Het rijk der vrijheid van Hans Bourlon | In de Ardennen

CEO van Studio 100

We bevrijden ons uit de ketens van de pandemie, maar wat nadien? Wat kan anders, wat behouden we en wat komt beter nooit terug, vroegen we onze opiniemakers. Vandaag: Studio 100-topman Hans Bourlon.

Mijn vakantiehuis in de Ardennen is omgeven door groen en een klaterende rivier. De ideale plaats om in alle rust de coronamiserie, die ons bedrijf hard trof, te vergeten. Ik zou wandelen in de bossen en met mijn rug in het gras staren naar de wolken. Ik zou… KLANG!                                                                                                   

Op een smalle Ardeense weg raakte mijn voorband een steen, die opwipte en mijn carrosserie onderaan beschadigde. Wat later stond ik in de regen aan de kant met onder mijn wagen een plas olie.

‘Takelen? Geen probleem’, zei de man van de takeldienst. ‘350 euro op factuur, maar voor 200 in het zwart zet ik u ook af aan uw vakantiehuis.’ 

Daar zat ik dan, hoog en droog, omringd door het kolkende water. Het stelde niets voor in vergelijking met de miserie die zo veel anderen meemaakten.

In mijn beste Frans schoot ik meteen in een colère. ‘U houdt niet van belastingen? Wie heeft het moederhuis betaald waar ge geboren zijt? Uw school? Wie zal tot uw begrafenis voor u zorgen? Wie?’ Ik keek de man indringend aan. Hij antwoordde wijselijk niet.

‘Het moet zo van mijn baas’, stamelde hij. ‘Uw baas slaat munt uit een persoon in nood’, zei ik, gaf hem zijn 200 euro en stapte kleddernat in. Zo eens boos worden, dat lucht op, dacht ik, stil naast hem in zijn takelwagen.

De volgende ochtend maakte ik een boswandeling. Ik marcheerde tussen de bomen, toen plots: WAF! WAF! Voor mijn neus dook een grote, driftige hond op. Ik versteende. ‘Hij bijt niet. Loop maar door’, zei zijn baas, die vanachter een eik verscheen.

‘Een hond moet aan de leiband!’, riep ik. Maar de man maakte geen aanstalten om het dier bij zich te roepen. Dus ging ik naar hem toe en brulde zo luid ik kon in zijn oor: WAF! WAF! WAF! ‘Ik bijt niet hoor’, zei ik en stapte zonder omkijken door. Dat luchtte enorm op.

Geflitst

Wat verder leek het of ik op het circuit van Francorchamps beland was. Op de bochtige weg langs de rivier raasden onophoudelijk racemotoren voorbij. Ik vond er niets beters op dan, telkens als ze in aantocht waren, uitbundig teken te doen dat iets verder geflitst werd. Ze gingen dan vol in de remmen, tot stil jolijt van mijzelf. Tot... eentje terugkeerde.

‘Zijt ge met mijn voeten aan het spelen?’, vroeg hij vanachter zijn helm. ‘Staat dat flitstoestel er niet meer?’, vroeg ik schaapachtig. ‘Zijt ge mij aan het uitlachen?’, riep hij. WROAAR! Hij trok zijn gashendel open. Hij uitte zich bij voorkeur zo. In de verte zag ik een paar van zijn kompanen terugkeren. Ik spurtte het bos in, om wat later uit te hijgen tegen een boom. Maar ook dat luchtte op.

Wegvluchten van mijn coronamiserie lukte niet. Een mens neemt op vakantie naast een valies vooral zichzelf mee.

U merkt het. Ik was op dreef in de Ardennen, opgenaaid en opgedraaid. Wegvluchten van mijn coronamiserie lukte niet. Een mens neemt op vakantie naast een valies vooral zichzelf mee.

’s Avonds, het was aan het stortregenen, stelde ik mij als doel om, zodra het rijk der vrijheid een feit is, snel mijn oude rustige zelf terug te vinden.

Toen ik door het venster keek, zag ik hoe de rivier beneden hevig stroomde. Bruin en kolkend leek ze in niets meer op het klaterende beekje dat ze vroeger was. Takken, boomstammen, vuil, afval, alles werd meegesleurd door de wilde, aanzwellende waterstroom. De brug beneden was in geen tijd overspoeld.

Vluchten kon niet meer. Daar zat ik dan, hoog en droog, omringd door het kolkende water. Het stelde niets voor in vergelijking met de miserie die zo veel anderen meemaakten, maar het was best spannend en heel dreigend.

Want voor de allereerste keer keek ik het grote, zwarte monster recht in de bek.

Hans Bourlon

CEO van Studio 100

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud