op tafel zetten, omdat dat alles was wat restte in de voorraadkast. Boterhammen kreeg ik ook mee, elke dag. Met hespenworst, het goedkoopste beleg dat te vinden was bij Aldi. Qua gezondheidsscore niet eens zo veel slechter dan pakweg de smeerkaas van die lachende koe.

Ouders, ook die met heel wat financiële hobbels op hun levenspad, verdienen wat meer vertrouwen en minder clichés. Wat geloof in hun kunde om kinderen zelf op te voeden.

Gesponsorde inhoud
Tijd Connect
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.
Partnercontent
Partner Content biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.