De vloek van Janus

Politicoloog

CD&V lijdt onder haar januskop. Haar ambigue profiel en vooral dat ze in de eerste plaats een smoelenpartij is, maakt ze voor de kiezer minder aantrekkelijk.

Het kan verkeren, dacht Bredero 400 jaar geleden. De partij die in 1950, toen weliswaar als eenheidspartij, nog 60,3 procent van de uitgebrachte stemmen haalde, dondert volgens de recentste peiling naar 8,7 procent. De versnippering van de partijen en ideologische en maatschappelijke omwentelingen hebben Vlaanderen danig getransformeerd. CD&V moet, in de meest christelijke traditie, op zoek naar een electoraal mirakel om federaal en regionaal weer relevant te worden.

De door CD&V mee goedgekeurde afschaffing van de opkomstplicht voor de lokale verkiezingen zal onvermijdelijk ook een negatieve impact hebben op de nu al overbelaste ruggengraat van de partij. Van alle Vlaamse partijen slaagt CD&V er het minste in zich succesvol te profileren als themapartij. Ze moet het hebben van een snel vergrijzend en vooral landelijk electoraat dat hoofdzakelijk uit gewoonte voor de partij stemt.

Je trekt geen kiezers aan met holle slogans of met intellectuele concepten. Klaarheid schenken blijft daarom voor CD&V een moeilijke opdracht. Noem het gerust de vloek van Janus.

Van alle centrumpartijen telt CD&V de meeste kiezers die pendelen tussen de eigen ideologie en het Vlaams-nationalisme. Die electorale migratiegolven en het gewijzigd ideologisch zelfbeeld dat daaruit voortspruit, zadelt de partij op met een existentieel dilemma. Van welk hout pijlen maken?

Gaat de partij de rechtse toer op dan vervreemdt ze minstens de helft van haar centrumkiezers. Zo bleek uit een bevraging van TNS/Dimarso in 2014 al dat slechts 6 procent van de CD&V-kiezers een voorkeur had voor de Zweedse regeerformule. Het hevig en aanhoudend protest van de christelijke zuil tegen het beleid van de regering-Michel, een regering waar CD&V nota bene mathematisch wel onmisbaar was, kan je als een motie van wantrouwen lezen en heeft de al zwaar aangetaste vertrouwensrelatie sneller doen afkoelen.

Zuil

De fundering waarmee de partij na de Tweede Wereldoorlog groot is geworden verkruimelde zienderogen. Dat had ook gevolgen voor diezelfde zuil die, bij gebrek aan impact op het beleid, de traag ingezette ontkoppeling met de christendemocratische partij versnelde, op zoek naar alternatieven om wat de Brusselse socioloog Erik Corijn de verrechtsing van de grondstroom noemt tegen te gaan. De zuil heeft vandaag geen noemenswaardige invloed meer op het stemgedrag van haar leden en vrijwilligers.

Gaat de partij de rechtse toer op dan vervreemdt ze minstens de helft van haar centrumkiezers. Kiest ze voor een linksere koers dan roept ze een nieuwe exodus van de centrumrechtse kiezer over zich af.

Kiest de partij daarentegen voor een linksere koers, dan roept ze een nieuwe exodus van de centrumrechtse kiezer over zich af. Die lonkt nog altijd naar een kartelvorming met de N-VA omdat die alliantie resoneert met zijn verzuchtingen. Voor dat electoraat zijn gezonde staatsfinanciën, een meer conservatieve basishouding en een verregaande hervorming van het sociaaleconomisch beleid, desnoods via een staatshervorming, prioritair.

Het ambigue profiel van de partij, maar vooral dat ze in de eerste plaats een smoelenpartij is, maakt ze voor de kiezer - en voor de jonge kiezer in het bijzonder - minder aantrekkelijk. Je trekt geen kiezers aan met holle slogans of met intellectuele concepten zoals personalisme en distributisme. Klaarheid schenken blijft daarom voor CD&V een moeilijke opdracht. Noem het gerust de vloek van Janus. Die oud-Romeinse god werd traditioneel afgebeeld met twee gezichten. Één gezicht kijkt naar het verleden, het andere naar de toekomst.

Numero uno

Om de christendemocratie nieuw leven in te blazen moet de nieuwe voorzitter ook effectief de numero uno van de partij worden. Dat is hij nog niet, want de enige echte numero uno vervangt vandaag Wouter Beke in de Vlaamse regering. Om de partij een toekomst te geven zal ze bottom-up heruitgevonden moeten worden door jonge, levendige en vooral op de toekomst gerichte lokale werkingen die kunnen rekenen op ondersteuning van de hoofdzetel.

Het gezicht dat naar de toekomst kijkt, dreigt het pleit te verliezen van het gezicht dat zich verliest in een verkruimeld verleden.

De interne organisatie moet herbekeken worden, de studiedienst wordt beter fors versterkt zodat hij een sterkere rol kan spelen in de verankering van de lokale werkingen. De partij moet ook terug inzetten op lidmaatschap. Een partij kan niet zonder maatschappelijke verankering. Actief lidmaatschap is daar een essentieel element in.

Maar dit alles kan alleen floreren als de partij een ideologische unique selling proposition kan formuleren die helder en overtuigend gedeclameerd kan worden. Dat allemaal realiseren of op zijn minst in de steigers zetten in 24 maanden lijkt een herculesopdracht.

Zonder onbetwistbaar gezag, zonder een heldere visie, zonder een assertievere, scherpere aanpak kapseist ook deze vernieuwingsoperatie. Het gezicht dat naar de toekomst kijkt, dreigt het pleit te verliezen van het gezicht dat zich verliest in een verkruimeld verleden.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud