Minder werken, meer geld

Caroline Ven

Ik heb het genoegen omringd te zijn door heel wat mensen die allemaal heel gedreven zijn in wat ze doen. Zowel mijn professionele kennissen als de meeste van mijn vrienden staan nog volop in het beroepsleven en als dat niet meer zo is dan nog blijven ze actief, werken ze aan een boek, nemen bestuurdersmandaten op, doen vrijwilligerswerk…

©wim kempenaers (wkb)

Werken is een vorm van zelfvervulling, geeft betekenis en houdt ten slotte ook je sociale netwerk mee in stand. Maar als je zo vlak voor een vakantieperiode eens polst naar de plannen, dan zal niemand opperen dat hij vooral veel wil werken. Nochtans zouden de lange dagen van licht meer energie moeten geven om net dan eens goed door te werken. De omstandigheden zijn ideaal om extra lange dagen te kloppen. De meesten kijken echter uit naar wat meer tijd voor zichzelf, het gezin, de vrienden. Om te reizen, te ontdekken, of soms ook wel een beetje te luieren.

Minder werken en meer geld om de dingen te doen die we graag doen, het is aanlokkelijk. Sommige politieke partijen hebben er in de afgelopen verkiezingscampagne zelfs een strijdpunt van gemaakt in de vorm van kortere loopbanen en hogere pensioenen, en zo slecht is het hen niet vergaan. De berekeningen van het Planbureau hebben echter genadeloos aangetoond dat zulke verkiezingsprogramma’s onbetaalbaar zijn.

De nieuwe regeerakkoorden concentreren zich het best op het opkrikken van de productiviteit door innovatie, investeringen en degelijk onderwijs

En toch hoeft de slogan ‘minder werken, meer geld’ geen utopie te zijn. Laat ons eens naar de geschiedenis kijken. De industrie 1.0, die na de uitvinding van de stoommachine in de jaren 1760 het levenslicht zag, bracht niet alleen economische groei, maar ook een spectaculaire verbetering van de gezondheidszorg. Die leidde dan weer tot een sterke daling van de mortaliteit en een bijbehorende stijging van de levensverwachting.

Die koppeling tussen economische ontwikkeling en welzijn heeft zich nadien in alle landen en regio’s gedemonstreerd. Niet zo erg lang geleden gebeurde dat nog in China. Daar heeft sterke industriële ontwikkeling het grootste deel van de bevolking uit de armoede getild. De Aziatische reus heeft zo de Millenniumdoelstellingen van de VN gered.

Keynes

Dat economisch en menselijk wonder begint met de vaststelling dat door de stoommachine en het gebruik van fossiele brandstof (kolen, nadien olie) het energetisch vermogen in de industrie, de efficiëntie, spectaculair steeg. De fysieke arbeid die een volwassen persoon in een jaar kon verrichten, kwam overeen met slechts 16 liter diesel.

In 1930 - zes jaar voor de invoering van het betaald verlof in België - stelde de econoom John Maynard Keynes in zijn essay ‘Economic possibilities for our grandchildren’ vast dat de technische verbeteringen in de productie en het transport sinds 1920 in een groter tempo gebeurden dan ooit tevoren. In de Verenigde Staten was de fabrieksoutput per hoofd in 1925 40 procent groter dan in 1919. Keynes concludeerde daaruit dat het economisch probleem - werken om den brode - tegen 2030 zou zijn opgelost.

Als Vlaanderen voort wil blijven bijdragen aan de droom van Keynes voor zijn kleinkinderen om de werkduur nog verder te halveren naar de beroemde 15 uur per week met een overeenkomstige groei van inkomen en kapitaal, dan moet nog een weg worden afgelegd

Maar eerst zou de wereld volgens Keynes kennismaken met een nieuw begrip: technologische werkloosheid, gedefinieerd als werkloosheid door het gebruik van middelen om te bezuinigen op arbeidskrachten. Als oplossing voor het nietsdoen stelde hij voor om drie uur per dag of vijftien uur per week te werken.

Van dat alles is al redelijk veel uitgekomen. We evolueerden van een 72-urige werkweek in 1870 naar de huidige week van 37,5 uur. Dat is een halvering. Niet alleen het betaald verlof, maar ook het dubbel vakantiegeld werd een feit, en we hebben genoten van een ongekende welvaartsstijging. De naam van dat economisch mirakel is productiviteit.

Maar als Vlaanderen voort wil blijven bijdragen aan de droom van Keynes voor zijn kleinkinderen om de werkduur nog verder te halveren naar de beroemde 15 uur per week met een overeenkomstige groei van inkomen en kapitaal, dan moet nog een weg worden afgelegd.

De toename van de productiviteit is het jongste decennium helaas stilgevallen. De nieuwe regeerakkoorden concentreren zich dus best op het opkrikken van de productiviteit door innovatie, investeringen en degelijk onderwijs. De wensdroom van minder werken en meer geld is daar een gevolg van. Het omgekeerde zou nefast zijn.

Lees verder

Tijd Connect