Hou die intrestvoeten in de gaten

Mensen hebben wel altijd van iets schrik, maar schrik hebben van het verkeerde is af te raden. Ik laat gevaren zoals klimaatontsporing, terrorisme, politieke spanningen, cybercriminaliteit, virussen, resistentie tegen antibiotica en dies meer even links liggen en richt mij op het financiële. Het IMF stipt in zijn meest recente rapport over de vooruitzichten voor de wereldeconomie (World Economic Outlook, oktober 2019) de vier belangrijkste bedreigingen aan: de schuldgraad van de bedrijven, in het bijzonder in China. De zoektocht naar rendement, die aanzet tot het nemen van meer risico. De waarderingen van bepaalde beurzen, met Wall Street op kop. De lage rentevoeten voor Amerikaanse bedrijfsobligaties, in het bijzonder in het segment van de hoge opbrengsten.

We moeten het onmisbaar engagement om te investeren in het verminderen van de klimaatontsporing combineren met budgettaire voorzichtigheid

Elk van deze punten verdient bijzondere aandacht, maar toch leg ik het accent elders. Ik ontken niet dat zowel de publieke als private schuldgraad in China het laatste decennium fors is toegenomen. Maar wat opvalt is dat de geïndustrialiseerde landen juist niét ‘bedwelmd’ werden door de lage rentevoeten. Nochtans was er alle reden om uit te gaan van een ‘ongebreidelde wedloop naar schuld’, zoals de Franse econoom Olivier Passet het uitdrukt. Zowel in de VS als in de eurozone is de globale schuld van de private niet-financiële actoren vandaag lager dan 10 jaar geleden, terwijl de reële rentevoeten negatief zijn.

Na de spectaculaire progressie in 2019, in een klimaat van matige groei van zowel economie als bedrijfswinsten, roept de waardering van de aandelenmarkten vragen op, zonder echter te verontrusten. De koers/winstverhoudingen zijn hoog in de VS  maar dat ligt vooral aan de technologiesector. In Europa en in de groeimarkten blijven de waarderingen aanvaardbaar. De hoogte van de risicopremies is geruststellend, zelfs over de Atlantische Oceaan. Vergeet ook niet dat een beurscorrectie - die we uiteraard niet wensen - niet noodzakelijk duurzame macro-economische effecten heeft. We zagen dit nog eind 2018, toen de markten 20% terugvielen.

Staatsobligaties

Voor mij ligt het grootste financiële risico elders. Nee, het is niet de kapitaalbasis van de banksector waarover men het zo vaak heeft, maar die het IMF niet in haar ‘horrorhitparade’ heeft opgenomen. Het risico ligt in een ongecontroleerde stijging van de reële rente op staatsobligaties. De rentevoeten staan vandaag waar ze staan, met andere woorden extreem laag, omdat de dominante opinie deze visie niet deelt. En toch! Vandaag kunnen zowel economie als markten rekenen op het compenserende effect van de daling van de reële rente in een inflatieloze omgeving, waarin de centrale banken superkrachten aangemeten worden. Maar, zoals Kenneth Rogoff recent nog aan herinnerde, is dit schokbrekereffect niet permanent maar incidenteel.

Daarmee wil ik niet gezegd hebben dat de rentevoeten morgenvroeg zullen ontsporen. Wel dat vermogensbeheerders en andere professionele beleggers in hun analyse van de correlatie tussen risico’s - onontbeerlijk voor hun diversificatie - niet langer Duitse, Amerikaanse of Japanse staatsobligaties kunnen beschouwen als het perfecte tegengif voor een beursdaling.

Vergrijzing, afnemende groei, onbehagen van de middenklasse, toename van het populisme en financiering van de noodzakelijke milieutransitie: de sterren beginnen op één lijn te komen

Nog minder mogen ze rekenen op vastgoed, dat zwaar te lijden zou hebben mochten de rentevoeten ook maar een beetje stijgen, bijvoorbeeld omdat de vrees zou ontstaan voor de houdbaarheid van de overheidsschulden.

Vergrijzing, afnemende groei, onbehagen van de middenklasse, toename van het populisme en financiering van de noodzakelijke milieutransitie: de sterren beginnen op één lijn te komen, opdat we op een morgen wakker worden met schrik over de terugbetalingscapaciteit van landen.

Dit betekent zeker niet dat we niet massaal moeten investeren in het verminderen van de klimaatontsporing. Maar we moeten dit onmisbaar engagement combineren met budgettaire voorzichtigheid. Het milieubeleid dwingt ook tot inspanningen elders, of het nu in de belastingen of in de uitgaven is. Anders riskeren we ons bloot te stellen aan de zware gevolgen van een stijging van de reële rentevoeten.

Lees verder

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n