De staat van de Staatsveiligheid

managing director van A Seat At The Table

De relatieve vooruitgang die de inlichtingendiensten de voorbije jaren boekten, weegt niet op tegen de dreigingen.

De eerste week van mei is traditioneel een periode waarbij inlichtingendiensten wereldwijd hun adem inhouden. Niet omdat socialisten dan al eens een aanval durven in te zetten op uw dividenden. Maar wegens de verhoogde dreiging rond de verjaardag van de dood van Osama Bin Laden. Oudejaarsavond, 2 mei en 11 september blijven de geprefereerde data voor religieuze fanatici die een politiek statement willen maken met een explosievengordel.

De tienjarige verjaardag van de dood van de illustere Al Qaeda-leider ging geruisloos voorbij. Maar hoe zit het nu met de staat van onze staatsveiligheid? Welke stappen hebben de veiligheids- en inlichtingendiensten vooruitgezet sinds de aanslagen in Brussel?

Het is niet zo lang geleden dat ons land met de billen bloot stond toen bleek dat de plegers van zes internationale aanslagen, waaronder die op Charlie Hebdo en Zaventem, een band hadden met ons land. In de buitenlandse pers werd Molenbeek plots gebombardeerd tot het mekka van de terreur en werden grote vraagtekens gezet bij ons gebrekkig veiligheidsbeleid.

Onder intense internationale druk pakte de regering-Michel uit met het fameuze Kanaalplan. Onder leiding van minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) pompte de regering begin 2016 ruim 400 miljoen euro extra in de veiligheidsdiensten en de acht gemeenten rond de Brusselse Kanaalzone. Maatregelen die de aanslagen van 22 maart helaas niet konden voorkomen, maar wel een reële bijdrage hebben geleverd aan het Belgische veiligheidsbeleid.

De ineenstorting van het zelfverklaarde IS-kalifaat in de Levant en de stabilisering van de Syrische burgeroorlog waren meevallers voor onze veiligheidsdiensten.

De extra investeringen in Staatsveiligheid, OCAD, de militaire inlichtingendienst ADIV, politie en justitie hebben vruchten afgeworpen in de strijd tegen religieus extremisme. De inlichtingendiensten werken beter samen, informatiedoorstroming werd gestroomlijnd, acute personeelstekorten werden weggewerkt, de jihadistische netwerken in ons land zijn beter in kaart gebracht en de databanken die extremistische groeperingen en individuen opvolgden werden gecentraliseerd.

De ineenstorting van het zelfverklaarde IS-kalifaat in de Levant en de stabilisering van de Syrische burgeroorlog waren meevallers voor onze veiligheidsdiensten. Zelfs de covidpandemie heeft een positieve invloed gehad op het aantal aanslagen in Europa. Gesloten grenzen blijken nu eenmaal nefast voor het businessmodel van terreurgroepen die internationaal opereren.

Dat de dreiging van religieus extremisme in onze contreien voorlopig getemperd is, is geen reden om op onze lauweren te rusten. Verschillende langetermijnconflicten en veiligheidsrisico’s liggen op de loer. De proliferatie van gewelddadige extreemrechtse groeperingen over heel Europa baart zorgen. De gewapende milities gelieerd aan die organisaties zijn steeds beter met elkaar geconnecteerd en infiltreren moeiteloos de ordediensten in hun respectieve landen. Ook hier dreigt hetzelfde scenario als bij de Syriëstrijders. Toen wuifden onze beleidsmakers de eerste berichten weg over Belgische jongeren die radicaliseerden op het internet en zich voorbereidden op gewapende conflicten in buitenlandse militaire trainingskampen.

Beperkte capaciteiten

De beperkte capaciteiten van onze inlichtingendiensten hebben wel tot gevolg dat ons land voor HUMINT (human intelligence) en SIGINT (signals intelligence) te veel afhankelijk is van buitenlandse inlichtingendiensten. Een rechtstreeks gevolg van het rigide wetgevende kader rond informanten en het uitblijven van forse investeringen in datacollectie.

Een ander zorgenkind is de alomtegenwoordige spionage door buitenlandse mogendheden in Brussel.

Een ander zorgenkind is de alomtegenwoordige spionage door buitenlandse mogendheden in Brussel. De aanwezigheid van de Europese instellingen en de NAVO maken van onze hoofdstad een van de aantrekkelijkste spionagedoelwitten in de wereld. Zo krijgen onze inlichtingendiensten maar geen greep op de toenemende infiltratie van Chinese geheime diensten in Brusselse EU-bubbel, lobbyorganisaties en denktanken. Voorts vallen veel vraagtekens te zetten bij de innige relatie tussen de Confucius-instituten en Belgische universiteiten en bestaat de vrees dat Chinese studenten die in België studeren worden gerekruteerd door inlichtingendiensten uit hun land van herkomst.

De relatieve sprong voorwaarts die onze veiligheidsdiensten de jongste jaren hebben gemaakt weegt niet op tegen de significante uitdagingen – cyberoorlogen, jihadistisch en extreemrechts geweld, buitenlandse spionage en inmenging in Brussel - die ons land nog te wachten staan. Wil de regering-De Croo vermijden dat ze in de nabije toekomst plots met de billen bloot komt te staan in de internationale arena zoals de regering-Michel I, dan maakt ze het best nu al werk van een Kanaalplan 2.0.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud