Een duwtje in de rug

Dat de Vlaamse overheid knipt in ondernemingssubsidies doet stof oplaaien.

Ondernemerschap moet toch op eigen benen kunnen staan, niet? Inderdaad, in een perfect werkende markteconomie vinden vraag en aanbod elkaar automatisch. Perfect geïnformeerde ondernemingen springen in de juiste niches en brengen waren aan de man waar de consument op dat moment nood aan heeft. Ze vinden zonder uitstel het nodige kapitaal, want de kapitaalmarkt en de financiële instellingen spelen naadloos in op al dat marktgeweld. Getalenteerde, goed opgeleide medewerkers bieden zich spontaan aan. Ze zien de kans te werken in een beloftevol bedrijf en verlaten zonder verpinken de zieltogende bedrijven van het verleden.

Dat is helaas niet de echte wereld. In de echte wereld kunnen ondernemingen wel degelijk een steuntje in de rug gebruiken. Want de markten zijn niet perfect. En de risico’s daarom vaak te groot. Ook het beleidskader is vaak nog niet aangepast om iets nieuws te proberen. Het duwtje in de rug van de overheid is dus nodig om nieuwe, onontgonnen zaken te proberen. Nieuwe economische activiteiten die beloftevol zijn, maar waarvan het risico te groot is voor een privéspeler alleen om eraan te beginnen.

Het duwtje in de rug van de overheid is dus nodig om nieuwe, onontgonnen zaken te proberen.

Het spreekt voor zich dat goed omkaderde innovatiesteun wat anders is dan een subsidie om het lijden van een bedrijf in moeilijkheden langer te rekken, zoals in de jaren zeventig weleens gebruikelijk was.

Bekijken we eens hoe Luxemburg dat destijds heeft aangepakt. We hoeven ons niet altijd te laten inspireren door de landen in het Noorden.

Eind 19de eeuw was België een van de economisch machtigste naties ter wereld, terwijl Luxemburg een arm, achtergesteld land was waar een derde van de bevolking vertrok naar Parijs of Brussel, voor de welgestelden, of Amerika, voor de armen. In 2019 heeft Luxemburg België voorbijgestoken op de competitiviteitsindex en heeft Luxemburg een staatsschuld van minder dan 20 procent van het bruto binnenlands product. In België is die nog altijd rond 100 procent.

Nochtans hebben geen van beide landen veel natuurlijke rijkdommen en moeten ze het vooral hebben van de ontwikkeling van de eigen industrie en bedrijven, ondersteund door een gericht overheidsbeleid. In België zijn we langzaam de ladder afgedaald. Luxemburg is de ladder opgeklommen.

De Luxemburgse overheid zette in op het bankwezen toen Luxemburg maar een handvol financiële instellingen telde. In de jaren 60 werd ingezet op ruimtesatellieten en nu heeft Luxemburg met SES een zeer succesvol satellietcommunicatiebedrijf, met meer dan 2 miljard euro omzet, een van de weinige succesverhalen in deze sector in de wereld. Luxemburg, zonder zeehavens of zelfs maar een kust, zette in op het registreren van een handelsvloot. Bijna evenveel schepen in de wereld varen onder Luxemburgse vlag als onder Belgische vlag. En onlangs zette de Luxemburgse overheid in op ‘space mining’, het winnen van mineralen en ertsen in de ruimte, op de maan, op planeten en asteroïden. In al die voorbeelden ondersteunde de Luxemburgse overheid volledig nieuwe pistes waar bedrijven wereldwijd op springen. Zo zijn al meer dan 50 internationale bedrijven voor ruimte-ontginning gevestigd in Luxemburg.

De overheid als frontrunner voor ondernemerschap dus. Wie bedenkt de promotie van een financiële sector als die op dat ogenblik geen financiële speler is? Wie bedenkt de promotie van een maritieme sector als je niet aan zee ligt? Wie ziet brood in de ruimte als de eerste satelliet nog gelanceerd moet worden of net gelanceerd is? Een land dat vooruitgaat op de competitiviteitsindex en niet achteruitboert.

Economen weten het al langer: de vrije markt is een theoretisch concept, geen realiteit in de praktijk, wat de overheid wel degelijk een argument geeft in te grijpen. Maar dat doet ze best op een toekomstgerichte manier. De Vlaamse overheid moet dus ook durven een eigen economisch beleid uit te stippelen, ook al zijn de bedrijven daarvoor nog niet altijd aanwezig. Ze moet die activiteiten een duwtje in de rug geven en zo het nieuwe ondernemerschap stimuleren waarvoor ze kansen ziet.

Lees verder

Tijd Connect