Gezondheidszorg kan 6 miljard efficiënter

Hoofdeconoom Voka en auteur van 'Terug naar de feiten'

De lange lijst verkiezingsbeloftes in de aanloop naar 26 mei, het schijnbaar totale gebrek aan urgentie in de federale regeringsvorming en de ontwikkeling om bij wisselmeerderheid extra uitgaven door het parlement te krijgen zouden het al eens doen vergeten, maar onze overheid zit niet op enorme overschotten.

De tweewekelijkse grafiek van Bart Van Craeynest

©Frank Toussaint

Integendeel, de volgende federale regering vertrekt met een begrotingstekort van 10 miljard euro en krijgt daar nog een vergrijzingsfactuur van 5 miljard bovenop. En dat terwijl we nu al de derde zwaarste belastingdruk onder de industrielanden hebben. Mochten we alle budgettaire uitdagingen met extra belastinginkomsten willen opvangen, dan gaan we voor belastingdruk met ruime voorsprong los aan de kop. De volgende federale regering zal dus hoe dan ook niet om nieuwe besparingsinspanningen heen kunnen.

In bepaalde hoeken klinkt dan steevast het pleidooi om de sociale zekerheid en zeker de gezondheidszorg buiten die oefening te houden. Dat maakt een ernstige besparingsoefening nog moeilijker. Zowat de helft van de overheidsuitgaven zijn sociale uitgaven. En na de pensioenen is de gezondheidszorg de grootste post in de sociale zekerheid.

©Mediafin

Vandaag spendeert de overheid een dikke 30 miljard euro aan gezondheidszorg. Maar daarvoor krijgen we niet genoeg kwaliteit terug. Internationale vergelijkingen leren dat veel Europese landen een hogere kwaliteit afleveren voor dezelfde of zelfs minder middelen.

Zulke macrovergelijkingen suggereren dat ook onze gezondheidszorg efficiënter moet kunnen. Voor heel wat medische voorzieningen, zoals scanners, ziekenhuisbedden en apothekers, behoren we tot de top van Europa. Zo hebben we het hoogste aantal PET-scanners per inwoner, bijna dubbel zoveel als gemiddeld in de welvarendste Europese landen. In combinatie met een financiering die nog altijd vooral is gericht op medische prestaties leidt dat tot overconsumptie.

Tegelijk behoren we tot de landen die het minst spenderen aan preventie. Een systeem dat efficiënter omgaat met middelen, onder meer via een financiering die minder afhankelijk is van prestaties, en dat meer inzet op een gezondere bevolking, onder meer via meer inspanningen voor preventie, moet dezelfde kwaliteit kunnen leveren met 10 procent minder middelen.

Dat wordt bevestigd door gezondheidsexperts als Lieven Annemans, Marc Noppen en Raf De Rycke. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en de Europese Commissie suggereren zelfs een besparingspotentieel van 20 procent. Dat komt overeen met 3 tot 6 miljard euro. Tegen de achtergrond van de enorme budgettaire uitdagingen moet ook in de gezondheidszorg de focus liggen op efficiënt omgaan met de middelen.

Lees verder

Gesponsorde inhoud