Onderzoeksjournaliste

Kinderarmoede ligt me na aan het hart, niet het minst omdat ik ervaringsdeskundige ben.

De Vlaamse regering heeft beslist een extra automatische coronatoeslag toe te kennen aan kwetsbare gezinnen met kinderen. In totaal goed voor 12 miljoen euro. In armoedebestrijding is dat zonder meer een goede stap, en al zeker in dit bevreemdende jaar 2020. Hoe moet het verder? Nog preciezer: hoe moet het verder in armoede, als kind?

Morgen is de Internationale Dag van de Rechten van het Kind. Unicef brengt in herinnering dat wereldwijd een derde van de kinderen in armoede opgroeit. In ons land is dat 1 op de 5. De coronapandemie maakt de situatie nog slechter. Maar cijfers blijven anoniem, kindersnoeten niet. En al zeker niet als je je eigen reflectie erin ziet.

‘We leven op de rand’, vertelde een jongetje voor de camera tijdens een beklijvende reportage die ik jaren geleden met Phara de Aguirre maakte over kinderarmoede in Vlaanderen. Het onderwerp ligt me na aan het hart, niet het minst omdat ik ervaringsdeskundige ben. Al wisten mijn collega’s dat niet. Armoe is simpelweg taboe.

Hoe ver het ook achter je ligt, met een kinderleven in armoede pak je niet uit. Schaamte legt het zwijgen op, tast zelfwaardering aan. Schaamte over armoede is een van de meest aanvretende vormen van zelfhaat. Nu die verveld is tot een soort van liefde, zal ik nimmer met schroom over armoede spreken. Ook niet als die zich letterlijk tussen de benen manifesteert, want meisjes in armoede hebben een ‘bonuspunt’ van een taboe. Iedere maand duikt het op: menstruatie. In het Engels heet dat period poverty.

Menstruatie-armoede, een randfenomeen? Helemaal niet, zo stelt het rapport van Caritas Vlaanderen.

Bij menstruatiearmoede is er niet genoeg geld om tampons, maandverband of menstruatiecups te kopen. En dat is helemaal geen randfenomeen, stelt het rapport van Caritas Vlaanderen. Uit recent onderzoek blijkt dat 13 procent van de Vlaamse meisjes tussen 12 en 25 jaar al eens door geldgebrek geen menstruatieproducten kon kopen. Bij meisjes in armoede loopt dat op tot 45 procent. Daarnaast gaf 15 procent van de ondervraagde meisjes aan dat ze ‘wel eens school gemist heeft omdat ze ongesteld was en geen menstruatieproducten had’. Bij de meisjes die niet in armoede zaten, was dat amper 3 procent. Een grote kloof dus tussen welgestelde meisjes en arme ongestelden, tussen jongens en meisjes in armoede. Materiële deprivatie is gendergevoelig.

Menstruatiearmoede maakt meisjes inventief. ‘De helft van de Vlaamse meisjes gebruikte al wel eens een dubbel gevouwen zakdoek of een dubbele onderbroek omdat ze geen menstruatieproducten had’, stelt Caritas. Ik herinner me nog als gisteren hoe ik een washandje gevuld met een paar watten dubbelvouwde. Creativiteit brengt vaak ook onverbiddelijke stress met zich mee. ‘Ik heb dan de hele tijd schrik om een vlek in mijn broek te hebben, en dat de anderen dat gaan zien en daarmee lachen’, vertelt een meisje.

Een meisje ben ik al lang niet meer en armoede ben ik gelukkig ontgroeid, maar slechte dromen niet. Nu nog teisteren nachtmerries mij, als ware ik een Alice in Wonderland die een bloedlekkende narigheid niet kan ontkomen.

Een meisje ben ik al lang niet meer en armoede ben ik gelukkig ontgroeid, maar slechte dromen niet. Nu nog teisteren nachtmerries mij als ware ik een Alice in Wonderland die een bloedlekkende narigheid niet kan ontkomen. Maar even goed, of sterker, zijn de dromen. Geen btw voor de hygiënische bescherming van de genitale zone van vrouwen, mannen en transgenders. En op scholen gewoon gratis hygiënische bescherming als basisrecht. En uiteraard mildheid, voor jezelf en de ander, niet alleen op de Internationale Dag van de Rechten van Kind, want morgen is zo weer voorbij.

Hind Fraihi

Onderzoeksjournaliste

Lees verder

Gesponsorde inhoud