'Moedige sociaal juiste hervormingen'

©Photo News

De uitspraak in de titel komt van François Hollande en slaat op de Duitse aanpak van het jongste decennium, die ingezet werd door SPD-kanselier Gerhard Schröder. Daardoor heeft Duitsland voorsprong op zijn Europese buren. Niet de uitspraak verbaast, zeker niet bij de lezers van De Tijd en heel wat - vooral Vlaamse - politici. Wel de persoon die die uitspraak deed: François Hollande.

Door Louis Verbeke, voorzitter van de Vlerick Business School. Schrijft deze column in eigen naam.

Hollande deed de lofbetuiging op 23 mei in Leipzig, op de viering van 150 jaar sociaaldemocratie. Le Figaro schrijft op 24 mei dat ‘Hollande het Duitse model ophemelt’. Le Monde noemt het op 25 mei ‘een ongeziene ode aan het Schröderisme’. De krant citeert hem ook: ‘Realisme is niet verzaken aan het ideaal, maar het zekerste middel om het te bereiken’. En Le Figaro: Hollande zou meer naar Duitsland moeten gaan. Hij zegt er glasheldere waarheden die hij in Frankrijk niet durft uit te spreken. Hij herinnert aan Tony Blair, die 15 jaar geleden stelde dat economisch beleid niet links of rechts is, als het maar werkt.’

In diezelfde Le Figaro heeft de hoofdredacteur het over het daverende applaus dat Hollande kreeg op het verjaardagsfeest van de UMP (centrumrechts) in Toulon, waar hij ‘zijn dankbaarheid aan en zijn respect voor die oppositiepartij kwam uitdrukken’. Dat is in Frankrijk uiteraard fictie. Maar het was wel de realiteit bij de SPD-verjaardag in Leipzig, met Frau Merkel in de rol van Hollande. Hij verwijst ook naar de oude vriendschappen tussen de Franse rechtse leiders en de Duitse sociaaldemocraten … ten bewijze van de ideologische achterstand van het Latijnse socialisme.

Je zou uit het voorgaande kunnen afleiden dat Noord-Europese socialisten even rechts zijn als rechtse Europese Latijnen, en dat Noord-Europa het daarom economisch en sociaal (werkgelegenheid, onderwijs, gezondheidszorg) beter doet dan Zuid-Europa. Ik heb het steeds moeilijk met analyses die één enkele factor aanwijzen, daar waar je met zekerheid kunnen stellen dat er vele zijn. De (Duitse) mini-jobsdiscussie is zo een verengende analyse, enkel op zoek naar ideologische bewijzen of tegenbewijzen, bij voorkeur alle complexiteit schuwend.

Bewegen

Historici kunnen het hebben over de morele en economische vernietiging van Duitsland, het herstel en de hereniging, en de discipline en zin voor gemenebest die dat vereist heeft. Dat staat tegenover de blijvende invloed van het Franse marxisme, medeoverwinnaar in 1945, in de perceptie althans. Frankrijk en Duitsland zijn gewoon grote naties, die als gemenebest de ergst denkbare nederlagen hebben overleefd.

Het lijkt erop dat Hollande - net zoals François Mitterrand in de jaren tachtig - zal ‘bewegen’ om uiteindelijk in ’s lands belang het omgekeerde te doen van het programma waarmee hij de verkiezingen won.

Hij weet ook wel dat zelfs Frau Merkel aan haar Duitsers - minder vermogend en harder werkend dan de Fransen - niet nog méér financiële steun aan ‘L’exception française’ verkocht kan krijgen.

Overwinning

De vraag voor België is niet of dit land een nederlaag overleeft, maar een ‘overwinning’, als we afgaan op de zegebulletins van de regering-Di Rupo. Zege­bulletins die niet gewijzigd werden na de ‘ingebrekestelling’ door de Europese Commissie.

