Een begroting is geen politiek dienstbetoon

Gepersonaliseerde zoekresultaten en advertenties op het internet zijn zodanig ingeburgerd dat we er niet langer bij stilstaan hoe ze ons wereldbeeld beïnvloeden en zelfs beperken. We worden als het ware opgesloten in een cocon van onze eigen interesses, ervaringen en vaak ook gelijkgezinden.

Enkele maanden geleden wisselde ik noodgedwongen van laptop én systeem. Plots kreeg ik totaal verschillende resultaten te zien bij zoekopdrachten dan voorheen. Bedrijven en adverteerders spelen daar al langer op in. Wie kent ze niet, de hardnekkige Google-ads voor een joggingbroek die je weken te zien krijgt, omdat je enkele dagen voordien online zo'n broek gekocht hebt?

Caroline Ven. ©wim kempenaers (wkb)

Deze manier om klanten te lokken wordt niet alleen gebruikt door bedrijven maar ook door politieke partijen en groeperingen, alsof een politiek partijprogramma een zogenaamd 'fast-moving consumer good' is. Bij de Amerikaanse verkiezingen van 2016 heeft Donald Trump als presidentskandidaat daar op een effectieve manier gebruik van gemaakt en ook in België hebben sommige partijen daar bij de jongste verkiezingen volop op ingespeeld. Specifieke informatie aangepast aan de individuele kiezer of doelgroep, met boodschappen waarvan men statistisch weet dat ze bij hen zullen aanslaan. De politieke partij in kwestie lijkt verzekerd van succes.

Het vergt minimale financiële inspanningen en de campagne valt haast niet op in het straatbeeld. Ze verloopt onder de radar en de pers of andere partijen kunnen dus moeilijk wederwoord uitlokken. Mocht de campagne niet succesvol zijn, dan kan ze ook gemakkelijk geminimaliseerd worden.

De individualisering van de strategie om kiezers te lokken wordt nu ook in het beleid voortgezet.

Als de partij later effectief aan de macht deelneemt, valt die methode echter moeilijk te verzoenen met staatsmanschap of het algemeen belang dat de machthebbers zouden moeten dienen. De regeerverklaring bij het begin van een legislatuur geeft het gemeenschappelijk beeld weer van de nieuwe regering waarop alle partijen inzetten en waarmee ze finaal ook hopen te scoren bij de volgende verkiezingen. De begroting is dan de financiële vertaling van de globale strategie van de regeringsploeg. Tot zover het oude adagium.

De individualisering van de strategie om kiezers te lokken wordt nu echter ook voortgezet in het beleid. Men zoekt niet meer de vooruitgang van het geheel maar het voortrekken van bepaalde individuen en doelgroepen wier stem men heeft gekregen en wil behouden. Het maakt dat het beleid een ad-hockarakter heeft, waarbij elke partij zijn eigen achterban meent te moeten bedienen.

Lappendeken

De coronacrisis maakt dit des te duidelijker. Het is schrijnend hoe de grootste gezondheids- én economische crisis sinds de Tweede Wereldoorlog wordt aangepakt. Het credo dat maatregelen gericht, effectief en tijdelijk moeten zijn, verglijdt in een lappendeken van maatregelen die we vroeger als politiek dienstbetoon hadden bestempeld. Er is nu eenmaal te weinig budget om elke nood van elke respectievelijke achterban te lenigen. Zoals Mahatma Gandhi ooit zei: 'The world has enough for everyone's need, but not enough for everyone's greed.'

Wie zal de btw opnieuw verhogen voor de horeca, wie zal de tijdelijke werkloosheid weer verstrengen, wie zal de leeftijd voor landingsbanen opnieuw optrekken?

Erger nog dan de onmiddellijke gevolgen voor de overheidsfinanciën is hoe we de geest weer in de fles zullen krijgen. Want wie zal de btw opnieuw verhogen voor de horeca, wie zal de tijdelijke werkloosheid weer verstrengen, wie zal de leeftijd voor landingsbanen opnieuw optrekken? Ondanks al die dure, versnipperde maatregelen worden de grote uitdagingen van de toekomst nog altijd voor zich uit geschoven.

We hadden de economie ook weer op gang kunnen trekken door meer generieke maatregelen, zoals het investeren in een veerkrachtig gezondheidssysteem of het uitrollen van grote investeringsprojecten voor een hernieuwd energielandschap. Maar dat vergt een breed gedragen gemeenschappelijke visie op het beleid, liefst gesteund door alle partijen, zodat de initiatieven de legislatuur kunnen overleven.

Zulke investeringen wegen uiteraard ook zwaar op de begroting, maar vroeg of laat moeten we ze toch doen, om competitief te blijven en te verduurzamen. Ze vertegenwoordigen als het ware een impliciete schuld, geen extra schulden.

Laat ons hopen dat de Vlaamse regering daarom nu echt daadkrachtig werk maakt van haar plannen voor het versterken van de steun voor innovatie en het uitrollen van grote investeringsprojecten voor digitalisering.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud