Maak nu eens eigen keuzes, zonder externe druk

Energiebevoorrading. Mobiliteit. Klimaat. Hoge belastingdruk. Vergrijzing. Investeringen in infrastructuur. De overheidsschuld. Te lage activiteitsgraad. Een weinig slagkrachtige regering. Uitdagingen waar België al mee kampte voor de verkiezingen. Na 26 mei kunnen we daar nog eentje aan toevoegen: een verdeeld en aartsmoeilijk politiek landschap. Vlaanderen stemde (extreem)rechts en Wallonië en Brussel (extreem)links. Brengt de verkiezingsuitslag een oplossing voor al die Belgische problemen dichterbij of net niet?

©BNP Paribas Fortis

Aan analyses over de verkiezingsuitslag geen gebrek. Volgens sommigen heeft de Vlaming voor ‘meer Vlaanderen’ gekozen. Anderen zien in de uitslag een bewijs dat de gemiddelde Vlaming een racist pur sang is. Nog anderen zien een signaal dat we een linkser economisch beleid nodig hebben (sic!).

Meer waarschijnlijk is de uitslag het gevolg van grote uitdagingen met een invloed op het leven van de burgers. Globalisering, digitalisering en het effect daarvan op tewerkstelling en jobkansen. Migratie en het effect op de sociale cohesie. Klimaatbeleid en het effect op de portemonnee, woning en levensstijl. De individuele burger heeft er weinig vat op maar wordt er wel voortdurend de les over gespeld. Het volk hoort enthousiast te zijn over migratie, globalisering, digitalisering, een hogere pensioenleeftijd en verregaande klimaatmaatregelen. Een deel van diezelfde burgers verstijft dan van angst en trekt aan de noodrem. Eerst mijn problemen, dan pas die van de rest van de wereld. Dat verklaart zowel de stem voor rechts in het noorden als voor links in het zuiden.

De Belgische verkiezingsuitslag past zo trouwens ook perfect in het rijtje van brexit, de verkiezing van de Amerikaanse president Donald Trump en het toenemende protectionisme. Het is een afwijzing van globalisering, vrijhandel of internationale samenwerkingsakkoorden.

Noord versus zuid

De resultaten leren (opnieuw) dat het noorden en het zuiden van het land op een andere manier naar grote maatschappelijke vraagstukken kijken. Meer solidariteit of meer verantwoordelijkheid? Meer vrijheid of meer overheid? Rijkdom als een te bestrijden kwaal of als een symptoom van succesvol ondernemerschap? Bij zowat al die vraagstukken verschillen de regio’s grondig van mening.

Kies het meest geschikte bestuursmodel. Een confederatie, drie aparte staten, een unitaire staat of voor mijn part een republiek of drie stadsstaten.

Het beleid zal die uitdagingen moeten aanpakken. Hoe zorgen we ervoor dat deze regio het binnen tien jaar veel beter doet dan vandaag? De belangrijkste vraag daarbij: is België als structuur, entiteit of begrip daarvoor een belangrijk hulpmiddel of eerder een grote hinderpaal?

Het antwoord op die vraag dringt zich op. Dat het huidige model uitgewoond is, ziet iedereen. De afgelopen jaren is geen of nauwelijks vooruitgang geboekt. Al zolang ik de Belgische economie van dichtbij opvolg, zijn er twee grote constanten. De grote sociaaleconomische problemen raken niet opgelost en de kloof tussen Vlaanderen en Brussel en Wallonië blijft even groot. Alle mooie initiatieven, plannen, witboeken, groenboeken en Marshall-plannen ten spijt. We slagen er niet in om een krachtdadig beleid te voeren. Zowel de verschillen tussen beide landsdelen als de structurele handicaps van België zijn hardnekkig. Hoe kunnen we daar ooit komaf mee maken?

Externe druk

Eén ding is zeker. De keuze tussen een voortzetting van ‘de grootste gemene deler van twee landsdelen’ of ‘elk zijn eigen weg’ zullen we niet zelf maken. Dat zullen anderen voor ons doen. De afgelopen decennia heeft België namelijk nog nooit grote knopen doorgehakt of grote problemen aangepakt omdat we dat zelf wilden. Dat gebeurde telkens onder externe druk.

Onder invloed van Duitsland devalueerde België in 1982 de Belgische frank en werd een zwaar economisch herstelprogramma doorgevoerd. In de jaren 90 werd opnieuw zwaar gesaneerd, omdat we koste wat het kost tot de eurozone moesten toetreden.

Ook toen we in 2011 na een recordformatie van 541 dagen eindelijk een regering vormden, deden we dat onder druk. Vandaag zullen financiële markten veel minder geduld hebben.

Ook toen we in 2011 na een recordformatie van 541 dagen eindelijk een regering vormden, deden we dat onder druk. Financiële markten verloren hun geduld met België, waardoor de langetermijnrente fors steeg. Alleen de dreiging van een nieuwe financiële crisis bleek voldoende dwingend om vaart te zetten achter de formatie. 48 uur later was er een regering en een begroting.

Vandaag zullen financiële markten allicht veel minder geduld hebben. Sinds die regeringsvorming in 2011 werd Trump verkozen, stemden de Britten voor brexit en zitten de wereldeconomie en de wereldhandel in het slop.

België deint als kleine open economie mee op de golven van de wereldconjunctuur, de geopolitiek en de financiële markten. In die onstuimige omgeving kunnen we ons maar op één manier drijvende houden: beter doen dan vandaag.

De enige vraag die we ons moeten stellen, is hoe we van deze regio binnen tien jaar een topregio maken. Kies het meest geschikte bestuursmodel. Een confederatie, drie aparte staten, een unitaire staat of voor mijn part een republiek of drie stadsstaten.

Laat ons nu eens zelf onze eigen weg uitstippelen naar een beter bestuurd land met meer welvaart, meer rijkdom en meer welzijn voor iedereen. Laat ons zelf voor een keer eens de moeilijke maar moedige keuzes maken. Niet omdat anderen van buitenaf ons dwingen. Wel omdat we het zelf willen.

Lees verder

Tijd Connect