Op zondag 26 mei keek ik nog eens naar het RTBF-programma ‘Mise au point’ en het RTL-programma ‘Controverse’. Op de RTBF niets van enig belang, uit­genomen dat Kamervoorzitter André Flahaut (PS) de verhoging van de pensioenleeftijd mogelijk acht ‘als de werkgevers en de werknemers het daarover eens worden’. Een eerste bocht in het licht van het (toen) nakende ‘onvoldoende’ van Europees commissaris Rehn? De hele uitzending herinnerde mij aan de uitspraak van Vincent Reuter, toen die op de RTBF zei dat aan de Walen gewoon niet wordt gezegd hoe erg ze er aan toe zijn.

In ‘Controverse’ was er de RTL-journaliste Dominique Demoulin, een dame die dat gedoe gewoon niet pikt. Ze greep een bevraging van Sud Presse aan om een aantal zaken eens duidelijk gezegd te krijgen die zelfs Vlamingen uit ideologisch ‘Belgiëgevoel’ amper durven te zeggen: de Walen weten echt wel dat er een beter ‘modèle flamand’ is, dat het Nederlandstalig onderwijs veel beter is. Ze willen verandering, en die verandering moet via meer regionalisering en zal  opofferingen vereisen. Er kwam bevestiging uit MR-hoek - uiteraard. Maar ook uit CdH-hoek - en dat is nieuw. De PS was muisstil.

Embobiner

‘Embobiner’, was het kernwoord over het Waalse beleid: verleiden om te bedriegen (volgens Larousse). Maar niet alle PS’ers willen ‘embobiner’. Rudi Vervoort, de nieuwe Brusselse minister-president, wil verplichte inburgering en ziet de oorzaak van de hoge jeugdwerkloosheid in het abominabele (Franstalige) onderwijs, dat enkel eentaligen aflevert in een minstens drietalige stad. Vervoort is niet de eerst Franstalige politicus die dit zegt, maar naar mijn weten wel de eerste mandataris van de PS, die daar uiteraard de zwaarste verantwoordelijkheid voor draagt.

Het Leuvense onderzoeksinstituut Vives herinnerde ons nog eens aan ‘de persistent hoge regionale verschillen in werkloosheid’ in België (24 mei). Vives berekende dat in vergelijking met Vlaanderen de (gemiddelde) arbeidsproductiviteit in Brussel en Wallonië respectievelijk 17 en 18 procent lager is, en de loonkost respectievelijk 5 en 14 procent lager. Die kloof ‘bemoeilijkt’ het herstel van de werkgelegenheid. Ik voeg eraan toe dat die kloof ten dele ongedaan gemaakt wordt via ‘solidariteitsmechanismen’ die mee de transfers uit Vlaanderen en de hoge lasten op arbeid (ook in Vlaanderen) veroorzaken.

De positie van Di Rupo, het status-quo verdedigen, is net omwille van die solidariteit veel sterker dan die van Hollande, die op geen ‘derde betaler’ beroep kan doen.

Minder productief

De Europese Commissie (De Tijd, 31 mei) stelt dat alle Vlaamse provincies het beter doen dan het Bel­gische gemiddelde (met Waals-Brabant en Luxemburg nog net binnen dat gemiddelde). Luik, Hene­gouwen en Brussel doen het veel slechter. Het zijn drie PS-regio’s en dus afhankelijk van steun. Het status-quo dient vooral de PS. Wie beter presteert, moet steeds meer afdragen.

Oplossingen? Zowel de Europese Commissie (punt 3 van haar aanbeveling voor België) als Vives stelt onder meer dat de loonvorming de ontwikkelingen in de arbeidsproductiviteit moet volgen en lokale verschillen in arbeidsproductiviteit moet weerspiegelen. Kortom, een regio die minder productief is, moet minder verdienen. En dus ook minder uitgeven.

Ik schreef al in mijn bijdrage van 27 september 2012 dat je met de PS geen zinnige strategie kan voeren, dat je alleen haar onzin kan beperken. Zelfs dat laatste lijkt mij nu steeds onwaarschijnlijker. Mevrouw Onkelinx (die een regeringsmeerderheid in Vlaanderen niet nuttig vindt), premier Di Rupo (het is de schuld van de N-VA) en voorzitter Magnette (de EU is een gek gedoe) doen zowat elke dag hun uiterste best om die conclusie kracht bij te zetten.

Zij zouden beter luisteren naar Hollande… wanneer hij in Duitsland op bezoek is.

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud