Campagnewatcher | Ook betaalbaar wonen is een zaak van vraag en aanbod

Professor macro-economie UGent

Alle partijen zetten zwaar in op betaalbaar wonen en het bezit van een eigen woning. Helpt dat de Vlaming ook aan een betaalbare woning?

Niet geheel verrassend zetten alle partijen zwaar in op betaalbaar wonen en het bezit van een eigen woning. De verkiezingsprogramma’s weiden gretig uit over de stijgende woningprijzen, de hogere eigen inbreng bij een hypothecair krediet, de schaarste aan panden en bouwgronden, het ingewikkelde vergunningsbeleid, de wachtlijsten voor sociale woningen, etc. De obstakels die de woondroom van veel Vlamingen in de weg staan, zijn te talrijk om op te noemen.

Die aandacht is legitiem: het recht op kwaliteitsvolle huisvesting is een basisrecht, verankerd in de grondwet. Het bezit van een eigen woning wordt ook beschouwd als een manier om financieel vermogen op te bouwen. De stijging van de woningprijzen over de tijd, in combinatie met subsidies en een gunstige fiscaliteit, laat huiseigenaars vaak slapend rijker worden.

Advertentie

Bovendien heeft de Belg nog altijd een baksteen in de maag. Een Gentse studie toonde dat onlangs opnieuw aan: meer dan de helft van het vermogen van de Belg zit in de gezinswoning. De beloftes zullen dus weinig kiezers ongenegen zijn.

Afkoeling

De huizenmarkt volgt zoals andere markten de wet van vraag en aanbod, waarbij verstoringen in zowel de vraag als het aanbod tot prijsaanpassingen leiden. De huizenmarkt koelt de jongste maanden duidelijk af. Toch blijven de prijzen in het algemeen toenemen. Een groeivertraging van onze economie in combinatie met rentestijgingen en initiatieven om het woonaanbod uit te breiden, is dus niet voldoende om de huizenprijzen te stabiliseren.

De overheid kan hier een belangrijke rol spelen. Of zoals CD&V verwoordt in zijn programma: ‘De overheid kan helpen, faciliteren en randvoorwaarden creëren waar vraag en aanbod onvoldoende op elkaar afgestemd raken’. Veelal is het politieke doel het aantal huiseigenaars te doen stijgen en jongeren meer toegang tot de koopmarkt te geven.

Veel partijen wijzen daarvoor in eerste instantie naar maatregelen die de vraag ondersteunen: lagere registratierechten en/of onroerende voorheffing, overheidsgaranties bij woonkredieten en het gemakkelijk maken om tot 100 procent van het aankoopbedrag te lenen. Alleen Groen en Vooruit wijzen daarbij nadrukkelijk op een duidelijke progressiviteit, door registratierechten alleen te laten verdwijnen tot een bepaald bedrag, met hogere belastingvoeten daarboven.

Overheidsgaranties bij woonkredieten hebben geen meetbaar effect op het aantal huiseigenaars terwijl ze, net als belastingvoordelen, de huizenprijzen wel doen stijgen.

De meest logische economische keuze zou dus zijn niet te focussen op de vraag, maar vooral op het aanbod aan woningen. Politiek ligt dat blijkbaar minder voor de hand.

Gesponsorde inhoud
Tijd Connect
Tijd Connect biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.
Partnercontent
Partner Content biedt organisaties toegang tot het netwerk van De Tijd. De partners zijn verantwoordelijk voor de inhoud.