De wet van de geleidelijkheid

De brandstichting in het toekomstige asielcentrum in Bilzen is (vooralsnog) een triest dieptepunt in het debat over migratie dat al jaren de politieke agenda en de publieke opinie beheerst.

Van de instroom van asielzoekers liggen mensen wakker, meer nog dan pakweg van de klimaatopwarming. Je kan dat betreuren, er boos om worden of ervan walgen, maar dat verandert weinig aan de feiten.

Het is te gemakkelijk de meerderheid van de 1.300 inwoners van Grote-Spouwen weg te zetten als onversneden racisten. Als een treurige uitwas van iets dat sluimert in het Vlaamse DNA. Het is even gemakkelijk - en zelfs misdadig - om de al dan niet terechte angsten van die mensen te blijven voeden en opkloppen tot groteske proporties. Louter in functie van een politieke agenda die het liefst een Vlaanderen zonder asielcentra ziet. In feite zelfs een Vlaanderen zonder kleur of diversiteit. Alleen witte eenheidsworst.

Grote-Spouwen was even het middelpunt van de nationale pers. Reporters, fotografen en cameraploegen zakten af naar het kerkdorpje om vast te leggen wat de ware drijfveren achter de brandstichting waren. Het resultaat oogt zowel genuanceerd als verrassend banaal. Wie even de ideologische bril wil afzetten, ziet een kleine gemeenschap die met veel vragen en twijfels zit. Over de impact van 140 vreemdelingen die er plots bij komen. Over het lokale schooltje met amper 75 leerlingen dat er in één klap 30 kindjes bij krijgt.

Voor wie leeft in een stedelijke, multidiverse en kosmopolitische biotoop kunnen dergelijke bedenkingen kneuterig en benepen lijken. Dat gaat voorbij aan het feit dat een groot deel van Vlaanderen nog altijd in de schaduw van de kerktoren woont, letterlijk en figuurlijk. En van daaruit lijkt de wereld soms heel complex, onbevattelijk en gevaarlijk. Dus kan je daarvoor begrip proberen op te brengen.

Begrip is uiteraard niet eindeloos. Wie bij gebrek aan argumenten ’s nachts gebouwen in brand steekt, kan nooit een beroep doen op begrip. Dat geldt evenzeer voor mensen die staan te joelen bij het spektakel van de vlammen en zaken roepen als ‘Let it fokking burn, man. Vieze bruine kippen! Laat het hele nest maar afbranden.’ Daar loopt de lijn in het zand.

Onze regeringen beschouwen migratie te veel als een logistieke kwestie van louter cijfers.

Veel van de vragen zijn terug te voeren op een falende aanpak van de overheid. Onze regeringen beschouwen migratie te veel als een logistieke kwestie van louter cijfers. De aanpak bestaat er voornamelijk uit omvangrijke groepen mensen zo snel mogelijk te voorzien van bed, bad en brood. Dat kan efficiënt ogen, maar migratie draait om meer dan voorzien in de basisbehoeften. Op het vlak van nazorg en voorbereiding schiet de overheid ruim tekort. Omdat men er te veel van uitgaat dat deze mensen slechts ‘tijdelijk’ hier verblijven: de asielzoeker louter als schakel in een logistieke keten.

In de jaren 50 en 60 heeft België al eens verzuimd zijn bevolking voor te bereiden op de instroom van groepen met een andere taal, religie en cultuur. Toen had het nog het - weliswaar bijzonder flauwe - excuus dat het ging om ‘gastarbeiders’, die uiteindelijk zouden terugkeren naar hun thuisland. De gevolgen van dat schuldig verzuim zijn nog voelbaar voor hun kinderen en kleinkinderen. Laten we deze fout niet nogmaals maken.

We passen beter ‘de wet van de geleidelijkheid’ toe. Asielcentra moeten downsizen en uitzwermen. Kleinere groepen asielzoekers verminderen de gevreesde impact op de lokale gemeenschap, waardoor minder weerstand wordt opgeroepen. De omkadering en het buurtoverleg moeten beter, want nu laat men die mensen en hun omgeving te veel aan hun lot over. Asiel is geen pop-upzaak, een winkel die je even snel snel opent. Het moet met de nodige sérieux en omzichtigheid behandeld worden. Het gaat tenslotte om mensen, onderworpen aan natuurwetten, en zoals Darwin wist: grote sprongen houden geen steek.

Lees verder

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n